
Toen Rico Brouwer in 2008 de financiële crisis zag losbarsten, begon hij te twijfelen aan de manier waarop overheden, financiële instellingen en media functioneren. De daaropvolgende onthullingen van WikiLeaks en klokkenluider Edward Snowden versterkten dat gevoel alleen maar. Waarom kregen zulke onthullingen zo weinig kritische aandacht in de media? Die vraag vormde uiteindelijk de basis voor Potkaars, het onafhankelijke journalistieke platform waarmee Brouwer sinds 2019 interviews, rechtbankverslaggeving en documentaires maakt over onderwerpen die volgens hem onderbelicht blijven.
Potkaars bestaat uit lange interviews, rechtbankverslaggeving, reportages en documentaires die voornamelijk online worden verspreid. Het platform heeft een vaste kern van ongeveer duizend trouwe kijkers, maar bereikt afhankelijk van het onderwerp soms veel grotere groepen.
Failliet van oude media

Brouwer begon Potkaars niet omdat hij per se een mediaplatform wilde opbouwen. Het begon met twijfel. Tijdens de financiële crisis van 2008 ontdekte hij naar eigen zeggen dat de wereld anders werkte dan hij altijd had gedacht. Daarna volgden de onthullingen van WikiLeaks en Edward Snowden, die volgens hem lieten zien hoe groot de macht van overheden kan zijn.
Aanvankelijk dacht Brouwer dat de oplossing in de politiek lag. Hij sloot zich aan bij de Piratenpartij en deed mee aan de Tweede Kamerverkiezingen van 2017. Uiteindelijk trok hij een andere conclusie. Als je macht wilt controleren, moet je volgens hem niet de politiek in gaan, maar journalistiek bedrijven.
“Als de traditionele media zich hadden gedragen als journalist, dan had ik dit waarschijnlijk niet zo gedaan”, zegt hij.
Een belangrijk keerpunt was voor Brouwer de zaak rond WikiLeaks-oprichter Julian Assange. In 2019 reisde hij naar Londen om verslag te doen van de eerste week van de uitleveringszaak tegen Assange, die door de Verenigde Staten werd vervolgd vanwege de publicatie van geheime documenten. Tot zijn verbazing waren Nederlandse media vrijwel afwezig. Voor Brouwer bevestigde dat zijn overtuiging dat traditionele media hun controlerende rol onvoldoende vervullen. “Je moet kritisch zijn op de macht. Als je dat niet doet, ben je marketing aan het bedrijven.”
Volgens Brouwer ontstaan nieuwe onafhankelijke mediakanalen niet omdat makers per se alternatief willen zijn, maar omdat zij vinden dat bepaalde journalistieke taken door bestaande media niet meer worden uitgevoerd.
Wel journalist
Waar veel onafhankelijke makers moeite hebben met het label journalist, gebruikt Brouwer dat woord juist wel. “Ik ben wel journalist”, zegt hij. Volgens hem heeft het woord journalistiek weliswaar een negatieve lading gekregen, maar verandert dat niets aan de kern van het vak.
Hoewel Brouwer niet bewust dagelijks de Code van Bordeaux gebruikt – de internationale gedragscode voor journalisten waarin onder meer waarheidsvinding, broncontrole en onafhankelijkheid centraal staan – herkent hij zich wel in de uitgangspunten daarvan. Hij probeert eerlijk te werken, bronnen te controleren en integer verslag te doen.
Dat betekent niet dat hij zichzelf foutloos vindt. Tijdens de coronaperiode deed Brouwer verslag van de Buitenparlementaire Onderzoekscommissie 2020. Omdat hij eerder positieve ervaringen had met de initiatiefnemers, ging hij er te makkelijk van uit dat nieuwe informatie automatisch betrouwbaar was. Achteraf vond hij dat een fout. “Bij elke keer dat je ergens verslag van doet, moet je checken of het verhaal klopt.” Toen hij ontdekte dat hij een verkeerde aanname had gedaan, corrigeerde hij dat tegenover zijn publiek. Niet om er een nieuw sensatieverhaal van te maken, maar om duidelijk te maken wat niet klopte.
Positieve hoop
De naam Potkaars verwijst naar het kaarsje in het logo. Voor Brouwer staat dat voor hoop en saamhorigheid. Hij wil niet alleen laten zien wat er misgaat, maar ook verhalen vertellen die mensen met elkaar verbinden.
Toch komt hij vaak terecht bij zware onderwerpen als klokkenluiders, rechtszaken, persvrijheid en censuur. In zijn eerste jaren interviewde hij meerdere bekende klokkenluiders, onder wie voormalig NSA-medewerker Thomas Drake en oud-CIA-medewerker John Kiriakou. In hun verhalen zag hij steeds dezelfde rode draad terug: mensen die misstanden naar buiten brengen raken vaak hun baan kwijt, worden publiekelijk aangevallen en krijgen soms ook met juridische procedures te maken. Toen tijdens de coronaperiode verschillende rechtszaken tegen de Nederlandse staat werden aangespannen, besloot Brouwer die te gaan filmen. In Nederland zijn rechtszaken in principe openbaar. Brouwer wilde zichtbaar maken wat daar gebeurde.
Rechtspraak en persvrijheid
Rechtbankverslaggeving groeide uit tot een belangrijk onderdeel van Potkaars. Brouwer filmde veel zaken waarin de overheid of de staat een rol speelde. Volgens hem waren traditionele media daar vaak niet aanwezig. Ook kwam hij in conflict met de manier waarop de rechtspraak met persaccreditatie omgaat. Hij verzette zich tegen de nieuwe persrichtlijn, omdat onafhankelijke journalisten volgens hem anders worden behandeld dan journalisten van grote media.
Volgens Brouwer gaat het daarbij om meer dan zijn eigen toegang tot rechtszalen. Het raakt volgens hem aan persvrijheid en vrijheid van meningsuiting. “Vrijheid van meningsuiting is niet alleen mijn recht om iets te zeggen, maar ook jouw recht om kennis te nemen van wat ik vertel.” Hij vindt het problematisch dat onafhankelijke journalisten afhankelijk worden gemaakt van systemen, perskaarten of organisaties die volgens hem niet neutraal zijn. Daarbij wijst hij onder meer naar de Nederlandse Vereniging van Journalisten (NVJ), die een belangrijke rol speelt bij persaccreditatie. “De rechtspraak, die openbaar moet zijn, leunt op een privéorganisatie die discrimineert op inkomen of dienstverband.”
Anders behandeld
Brouwer heeft sterk het gevoel dat onafhankelijke journalisten anders worden behandeld dan journalisten van traditionele media. Dat merkte hij niet alleen bij de rechtbank, maar ook tijdens demonstraties in de coronaperiode.
Zonder politieperskaart kon hij volgens eigen zeggen niet op dezelfde manier werken als journalisten van grote organisaties. Ook ervaart hij afstand tot de traditionele journalistieke wereld. “Het is niet per se gezellig kletsen bij de koffiemachine over je werk.” Brouwer ziet dat als een vorm van protectionisme: gevestigde media beschermen volgens hem hun eigen positie door onafhankelijke makers buiten te sluiten. Juist dat mechanisme vindt hij op zichzelf al een journalistiek onderwerp dat onderzocht zou moeten worden.
Geen succes in views
Potkaars heeft volgens Brouwer een vaste kern van ongeveer duizend trouwe kijkers en luisteraars. Daarnaast verschilt het bereik sterk per onderwerp. Een rechtszaak rond een bekende naam kan veel kijkers trekken, terwijl een reportage over de vissers op Urk veel minder aandacht krijgt. Daarom meet Brouwer succes niet in kijkcijfers. Hij verwijst naar een gesprek met Thomas Drake. Dat interview kreeg relatief weinig views, maar volgens Drake deed dat niets af aan de waarde van het verhaal. “Die cijfers zijn niet de maat van succes.” Voor Brouwer draait het er vooral om dat belangrijke verhalen verteld worden. “Ik probeer het beste te maken wat ik kan.”
Censuur en zelfcensuur

Sociale media zijn voor Brouwer onmisbaar, omdat traditionele televisie zijn werk volgens hem niet wil uitzenden. Hij zegt meerdere keren geprobeerd te hebben zijn werk onder te brengen bij gevestigde media, maar daar geen belangstelling voor te hebben gekregen.
Tegelijk is hij kritisch op sociale mediaplatforms. Volgens Brouwer maakten platforms als YouTube bepaalde onderwerpen minder zichtbaar en werden sommige video’s niet gemonetariseerd. In 2020 werd zijn YouTube-kanaal verwijderd nadat hij een advocaat had geïnterviewd die kritisch was op het coronabeleid. Volgens Brouwer liet die ervaring zien hoeveel macht grote platforms hebben. “Als je gewist wordt van YouTube, is het alsof je niet bestaan hebt.” Volgens hem leidt die platformmacht ook tot zelfcensuur. Makers die afhankelijk zijn van views en inkomsten zouden onderwerpen kunnen vermijden die platforms minder waarderen.
Radicaal onafhankelijk
Brouwer ontvangt af en toe donaties, maar zegt dat geld nooit zijn belangrijkste motivatie is geweest. Hij noemt zichzelf radicaal onafhankelijk. Dat kan mede doordat hij financieel niet volledig afhankelijk is van Potkaars. Eerder werkte hij in loondienst en stopte daarmee in 2017. “Ik wil eerlijke content laten zien. Ik hoef er geen geld voor.” Volgens Brouwer is zijn motivatie vooral intrinsiek. Hij ziet journalistiek niet als een commerciële onderneming, maar als een maatschappelijke taak.
Alternatief of gewoon media?
De term alternatieve media vindt Brouwer niet ideaal. Volgens hem zijn veel nieuwe mediakanalen inmiddels simpelweg media voor mensen die op zoek zijn naar een ander perspectief. Hij kijkt niet optimistisch naar de toekomst van de journalistiek. Niet omdat er geen onafhankelijke makers zijn, maar omdat kritisch journalistiek werk volgens hem steeds moeilijker wordt. Toch blijft hij doorgaan.
Voor Brouwer is de kern simpel: journalistiek moet de macht controleren. Als media dat niet doen, ontstaat ruimte voor mensen zoals hij. Niet omdat zij per se alternatief willen zijn, maar omdat zij vinden dat het werk anders niet gebeurt.

Kijk hier voor meer interviews in deze reeks

WAARDEER DIT ARTIKEL!
Als je dit artikel waardeert en je waardering wilt laten blijken met een kleine bijdrage, dan kan dat. Zo help je onafhankelijke mediajournalistiek in stand houden.
