Govert van Brakel: ’NPO wurgt omroepen langzaam’

Van Brakel is alweer meer dan veertig jaar op de radio te beluisteren. Hij werd bekend door zijn sportverslaggeving bij Langs de Lijn, De Olympische Spelen, twee Elfstedentochten en het Radio 1 Journaal van de NOS. Sinds 2010 is hij wekelijk te beluisteren bij De Perstribune (Omroep Max) en weet nog niet van ophouden. Van Brakel: ‘Zolang Jan Slagter mij graag wil houden blijf ik doorgaan!’

De Perstribune is een media- en sportprogramma in één. In het eerste uur is er een bekende journalist, programmamaker of presentator te gast. In het tweede uur is dit een sporter, coach of trainer. Zijn twee verschillende wereld wel goed in één programma te combineren?
Direct bij de opzet in 2010 was de Perstribune een radioprogramma op zondag dat fungeerde als overloop tussen het VPRO-geschiedenisprogramma OVT en het sportprogramma Langs de Lijn dat om twee uur begint. We wilden een brug slaan tussen deze twee programma’s en kozen daarom voor een sportgast en een persoon uit de media. Bij De Perstribune vragen we minder naar actuele zaken, zoals blessures en recente wedstrijden, maar stellen vooral persoonlijke vragen wat hen beweegt en waarom ze voor een sport hebben gekozen. Juist deze persoonlijke vragen maakt de sporter tot mensen in plaats van een robot op een veld, onder een korf of achter een net. Dat geldt ook voor de mensen uit de media. Uiteraard zoeken we wel naar een actuele aanleiding, maar uit eindelijk gaat het om de mens achter de persoonlijkheid en hoe zij geworden zijn wie zij nu zijn. De rode draad tussen de sporters en mediapersoonlijkheden is dat het om mensen gaat die nu naam en faam hebben, maar allemaal mensen van vlees en bloed zijn, die vertellen over hun angsten, onzekerheden en kleine successen onderweg naar de top die ze bereikt hebben. En dan blijkt dat de topsporter of -coach niet eens zoveel verschilt van de grote mediavrouw of -meneer.

“Ik hou niet van opnames en doe het liefst alles live.”

Je werkt nu al enige jaren bij Omroep Max. Veel Max-medewerkers geven aan dat zij bij de omroep veel vrijheid hebben om hun beroep uit te oefenen. Hoe ervaar jij dit?
Ik kan alles zeggen, zonder last of ruggenspraak. We krijgen in ons werk alle speelruimte. Omroep Max-collega’s zoals Tineke de Nooij, Jeroen van Inkel en ik hebben tientallen jaren omroepervaring en Jan Slagter vindt het ook prettig dat we daar zitten.

Sportverslaggeving gaat als een rode draad door je carrière heen. Wat maakt live verslaggeving van sportwedstrijden zo speciaal?
Ik hou niet van opnames en doe het liefst alles live. Bij live sportverslaggeving kun je in je eigen woorden vertellen wat je ziet. Als verslaggever moet je naar beelden zoeken om deze voor de radio in woorden om te zetten. Ik wens daarom iedere nieuwsverslaggever toe dat ze met live sportwedstrijden mogen beginnen. Juist daar leer je hoe je moet improviseren vanuit je eigen verbaliteit.

Is het presenteren van Langs de Lijn volgens jou het hoogst haalbare op gebied van radiopresentatie?
Voor veel radiomensen is het presenteren van Langs de Lijn inderdaad een jongensdroom. Ik luisterde vroeger als tiener naar Koos Postema, Tom Blom en Willem Ruis. Sportverslaggeving is een mooiste handvat voor je radio-ontwikkeling om in te mogen starten. Ik ben overigens nooit sportfanaat geweest, maar sport en politiek kwamen vanuit een natuurlijke belangstelling op mijn weg. Ja, dank komt een droom uit! .

Duo-presentatie heb je bij Langs de Lijn geleerd. Sinds 2016 presenteer De Perstribune samen met het Margreet Reijntjes. Radioduo’s moeten goed elkaar kunnen inspelen en elkaar aanvullen. Hoe kom je tijdig achter dat zo’n duo-presentatie ook daadwerkelijk een goede match is?
Duo-presentatie is op zich altijd lastig, maar je komt er vrij snel achter of het werkt of niet. Het vertrekpunt van twee presentatoren in één programma is dat je elkaar iets moet gunnen en elkaar niet in de weg moet gaan zitten. Je moet elkaar kunnen vinden en dan matched het. Dit gaat overigens vaak op gevoel.

“De omroepen zitten in een langzaam wurgproces van de NPO.”

In je veertigjarige carrière heb je diverse programma’s gemaakt bij NCRV, NOS en Omroep Max. Door ontzuiling en fusies, maar ook de veranderingen binnen het omroepbestel lijken deze omroepen minder een eigen onderscheidend profiel te hebben. Hebben de losse publieke omroepen volgens jou nog voldoende toegevoegde waarde?
De omroepen zitten in een langzaam wurgproces van de NPO. Al jaren worden de omroepen heel langzaam de nek omgedraaid, alleen hun doodstraf duurt erg lang. Toen ik vroeger bij de NCRV werkte was deze omroep autonoom en kreeg zij bijvoorbeeld de donderdag toegewezen, die we naar eigen believen invulden. Tegenwoordig zitten er NPO-bazen die bepalen welke omroepprogramma’s uitgezonden mogen worden. In het verleden moest ik van de NCRV op Witte Donderdag mijn sportprogramma inleveren en maakte ik met Pax Christi een Paasprogramma. Die traditie is verwaterd, een aantal jaar geleden zag ik op Goede Vrijdag bij de NCRV een tv-programma over Hypotheekrente..

Dit jaar viert Hilversum ‘100 Jaar Mediastad’. Verwacht je dat de gemeente -ondanks de snelle veranderingen in het medialandschap- deze status vast kan houden?
Ik denk het wel. Hilversum blijft gewoon dé Mediastad. Alles wat nu op het Media Park zit zal niet over een aantal jaar allemaal weg zijn. Ik vraag me wel af of alle omroepen nog over tien jaar bestaan. (lachend) Alleen Omroep Max nog misschien, omdat de grijze golf massaal naar het Binnenhof zal gaan om, in navolging van zeezender Veronica, hard te roepen: ‘Max blijft, wanneer u dat wil!’.

In het vorige decennium nam je bij NOS Langs de Lijn afscheid van radio en ging je op je 59ste met vervroegd pensioen. Je bent nu 68 jaar en laat je nog niet beïnvloeden door je pensioengerechtigde leeftijd. Hoe lang kunnen we nog van je stem op je radio genieten?
Ik zou het niet weten, maar heb de afspraak met Jan Slagter dat we beiden tijdig doorgeven wanneer het genoeg is. Ik weet dat ik een houdbaarheidsdatum heb, maar zolang Jan mij graag wil houden dn ik het ook nog gezellig vind blijf ik doorgaan!

1 Trackback / Pingback

  1. Govert van Brakel schrijft boek over 100 jaar radio - Spreekbuis.nl

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*