
Terwijl Nederland 75 jaar televisie viert, blijft de doorbraak van commerciële televisie vaak onderbelicht. In hun boek Hoe RTL Nederland anders liet kijken reconstrueren Richard Otto en Robert Briel hoe RTL vanuit Luxemburg het Nederlandse televisiebestel openbrak. Een verhaal over politieke tegenwerking, de mislukking van TV10, de redding van Joop van den Ende en twee vrijwel vergeten pioniers: Henri Roemer en Freddy Thyes.
Nederland viert 75 jaar televisie. Waarom verdient juist de commerciële televisie nu extra aandacht?
Richard Otto: “Als we terugkijken op 75 jaar televisie, gaat het al snel over de publieke omroep. Begrijpelijk, want daar begon het. Maar we vergeten soms dat de Nederlandse kijker bijna veertig jaar moest wachten op een volwaardig commercieel alternatief. Terwijl commerciële televisie in andere Europese landen al heel normaal was, bleef Nederland heel lang vasthouden aan een gesloten omroepbestel. De komst van RTL was misschien wel de belangrijkste verandering sinds de introductie van televisie zelf. Het bijzondere is dat die omwenteling niet vanuit Hilversum werd georganiseerd, maar vanuit Luxemburg. De Nederlandse televisiegeschiedenis wordt vaak beschreven vanuit programma’s en presentatoren. Wij wilden juist laten zien hoe de industrie achter die programma’s veranderde. RTL maakte van televisie een concurrerende markt. Dat is minstens zo belangrijk als de geschiedenis van de programma’s zelf.”
De titel luidt ‘Hoe RTL Nederland anders liet kijken’. Wat veranderde er daadwerkelijk? We kregen toch vooral meer spelshows en reclame?
Robert Briel: “Dat is een veel te beperkte voorstelling van zaken. Natuurlijk kwam er meer amusement en reclame, maar voor het eerst konden Nederlandse kijkers daadwerkelijk kiezen tussen concurrerende Nederlandse televisiezenders. De publieke omroep kon er niet langer automatisch van uitgaan dat iedereen wel keek. Dat veranderde alles. RTL introduceerde bovendien een andere manier van programmeren. Vaste programma’s op vaste tijdstippen, dagelijkse soaps en een veel directere relatie tussen kijkcijfers en programmering. Met programma’s als Goede tijden, slechte tijden, Rad van Fortuin en grote amusementshows ontstonden nieuwe kijkgewoonten. Ook de publieke omroep moest daarop reageren. RTL veranderde dus niet alleen zijn eigen programmering, maar beïnvloedde ook die van de publieke omroep.”
Toch kun je ook stellen dat commerciële televisie de kwaliteit van het Nederlandse televisieaanbod heeft uitgehold. Kijkcijfers werden belangrijker dan inhoud.
Otto: “Commerciële televisie heeft inderdaad geleid tot meer oppervlakkig amusement en een enorme nadruk op kijkcijfers, maar dat betekent niet dat het oude bestel beter was. De publieke omroep had decennialang een beschermde positie. Concurrentie heeft juist veel nieuwe creativiteit en ondernemerschap losgemaakt. Bovendien heeft RTL met zijn nieuwsvoorziening laten zien dat tv-journalistiek niet uitsluitend het domein van de publieke omroep hoeft te zijn. De belangrijkste verandering was dat kijkers meer invloed kregen. Als een programma niet aansloeg, kon dat gevolgen hebben. Dat was een fundamenteel andere manier van denken. Je kunt daar kritisch over zijn, maar het is moeilijk vol te houden dat het Nederlandse televisielandschap zonder concurrentie net zo vernieuwend zou zijn geworden.”
Iedereen kent Joop van den Ende, Lex Harding en Ruud Hendrik, maar vrijwel niemand kent Henri Roemer en Freddy Thyes. Hoe komt dat?
Briel: “Dat is precies waarom dit boek er moest komen. Roemer en Thyes speelden vanuit Luxemburg een essentiële rol. Zij kenden de internationale televisiewereld, de juridische mogelijkheden en de machtsverhoudingen binnen CLT, het bedrijf achter RTL. Zonder die Luxemburgse basis had RTL Véronique in deze vorm niet kunnen ontstaan. Roemer en Thyes benadrukken in het boek dat RTL Véronique vooral door samenwerking tot stand is gekomen. Lex Harding, Ruud Hendriks en andere Nederlandse betrokkenen waren van groot belang, maar het succes van een televisiezender begint niet alleen met goede programma’s. Je moet ook daadwerkelijk kunnen uitzenden. En juist daar waren de Luxemburgse kennis, infrastructuur en besluitvorming doorslaggevend. De Nederlandse televisiewereld had ideeën, sterren en programma’s genoeg. Dit bleek echter niet voldoende. Je had ook een constructie nodig waarmee je daadwerkelijk op de Nederlandse kabel kon komen.”
Jullie boek is gebaseerd op een manuscript van Roemer en Thyes zelf. Is dit niet vooral de geschiedenis zoals zij die graag herinnerd willen worden?
Otto: “Dat is een terechte kritische vraag. Het verhaal van RTL kent vele gezichten, maar juist dit perspectief ontbrak nog grotendeels. Over Joop van den Ende en de Nederlandse televisiesterren is ontzettend veel geschreven. Vanuit Luxemburg was dat veel minder het geval. Met dit boek krijgt de lezer een ander perspectief op een geschiedenis die hij dacht te kennen. Daarnaast gaat het boek ook een stuk verder dan alleen het manuscript van Roemer en Thyes. We zetten het in perspectief en context van die tijd en beschrijven ook de laatste ontwikkelingen tot aan de overname door DPG Media.”
Joop van den Ende leek met TV10 de gedoodverfde winnaar, maar verloor. Toch kun je stellen dat juist RTL zijn redding is geweest. Hoe zit dat?
Otto: “Van den Ende had met TV10 enorm geïnvesteerd. Hij had sterren onder contract, programma’s voorbereid en een organisatie opgebouwd, maar in september 1989 besloot het Commissariaat voor de Media dat TV10 niet als buitenlandse omroep kon worden aangemerkt. Daarmee viel de basis onder zijn zender weg. RTL Véronique kreeg wel toegang tot de Nederlandse kabel. Van den Ende dreigde daardoor in grote problemen te komen. RTL bood hem uiteindelijk een uitweg. Zijn programma’s en sterren konden alsnog worden uitgezonden. Maar het interessante is dat RTL Van den Ende net zo hard nodig had. RTL Véronique was aanvankelijk bepaald geen doorslaand succes. Pas met de komst van zijn grote amusementsshows kreeg de zender de echte doorbraak. Het was dus wederzijdse redding. Van den Ende had RTL nodig om zijn televisieambities te realiseren en RTL had Van den Ende nodig om massaal publiek te trekken.”
Dan komen we bij de politiek. Waarom mocht een Luxemburgse commerciële zender wel uitzenden, terwijl het Nederlandse TV10 werd tegengehouden? Dat klinkt als willekeur.
Briel: “Juridisch was er een verschil. RTL Véronique was verbonden aan een bestaande Luxemburgse omroeporganisatie. TV10 werd door het Commissariaat beschouwd als een Nederlandse onderneming die zich in het buitenland had gevestigd om de Nederlandse Mediawet te omzeilen. Maar daarmee verdwijnt de politieke verantwoordelijkheid niet. Nederland had zelf een situatie gecreëerd waarin een Nederlandse ondernemer nauwelijks ruimte kreeg om commerciële televisie te beginnen, terwijl een buitenlandse partij die mogelijkheid wel had. Dit kun je wel zien als een vreemde uitkomst, want de politiek wilde het bestaande bestel beschermen, maar gaf daarmee uiteindelijk een buitenlandse onderneming daarmee een voorsprong.”
Heeft de politiek dan bewust geprobeerd de commerciële televisie tegen te houden om de publieke omroep te beschermen?
Briel:”Er bestond veel politieke weerstand tegen commerciële televisie, dus die bescherming van de publieke omroep speelde absoluut een rol. Tegelijkertijd waren er ook politici die begrepen dat commerciële televisie niet meer tegen te houden was. Toenmalig premier Ruud Lubbers wilde de besluitvorming over commerciële televisie in 1989 doorschuiven. Minister Elco Brinkman zag juist mogelijkheden en wilde voorkomen dat Nederlands reclamegeld naar het buitenland verdween. Ook blijkt uit historische reconstructies dat het ministerie invloed probeerde uit te oefenen op de beoordeling van de commerciële initiatieven. Dat maakt duidelijk hoe politiek gevoelig de kwestie was. Maar we moeten oppassen om iedere beslissing achteraf als een complot te presenteren. Er waren ook juridische verschillen die daadwerkelijk van belang waren.”
Dus de Nederlandse overheid beschermde het eigen omroepbestel zo goed dat uiteindelijk een Luxemburgse onderneming de markt kon openbreken. Is dat niet de grootste ironie van het hele verhaal?
Briel: “Nederland wilde de commerciële televisie lange tijd buiten de deur houden, maar juist door die houding kwam de doorbraak uiteindelijk uit Luxemburg. De politiek had de ontwikkeling niet meer volledig in eigen hand. Je kunt proberen technologische en commerciële veranderingen met wetgeving af te remmen, maar ondernemers zoeken naar andere mogelijkheden. Dat zagen we toen bij televisie en dat zien we tegenwoordig opnieuw bij digitale media.”
Hoe belangrijk was de Nederlandse doorbraak van RTL eigenlijk voor de rest van Europa? Was Nederland een voorbeeld of liepen we juist hopeloos achter?
Otto: “Nederland was zeker geen Europese voorloper. In Groot-Brittannië bestond commerciële televisie al sinds 1955. Ook Duitsland, Frankrijk en Italië waren ons voor. Maar de Nederlandse situatie was wel bijzonder. RTL liet zien dat een internationale mediagroep via een grensoverschrijdende constructie een nationale televisiemarkt kon bedienen. Dat paste in de bredere Europese ontwikkeling waarbij televisie steeds minder door landsgrenzen werd bepaald. De Luxemburgse route liet zien dat een nationaal omroepbestel niet langer volledig kon bepalen wie de kijker mocht bereiken. Dat principe is tegenwoordig met streamingdiensten, YouTube en internationale mediaplatforms vanzelfsprekend, maar in 1989 was het een revolutionaire verandering.”
RTL is inmiddels onderdeel van DPG Media en valt sinds juli 2026 onder Nederlands toezicht. Is daarmee, 37 jaar na de start, de Luxemburgse omweg definitief geschiedenis geworden?
Otto: “In bestuurlijke en juridische zin is dat een opvallende afsluiting van een lange periode. RTL begon vanuit Luxemburg omdat dat destijds de mogelijkheid bood om de Nederlandse markt te bereiken. Nu is het bedrijf onderdeel van een grote Nederlands-Belgische mediagroep en vallen de Nederlandse zenders onder Nederlands toezicht. Dat laat zien hoeveel de markt veranderd is. Vroeger ging de discussie over de bescherming van de publieke omroep tegen commerciële concurrentie. Nu gaat het over de macht van grote mediaconcerns, streamingplatforms en internationale technologiebedrijven. De spelers zijn veranderd, maar de strijd om bereik, distributie, advertentiegeld en invloed is eigenlijk nooit verdwenen.”
Het boek gaat over de historie van commerciële televisie. Maakt dit boek de televisiehistorie van Nederland compleet?
Otto: “Dit boek gaat niet alleen over de televisiegeschiedenis, maar over ondernemers die tegen een gesloten systeem aanliepen, over politieke macht en over de vraag wie bepaalt welke media het publiek mogen bereiken. Dat is vandaag minstens zo actueel als in 1989.”
Het boek ‘Hoe RTL Nederland anders liet kijken – De opkomst van commerciële tv in Nederland’ van Richard Otto en Robert Briel (Tens Media) telt 144 pagina’s en kost € 19,95. ISBN 9789083197180. Verkrijgbaar bij oa Bruna, Bol.com, Libris, The Read Shop en Paagman. Het boek is ook verrkrijgbaar als ebook bij oa Ebook.nl,

WAARDEER DIT ARTIKEL!
Als je dit artikel waardeert en je waardering wilt laten blijken met een kleine bijdrage, dan kan dat. Zo help je onafhankelijke mediajournalistiek in stand houden.
