
Programma’s van de publieke omroep passen hun onderwerpkeuze steeds vaker aan de algoritmes van platforms als YouTube. Dat schrijft het FD in een analyse over de groeiende afhankelijkheid van de NPO van commerciële onlineplatforms. Onderwerpen die minder goed worden aanbevolen, dreigen daardoor minder aandacht te krijgen.
Steeds meer omroepen gebruiken YouTube en andere sociale media om met name jongere doelgroepen te bereiken. Daarmee ontstaat volgens programmamakers echter een nieuw probleem: het algoritme bepaalt in belangrijke mate welke producties veel publiek bereiken. Het FD noemt onder meer VPRO-programma Tegenlicht, dat na het verdwijnen van televisie verderging op YouTube, maar ook bij NTR-programma Andere Tijden speelt dit. Video’s over de Tweede Wereldoorlog en Koude Oorlog worden volgens de redactie veel beter door YouTube opgepakt dan onderwerpen als de woningcrisis en gezondheidszorg. De redactie probeert daarom populaire onderwerpen af te wisselen met thema’s die zij vanuit maatschappelijk oogpunt belangrijk vindt. Ook de redactie van Pointer (KRO-NCRV) probeert bewust een combinatie van beide soorten onderwerpen te blijven maken.
Elsa Gorter, manager streaming en online bij de NPO, erkent tegenover het FD dat hierdoor een dilemma ontstaat. Programma’s zouden hun inhoud niet vanwege algoritmes moeten aanpassen, maar krijgen in de praktijk wel met de gevolgen ervan te maken. De NPO werkt daarom aan verbeteringen van NPO Start. Ook onlineproducties die specifiek voor YouTube zijn gemaakt, moeten daar uiteindelijk beschikbaar kunnen komen. Daarnaast werkt de publieke omroep aan een eigen aanbevelingsalgoritme waarin niet alleen kijkgedrag, maar ook publieke waarden zoals diversiteit en maatschappelijke relevantie een rol moeten krijgen.
Lees ook:
WAARDEER DIT ARTIKEL!
Als je dit artikel waardeert en je waardering wilt laten blijken met een kleine bijdrage, dan kan dat. Zo help je onafhankelijke mediajournalistiek in stand houden.
