
Mediajournalisten Kim van Keken en Joost Ramaer halen in een scherpe blog hard uit naar de plannen voor nauwere samenwerking tussen de NPO en commerciële mediapartijen als DPG Media en RTL Nederland. Volgens de auteurs dreigt de publieke omroep daarmee juist verder af te drijven van zijn publieke taak en onafhankelijkheid.
Aanleiding voor de kritiek is het recente evaluatierapport over het publieke bestel, waarin wordt geconcludeerd dat de publieke omroep zich “op een kritiek punt in zijn levensloop” bevindt. De commissie waarschuwt dat internationale platforms als Netflix, TikTok, YouTube en Facebook steeds meer bepalen wat Nederlanders zien, horen en geloven.
Volgens Van Keken en Ramaer zou de oplossing juist moeten liggen in een sterkere focus op de publieke kernwaarden: kwaliteit, betrouwbaarheid, pluriformiteit en onafhankelijkheid. In plaats daarvan zien zij hoe politiek Den Haag en de NPO-top steeds nadrukkelijker inzetten op publiek-private samenwerking.
De auteurs zijn vooral kritisch op de rol van DPG Media en Mediahuis, die volgens hen lokaal hetzelfde doen als de grote internationale techplatforms: “zoveel mogelijk gegevens van consumenten opzuigen en die te gelde maken.” Daarbij verwijzen zij naar een uitspraak van DPG-eigenaar Christian Van Thillo, die al in 2015 stelde dat “big data” centraal staat in de advertentie- en marketingwereld.
Ook halen zij de Big Brother Award 2024 aan die Bits of Freedom aan DPG Media uitreikte vanwege vermeende inbreuken op digitale burgerrechten.
Volgens de blogschrijvers is de publieke omroep inmiddels uitgegroeid tot “een hybride gedrocht tussen publiek en privaat”. Zij wijzen erop dat een groot deel van het publieke programmabudget inmiddels naar commerciële buitenproducenten gaat, waaronder internationale partijen als Warner Bros. Discovery en Banijay.
De voorgenomen samenwerking tussen NPO en commerciële mediapartijen noemen zij daarom “hoogst ongelijkwaardig”. Vooral het idee dat populaire NPO-programma’s mogelijk via Videoland breder verspreid gaan worden, roept bij hen vragen op. “Natuurlijk wil Videoland populaire NPO-programma’s streamen. Maar ook kunst en cultuur, en edgy documentaires?”, schrijven zij.
De auteurs zijn vernietigend over het politieke draagvlak voor deze koers. Het verhaal van zogenoemde “nationale kampioenen” noemen zij “één groot doorzichtig kletsverhaal”. Hun conclusie is hard: “Met zo’n coalitie van supporters heeft de NPO geen vijanden meer nodig.”
