Het boek wordt ingehaald door video, podcasts en scrollcultuur

Nederlanders kopen per inwoner aanzienlijk minder boeken dan bijna twintig jaar geleden. Ondertussen groeien podcasts, luisterboeken en videoplatforms snel. Ook kranten en tijdschriften verschuiven van papier naar scherm. We consumeren waarschijnlijk niet minder informatie, maar wel steeds minder vaak in de vorm van een langere, geconcentreerd gelezen tekst.

Het Amerikaanse tijdschrift The Atlantic stelt in het artikel The Age of Reading Is Over dat de westerse samenleving een postliterair tijdperk binnengaat. Mensen zijn niet plotseling gestopt met het ontcijferen van woorden. Integendeel: ze lezen de hele dag e-mails, berichten, nieuwskoppen, bijschriften en sociale-mediaposts. Wat volgens auteur Rose Horowitch verdwijnt, is de gewoonte om langdurig geconcentreerd een boek, essay of uitgebreide analyse te lezen.

Ook in Nederland zijn daarvan duidelijke signalen zichtbaar. Het boek verdwijnt niet, maar wordt in de strijd om onze vrije tijd en aandacht steeds verder ingehaald door streaming, social video, podcasts en luisterboeken.

Een vijfde minder boeken per inwoner

Wie alleen naar de afgelopen paar jaar kijkt, ziet geen instortende Nederlandse boekenmarkt. In 2025 werden ruim 44 miljoen fysieke boeken en e-books verkocht. Dat was 3 procent minder dan in het piekjaar 2024, maar de afzet bleef bij fictie en kinderboeken nog wel op of boven het niveau van 2023.

Over een langere periode wordt de verandering duidelijker. In 2008 werden in Nederland 50,9 miljoen algemene boeken verkocht. In 2025 waren dat er ruim 44 miljoen. De totale afzet daalde daarmee in bijna twee decennia met ongeveer 14 procent.

In dezelfde periode groeide de Nederlandse bevolking van ongeveer 16,4 miljoen naar ruim 18,1 miljoen inwoners. Omgerekend daalde de jaarlijkse verkoop daarmee van circa 3,1 naar ongeveer 2,4 boeken per inwoner. Dat is een afname van ruim een vijfde.

Dat wil niet zeggen dat iedere Nederlander vroeger drie boeken per jaar las. Een relatief kleine groep veellezers is verantwoordelijk voor een groot deel van de aankopen. Ook worden boeken cadeau gedaan, tweedehands verkocht of via bibliotheken gelezen. De vergelijking laat echter wel zien dat het gedrukte en digitaal gelezen boek per inwoner structureel terrein heeft verloren.

Van regelmatig naar incidenteel lezen

Ook de tijd die Nederlanders aan teksten besteden, is afgenomen. Tussen 2006 en 2016 liep de gemiddelde leestijd voor boeken, kranten, tijdschriften en online nieuwsteksten terug van 4,7 naar 3,4 uur per week. Het aandeel Nederlanders dat in een week minimaal tien minuten las, daalde in dezelfde periode van 90 naar 72 procent.

Vooral de verschuiving van regelmatig naar incidenteel lezen valt op. In 2009 behoorde 51 procent van de Nederlanders tot de geregelde of frequente boeklezers. In 2018 was dat 43 procent. Het aandeel incidentele lezers steeg juist van 38 naar 48 procent. Lezen verdween dus niet, maar werd voor een grotere groep een minder vaste gewoonte.

Recentere onderzoeken laten overigens zien dat de boekleesfrequentie zich de afgelopen zes jaar heeft gestabiliseerd. In 2025 zei 46 procent wekelijks een boek te lezen en 20 procent dagelijks. De sterke historische daling lijkt daarmee niet ieder jaar in hetzelfde tempo door te zetten.

De achterstand die het gelezen boek eerder opliep, is echter niet ingelopen.

De grootste concurrent zit in de broekzak

Podcasts spelen een belangrijke rol in de verschuiving, maar de grootste concurrent van het boek is waarschijnlijk de eindeloze stroom beeld en geluid op de smartphone.

Instagram en YouTube behoorden in 2026 opnieuw tot de groeiende grote sociale platforms in Nederland. Ook TikTok groeide verder. Alle drie zijn in toenemende mate ingericht rond video, waarbij gebruikers via Reels, Shorts en gepersonaliseerde videofeeds voortdurend nieuw materiaal krijgen aangeboden.

Vooral onder jongeren is sociale media een belangrijke informatiebron geworden. Uit onderzoek van het Commissariaat voor de Media bleek dat 78 procent van de jongeren sociale media gebruikt om op de hoogte te blijven van wat er in de wereld speelt. Het feit dat berichten daar vanzelf in hun tijdlijn verschijnen, speelt daarbij een belangrijke rol.

Dat gebruik kan niet volledig als lezen worden beschouwd. Sociale-mediaplatforms zijn de afgelopen jaren sterk veranderd van tekstuele netwerken in audiovisuele platforms. Nieuws, uitleg, amusement en opinie worden steeds vaker aangeboden in filmpjes van enkele seconden of minuten.

Een boek vraagt om een bewuste keuze: het openslaan, vasthouden en gedurende langere tijd volgen van één verhaal of redenering. Een videofeed vraagt nauwelijks om een beslissing. Zodra een filmpje afgelopen is, begint het volgende. Zelfs wanneer een gebruiker zijn aandacht verliest, blijft de stroom doorgaan.

Er is geen Nederlands onderzoek dat bewijst dat iedere minuut TikTok rechtstreeks ten koste gaat van een minuut boeken lezen. Het verband is complex. Sociale media kunnen mensen zelfs op boeken wijzen en hebben onder meer de markt voor romantische fictie en Engelstalige boeken gestimuleerd.

Wel staat vast dat boeken, kranten en tijdschriften tegenwoordig concurreren met een vrijwel onbeperkt aanbod van video, series, games, berichten en meldingen. KVB Boekwerk concludeerde al eerder dat beeldschermen steeds meer vrije tijd opeisen, waarbij mensen eerder voor een socialmediafeed of serie kiezen dan voor een e-book.

Podcasts en luisterboeken winnen snel terrein

Naast beeld groeit ook audio sterk. In 2025 telde de Nederlandse podcastmarkt volgens de NMO Podcast Standaard 4,3 miljoen wekelijkse gebruikers. Dat was 53 procent meer dan in 2024. Het aantal gemeten downloads steeg met 43 procent tot ruim 581 miljoen. Nieuws was met een aandeel van 42 procent veruit de grootste categorie.

Ook binnen de boekenmarkt verschuift consumptie van lezen naar luisteren. In 2021 zei 19 procent van de Nederlanders weleens een luisterboek te gebruiken. In 2025 was dat opgelopen tot 25 procent.

De omzet uit door CB gedistribueerde e-book- en luisterboekabonnementen groeide in 2025 volgens een voorlopige schatting met 36 procent. Abonnementsdiensten waren daardoor goed voor 62 procent van de omzet binnen de digitale boekenmarkt.

Dat is niet automatisch slecht nieuws voor het verhaal of de uitgever. Een luisterboek kan dezelfde inhoud bevatten als een gedrukt boek en een journalistieke podcast kan meer diepgang bieden dan een kort online bericht.

De cognitieve ervaring is wel anders. Luisteren kan tijdens het autorijden, wandelen, sporten of huishouden. Juist die mogelijkheid om media te combineren met andere bezigheden verklaart een deel van de populariteit. Het boek vraagt vaker om exclusieve aandacht; audio past tussen bestaande activiteiten door.

De krant wordt online deels gered

De afname van papier betekent bij kranten niet automatisch dat journalistieke merken hun publiek verliezen. Op een gemiddelde dag bereikten papieren dagbladen in 2024 nog ongeveer 3,6 miljoen Nederlanders. Digitale replica’s van de krant bereikten dagelijks ruim een miljoen lezers. Krantensites en nieuwsapps trokken daarnaast gezamenlijk meer dan vijf miljoen dagelijkse bezoekers.

De digitale kanalen vangen de papieren daling dus voor een belangrijk deel op. Maar ook hier verandert de consumptievorm. Wie een digitale editie opent, leest mogelijk nog steeds uitgebreid de krant. Een bezoek aan een nieuwsapp kan daarentegen ook bestaan uit het bekijken van één kop, een pushbericht, een video of een kort liveblog.

Het bereik blijft dan bestaan, maar de concentratie en leestijd per afzonderlijk verhaal kunnen afnemen.

Tijdschriften werden digitale mediamerken

Bij tijdschriften is de langetermijndaling van papier nog duidelijker. Sinds de eeuwwisseling verloren de Nederlandse omroepbladen en vrouwenweekbladen meer dan 60 procent van hun betaalde oplage. Bij de omroepbladen daalde de gezamenlijke weekoplage van ongeveer 4,5 naar 1,8 miljoen. Vrouwenweekbladen zakten van circa 1,5 miljoen naar minder dan 600.000 exemplaren.

Veel uitgevers hebben die daling beantwoord door van tijdschrifttitels brede mediamerken te maken. Ze publiceren naast het papieren blad via websites, apps, nieuwsbrieven, video, evenementen, sociale media en podcasts. Bij een deel van de magazinemerken is het digitale bereik inmiddels groter dan het bereik van de gedrukte uitgave.

Daarmee wordt bereik online opgevangen, maar niet noodzakelijk de oorspronkelijke manier van lezen. Het rustig doorbladeren van een tijdschrift wordt vervangen door losse artikelen en filmpjes die via zoekmachines, sociale media en algoritmische aanbevelingen worden gevonden.

Niet minder informatie, maar minder diepe aandacht

Nederlanders zijn dus niet massaal opgehouden met lezen. Het recente boekgebruik is redelijk stabiel, miljoenen mensen lezen dagelijks een krant en geschreven journalistiek bereikt online een groot publiek.

De grotere verandering is dat geschreven media hun dominante positie hebben verloren. Het boek, de krant en het tijdschrift moeten concurreren met media die goedkoper, sneller, mobieler en voortdurend beschikbaar zijn. Daarbij worden podcasts en video niet alleen voor amusement gebruikt, maar steeds vaker ook voor nieuws, achtergronden, uitleg en opinie.

Dat maakt de waarschuwing van The Atlantic ook voor Nederland relevant. Een postliteraire samenleving is geen samenleving waarin niemand meer woorden kan lezen. Het is een samenleving waarin langdurig lezen niet langer de vanzelfsprekende manier is om kennis en cultuur over te dragen.

Die ontwikkeling raakt meer dan het verdienmodel van boekhandels en uitgevers. Uit PISA-onderzoek bleek dat 33 procent van de Nederlandse vijftienjarigen mogelijk onvoldoende leesvaardig het onderwijs verlaat.

Het probleem is daarom niet dat video en podcasts bestaan. Beide kunnen informeren, inspireren en verdieping bieden. Het risico ontstaat wanneer vrijwel alle informatie wordt teruggebracht tot content die snel, eenvoudig en zonder langdurige inspanning moet kunnen worden geconsumeerd.

Het gelezen boek is nog niet verdwenen. Maar in de strijd om onze aandacht is het inmiddels wel ingehaald door kijken, luisteren en eindeloos scrollen.