
(deel uit mijn Leo- Majorlezing bij het vieren van de bevrijding van Zwolle; uitgesproken op 13 april 2026)

Weet u nog wie Mohammed Saeed al-Sahhaf was? U moet dan wel wat ouder dan 30, 35 jaar zijn denk ik. ‘Bagdad Bob’ was zijn bijnaam. Hij was minister van informatie onder Sadam Hoessein in Irak. Hij verklaarde in april 2003 live op camera: ‘Er zijn geen Amerikaanse troepen in Bagdad’. Achter hem trokken die Amerikaanse troepen zo ongeveer de stad binnen. Het is een wat hilarische illustratie van het gegeven dat in iedere oorlog de waarheid als eerste sneuvelt. Het was in ieder geval een opzichtige leugen. De Amerikanen vielen Irak binnen om Saddams nucleaire, biologische of chemische assavernietigingswapens te ontnemen. Weapons of mass destruction. Ze werden niet gevonden, want hij had ze niet. Er lag hier een veel verder reikende leugen als basis onder de oorlog.
Leugens zijn kennelijk nodig voordat een oorlog begint, maar zeker ook tijdens de oorlog – en vaak na afloop. Adolf Hitler was er duidelijk over in Mein Kampf. Je moet de leugen zo groot maken dat mensen zich niet kunnen voorstellen dat het allemaal niet waar is. Dat ze in de grote leugen willen leven en erin willen geloven. De grote leugen rechtvaardigt daarna alles: oorlog, moord, uitsluiting, de vernietiging van joden. Een grote leugen is niet alleen het afwezig zijn van de waarheid; hij schept een nieuwe werkelijkheid die de waarheid vervangt. De valse verhalen vernietigen de echte verhalen, die iedereen ooit deelde.
Om alles te begrijpen, om grip te krijgen op ons leven en onze tijd, hebben we verhalen nodig. Die van vroeger, over de oorlog en daarna. Die van nu, van oorlogen en doden en dreigementen. En beelden, zou ik er aan toe willen voegen. Zoals die van de aarde, die in al zijn schitterende blauwe kwetsbaarheid ondergaat achter de maan. U heeft de Artemisfoto’s vast gezien – deze vorm van inspiratie en schoonheid en hoop kon ik wel even gebruiken, net als toen vanochtend de zon eindelijk weer opging boven Boedapest.
Beelden, en verhalen, bouwen onze gezamenlijke werkelijkheid. Journalisten doen -als het goed is- hun best daarbij de waarheid, de werkelijkheid te dienen. Ik ben vanaf mijn zeventiende journalist, eerst bij de krant en toen bij de tv. In 1988 begon ik bij de NOS, in een periode dat een cameraploeg nog vol ontzag werd binnengehaald. Dat was misschien wat overdreven maar wat er nu gebeurt is dat ook. Je kunt eerder verwensingen of vuisten in je richting krijgen.
Wij proberen de werkelijkheid te benaderen, in losse plakjes per dag of per week. De eerste schets met potlood van de geschiedenis, aan de oppervlakte – natuurlijk vaak later gecorrigeerd. En nu is er vast veel op journalistiek aan te merken, maar er is een onderliggend uitgangspunt, een gezamenlijke basis: onder de verhalen liggen feiten. Gecontroleerd en bevestigd en vastgesteld. Onafhankelijk, óók een vrucht van de destijds herwonnen vrijheid.
Onze ambitie is dat we de mensen voor wie wij werken aan het end van de dag wat wijzer maken over de wereld heel dichtbij en ver weg, opdat zij zich daarover een op feiten gebaseerd eigen oordeel kunnen vellen. Dat we de macht controleren: speaking truth to power.
Transparantie over keuzes en aanpak, innovatie, het mag een stuk sterker dan nu, maar uiteindelijk is ‘de’ journalistiek controleerbaar en te toetsen aan wet en codes. Journalisten en journalistieke organisaties zijn de poortwachters van de verhalen die samen de door ons gedeelde werkelijkheid vormen.
Het kan best een gevaarlijk vak zijn. De meest risicovolle journalistiek is oorlogsverslaggeving. Tot ergens end vorig eeuw was het meestal voldoende om met grote letters ‘PRESS” op je auto te schilderen, dan was je wel veilig. Totdat de vechtende partijen erachter kwamen dat journalisten ook buit waren, met hun dure spullen en dollars. Dat was misschien nog cynisch. Maar er is een veel treuriger variant: als je journalisten doodt, de verhalen blokkeert, voorkom je dat u en ik en al die anderen te weten komen wat kennelijk weggestopt en ontkend moet worden: waarheid, de dodelijke waarheid.
Nooit zijn er in één jaar zoveel journalisten gedood als vorig jaar, vooral in Gaza. Al ergens in 2004 kwam er een gedenkboek uit over journalisten die het niet hadden overleefd. ‘Dying to tell the story’, heet het, in zijn dubbele betekenis. ‘Dying to tell the story’.
En ja, wat blijft er van ons over, wat hebben we nog gemeen, als er geen werkelijkheid meer te bouwen is door gebrek aan feiten, betrouwbare verhalen, oprechte en integere pogingen tot een eerste schets van de geschiedenis? Mijn excuses hier – dit is niet allemaal licht en gezellig.
Maar als de verhalen ontbreken: Wie zijn wij dan straks, wanneer net als in het Zwolle van in de oorlog -en op al die andere plekken- de waarheid in duizend stukjes is versplinterd?

1 Trackback / Pingback
Reacties zijn gesloten bij dit onderwerp.