In de erkenning voor de Nederlandse gamesindustrie vanuit Den Haag liggen nog kansen

Martine Spaans is general manager van Dutch Games Association. Deze belangenvereniging voor de Nederlandse game-industrie organiseert, samen met het gamemagazine Control, op 6 oktober de Gamesdag tijdens de Dutch Media Week.

Met Spaans praten wij in dit interview en podcast over de huidige stand van zaken in de Nederlandse gameswereld en de rol van Nederlandse gamesbedrijven in het buitenland én gamesopleidingen. Hiernaast vragen over of de Mediastad nog een plek kan zijn voor gamesbedrijven, nadat Spil Games uit Hilversum vertrok en wat er nog te winnen valt in politiek Den Haag voor – de erkenning – de economisch sterke gamesindustrie. In deze tekst halen we enkele highlights uit de podcast. Het hele gesprek is als podcast te beluisteren.

Na een jaren van organisatorische stilte werden in 2021 weer de Dutch Games Awards uitgereikt, dat zal ook gebeuren tijdens de 2022-editie van Gamesdag. “Ik kijk er naar uit dat de Gamesdag weer een toevoeging is aan de Nederlandse evenementenkalender. De Control Conference is in 2017 weggevallen, die komt dit jaar weer terug. In de tussentijd was er maar één andere Nederlandse conferentie. Een keer per jaar is vrij weinig om elkaar als gamesindustrie te zien en te spreken. Ook buitenlandse gasten kunnen we ontvangen en vertellen over de ontwikkelingen binnen de Nederlandse game industrie.” Spaans zegt dat recent in Keulen Gamescom (consumentenbeurs met 260.000 bezoekers en businessbeurs met 20.000 professionals, red.) is georganiseerd, waarbij 25 Nederlandse gamebedrijven waren uitgenodigd om zich aan de gamewereld te laten zien.

De Nederlandse gamesindustrie bestaat uit ruim 500 bedrijven en brengt elk jaar zo’n 225-300 miljoen euro (cijfer 2018) op voor de Nederlandse schatkist. Toch blijkt uit research dat Den Haag games politiek gezien nog niet op de agenda heeft staan. Het woord games komt in weinig debatstukken terug, behalve een recente discussie (30 juni 2022, red.) over zogenaamde lootboxes (digitale schatkisjes die aan games worden toegevoegd, red.) die vragen opriep van CDA Kamerlid Bontebal. De risico’s en regulering van games zijn in rapporten van bijvoorbeeld het Trimbos instituut wel onderwerpen die politiek aandacht krijgen. Games, zo blijkt uit hetzelfde onderzoek leveren ook voordelen op bij mentale- en sociale gezondheid en zorgen voor taalverbetering en sociale vaardigden. Martine Spaans: “We zien wat betreft erkenning van onze gamesindustrie door de politiek nog wat kansen liggen. We zijn bezig om meer stappen te maken richting Den Haag, daar liggen vooral vragen over de eerste beschreven lootboxes.” In de Volkskrant pleit de gamessector voor een gesprek met de Rijksoverheid. In de podcast gaat Spaans dieper in op het pleidooi richting Den Haag, in deze tekst zegt ze alvast: “We willen in Den Haag voornamelijk het complete plaatje laten zien van de gamesindustrie, bijvoorbeeld dat de industrie floreert, maar ook steun te kort komt. In landen zoals Duitsland en Finland zijn veel subsidieregelingen speciaal voor games en gamebedrijven. Over de lootboxes hebben wij als Dutch Games Association zelf ook een statement gemaakt. Games hebben ook een positief effect. Er wordt teveel ingezoomd om het negatieve effect zoals verslaving en geweld. Dat is maar een heel klein effect van de gamesindustrie.”

Spaans onthult in het gesprek dat op 6 oktober tijdens de Gamesdag op Dutch Media Week een actuele Games monitor zal worden gepresenteerd over de industrie.

In het gesprek met Martine Spaans komt de recent gehouden Gamescom beurs een paar keer ter sprake. Dat heeft ook een nieuwswaardige aanleiding. De Vlaamse minister van Media Benjamin Dalle zei in Keulen dat de Vlaamse en Belgische gamessector ‘worden onderschat’. “Maar de kwaliteit en de diversiteit van de games die ik hier zie, is ronduit indrukwekkend!,” vulde Dalle aan. Het hele nieuwsbericht is hier te lezen. De Vlaamse minister komt met het gamesplan Level Up om de sector naar een hoger niveau te tillen. Spaans: “Zijn plan is wel iets waar wij in Den Haag naar zouden kunnen wijzen. Kijk eens hoe goed het daar gaat. Een aantal jaren geleden keek de Belgische gamesindustrie nog naar Nederland. We zijn door hen ingehaald.” Spaans zegt dat zij graag in gesprek zou gaan met minister Dalle.

De Nederlandse gamesindustrie bestaat ongeveer uit 575 bedrijven die samen zo’n 4000 medewerkers hebben. “Er zijn in Nederland twee soorten gamesbedrijven; die entertainmentgames maken en applied games, de laatste hebben een sociale- en maatschappelijke rol en impact.” Spaans vertelt in het interview dat voor beide categorieën op 6 oktober Game Award zullen worden uitgereikt. De nominaties zijn inmiddels bekend. “Ik zie geen duidelijke verandering dat Nederland meer een land aan het worden is waar meer applied games worden gemaakt. We kunnen onze marktpositie hierin goed behouden. In de entertainmentgames zit een goede groei. Dit is mede te danken aan het Amsterdamse  Guerilla Games (recent overgenomen door Sony, red.). Hiernaast zijn er veel mkb-middelgrote studio’s die mooie games uitbrengen en het wereldwijd goed doen.”

Martine Spaans zei in de NRC van 7 oktober 2021 dat 2021 een ‘investeringsjaar’ was voor de Nederlandse gamesindustrie. In de podcast is hierop het antwoord te beluisteren.   

In de tekstversie van het gesprek laten we Martine Spaans alvast kort aan het woord over zogenoemde Visie 2030 die Dutch Games Association heeft opgesteld. “Die houdt in dat wij als Nederland een nett-export land worden. Momenteel wordt er door Nederlandse consumenten meer geld aan buitenlandse games uitgegeven, dan dat er vanuit Nederland – de binnenlandse industrie – opbrengt.” Hoort bij de visie ook de wens van Dutch Games Association om de nieuwe Angry Birds of nieuwe Sony game te maken? “Ik denk niet dat dit de insteek moet zijn. Uiteindelijk is het wel belangrijk. We zijn een vereniging van een branche die moet presteren ook op werkgelegenheidsniveau. Daar is economisch resultaat voor nodig. Op het wereld gamestoneel telt mee dat een game uiteindelijk vaak genoeg verkocht wordt. Dat trekt ook talent vanuit het buitenland aan. Om op het wereldtoneel als Nederland veel te bereiken zullen we onderling als Nederlandse industrie moeten samenwerken, bijvoorbeeld op kennisuitwisseling. Er zijn in de afgelopen jaren games uitgekomen die het commercieel goed hebben gedaan. Nederland is hiermee goed vertegenwoordigd.”

Hilversum Mediastad was lang een favoriete plek voor Nederlandse gamebedrijven. Spil Games was ‘het paradepaardje van de creatieve industrie in Hilversum,’ zei voormalig mediawethouder Wimar Jaeger. Niet lang daarna reorganiseerde het bedrijf en vertrok naar Schiphol-Rijk. Ook de Dutch Games Garden die in 2014 werd geopend in het Rotogebouw is inmiddels verhuisd naar Utrecht. De gamesindustrie- en opleidingen zijn tegenwoordig te vinden in Utrecht (Hogeschool voor de Kunsten en het Games Research Centre van de Universiteit van Utrecht, red.), in Rotterdam, in Amsterdam, aan de Hanzehogeschool in Groningen en aan de Breda University. Breda is momenteel de Games City van Nederland. Deze stad profileerde zich duidelijk tijdens de eerder genoemde Gamescom in het Duitse Keulen. Hilversum lijkt de game te hebben verloren.

Spaans: “Hilversum is voor de gamesindustrie niet zo’n hub als dat het is voor radio en tv. Maar je ziet wel veel crossovers tussen de industrie. Naast het gebruik van games als ondersteuning van televisieprogramma’s, vinden er steeds meer muziekoptredens plaats in onlinegames, naar dat soort hybrides gaan we toch toe. Contentproductie groeit meer naar elkaar. Daarom is het ook heel belangrijk dat wij als Dutch Games Association deelnemen aan Dutch Media Week.” Martine Spaans werkte jarenlang zelf bij Spil Games. “Dat Spil Games toen die rol vervulde, wil niet zeggen dat dit met een ander gamesbedrijf niet nog een keer kan gebeuren. Het ligt ook aan een goed vestigingsklimaat in Hilversum. Het zou goed zijn om dit te weer te bespreken met mediawethouder Karin Walters en vanuit Dutch Games Association onze behoeftes kenbaar te maken en hoe hier op ingespeeld kan worden. Hilversum is zeker geen gepasseerd station.”

Beluister hier het hele interview met Martine Spaans:

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*