Blog Ton Verlind: ‘Publieke Omroep op dood spoor’

Wie een goed beeld wil krijgen van de deplorabele toestand waarin de publieke omroep zich bevindt, kan het best zelf het integrale rapport lezen dat de visitatiecommissie gisteren uitbracht. Vrijwel alle media pikken eruit wat in het eigen straatje past, met de hoofdprijs voor Nieuwsuur, dat gisteravond vrijwel voorbijging aan de zeventig pagina’s waarin het failliet van het totale bestel werd beschreven, en zich beperkte tot de twintig pagina’s waarin Ongehoord Nederland werd gekapitteld.

Het ontstaan van Ongehoord Nederland op zich is al het resultaat van gemiste kansen. Kansen die de omroepen voorbij lieten gaan door géén gevoel te tonen voor de tijdgeest c.q. de veranderende maatschappelijke ontwikkelingen rechts van het midden. KRO-NCRV, AVROTROS, MAX: ze slaagden er niet in de wildgroei aan omroepen op die rechtervleugel te beperken met een serieus te nemen, journalistiek verantwoord antwoord. Zo plopte eerst WNL op, dat het gat niet echt dichtte, en daarna Ongehoord Nederland, dat er van de visitatiecommissie stevig van langs krijgt vanwege zijn activistische koers, uitgewerkt in een slordige, journalistiek onprofessionele aanpak.

Andere omroepen dan Ongehoord Nederland worden niet kritisch beschouwd, hoewel er ook wel wat te zeggen valt over hoe bijvoorbeeld de VPRO de plank missloeg met zijn bijgekleurde Kaag-documentaire, Tim Hofman samen met getroubleerde getuigen een fanatieke manhunt opende op Tweede Kamerlid Gijs van Dijk, die door de rechter werd vrijgesproken van het grensoverschrijdende gedrag waaraan Hofman veel kostbare zendtijdminuten besteedde. Denk ook aan de nepwebsite die het programma BOOS optuigde om huisjesmelker Cees van Leeuwen in de val te lokken, of de niet-onderbouwde beschuldigingen van Pointer aan het adres van Wierd Duk dat hij de omvolkingstheorie zou verspreiden. Dat programma trok een discutabele conclusie die leidde tot een reprimande van de Ombudsman, een terechtwijzing die Pointer hautain naast zich neerlegde.

Opnieuw beginnen

Ongehoord Nederland verzet zich heftig tegen het negatieve oordeel door de validiteit van de visitatiecommissie en de Ombudsman ter discussie te stellen. Mogelijk zijn daarvoor redenen, want hoe onafhankelijk zijn beide instituten als de Raad van Bestuur van de publieke omroep -als gevestigde macht- zo’n belangrijke vinger in de pap heeft bij de benoeming ervan? Toch is het een zwak verweer om de integriteit van de criticus ter discussie te stellen in plaats van de argumenten te beoordelen. Er is inmiddels voldoende reden voor ON om ook eens aan zelfonderzoek te doen. De omroep blijft echter bij zijn huidige koers, zo liet directeur Peter Vlemmix weten. Misschien zou het beter zijn eens een streep te trekken onder alle gedoe en opnieuw te beginnen, nu met een goede journalistieke ondergrond die overigens best mag schuren.

Waardering voor het onzichtbare Zwart

Opmerkelijk mild is de visitatiecommissie over die andere nieuwkomer: Omroep Zwart, die in dit rapport de hand boven het hoofd wordt gehouden. Journalistiek gezien reed Omroep Zwart volgens de visitatiecommissie geen scheve schaats, maar dat kon ook nauwelijks, want de omroep doet vrijwel niet aan journalistiek, zo valt in datzelfde rapport te lezen. De omroep was op televisie en in het publieke debat vrijwel onzichtbaar en vergoelijkt dit met het argument dat Zwart zich vooral online manifesteert. Maar betrouwbare cijfers over de resultaten ontbreken. De kijkers van Omroep Zwart zijn tevreden, zo zegt de visitatiecommissie, om er meteen aan toe te voegen dat het er te weinig zijn om er een betrouwbaar oordeel aan te kunnen ontlenen. En ja, de fans die de programma’s van Zwart wél uitkijken, zullen ongetwijfeld tevreden zijn over wat ze zagen, maar een betrouwbare parameter voor succes vormen ze niet. Desalniettemin leverde de omroep volgens de commissie een waardevolle bijdrage aan de pluriformiteit. Zwart wordt dus vooral bejubeld omdat de omroep -anders dan ON- géén rimpelingen veroorzaakte in de Hilversumse vijver. Hier wordt niet-opvallen dus benoemd als een verdienste.

Als je het rapport van de visitatiecommissie leest, vind je daarin de beschrijving van de publieke omroep als een zwalkend schip met te veel kapiteins. De NPO -het coördinerend orgaan- bestaat uit een tweekoppige raad van bestuur, zeven directeuren, 39 afdelingen met evenzoveel managers en een personeelsbestand van 550 fte. Desondanks is er onvoldoende strategie, geen gedeelde visie, geen uitgewerkt plan rond de vraag hoe de omroep zijn rol als beschermer van de democratie vervult en welke verantwoordelijkheid het bestel neemt in het bijeenhouden van de samenleving. Hilversum doet maar wat en stelt sommige resultaten mooier voor dan ze zijn. Precies die elementen die ik in eerdere columns vaak heb benoemd. Dat is overigens niet alleen de omroepen te verwijten. Al twintig jaar worden ze door de politiek in hun nek gehijgd met hervormingen die bedoeld waren om het bestel te versterken. Het tegendeel gebeurde. De omroepen verpieterden, hun profiel verbleekte en het geheel belandde op een dood spoor, zo blijkt nu. Intussen rukten Big Tech en de alternatieve media in groten getale op. De Omroephuizen-in-oprichting zijn de zoveelste cosmetische — en sabotagegevoelige — ingreep waarvan we nu al weten dat die niet de oplossing is, maar slechts het verlengen van het lijden. Dat gaat zo door zolang onduidelijk blijft wie het bij de publieke omroep echt voor het zeggen heeft. De politiek koerst op het terugdringen van de rol van de NPO en het versterken van de omroepen; de visitatiecommissie adviseert precies het omgekeerde. Dat blijft dus touwtrekken.

TON VERLIND