Internationale videoplatforms pakken helft van kijktijd in Denemarken en Noorwegen: hoe staat Nederland ervoor?

Internationale videoplatforms zijn inmiddels goed voor de helft van alle videoconsumptie in Denemarken. Dat blijkt uit nieuw onderzoek van Mediavision. Het aandeel van internationale streamers steeg in korte tijd van 47 procent in het najaar van 2025 naar 50 procent in het voorjaar van 2026. In Noorwegen ligt dat aandeel zelfs al op bijna 55 procent.

Volgens Mediavision verschuift de videomarkt in hoog tempo van traditionele televisie naar online video, streaming en social videoplatforms. Vooral jongeren besteden steeds meer kijktijd aan sociale platforms en korte mobiele video’s. Traditioneel tv-kijken neemt daardoor in hoog tempo af.

In Noorwegen is die ontwikkeling het sterkst zichtbaar. Sinds 2017 is de gemiddelde dagelijkse kijktijd naar traditionele televisie daar meer dan gehalveerd. Tegelijkertijd groeide het gebruik van online video en social video explosief. Meer dan 20 procent van alle videoconsumptie in Noorwegen vindt inmiddels plaats via socialmediaplatforms.

De onderzoekers verwachten dat de druk op lokale omroepen en streamingdiensten verder zal toenemen. Internationale platforms concurreren niet alleen met lineaire televisie, maar steeds nadrukkelijker ook met elkaar om schermtijd, aandacht en advertentie-inkomsten. Daarbij spelen vooral mobiele video en shortform-content een steeds grotere rol.

Nederland

Hoewel Nederland in het Mediavision-onderzoek niet wordt genoemd, zijn vergelijkbare ontwikkelingen ook hier zichtbaar. Traditioneel lineair tv-kijken daalt al jaren, terwijl streaming, YouTube, TikTok en andere online videoplatforms juist groeien. Uit cijfers van het Nationaal Media Onderzoek blijkt dat vooral jongere doelgroepen steeds minder tijd besteden aan lineaire televisie. Tegelijkertijd winnen internationale spelers als Netflix, YouTube, TikTok, Disney+ en Amazon Prime Video terrein in het dagelijkse mediagebruik. Nederland lijkt daarmee dezelfde kant op te bewegen als Scandinavië, al speelt lineaire televisie hier nog relatief een grotere rol bij oudere doelgroepen en live-evenementen zoals sport, nieuws en grote entertainmentprogramma’s. Toch verschuift de concurrentie steeds meer naar een strijd om totale schermtijd tussen internationale platforms, sociale media, streamingdiensten en traditionele mediabedrijven. Voor Nederlandse mediapartijen betekent dat niet alleen concurrentie op contentniveau, maar ook op technologie, distributie, data, communityvorming en advertentie-inkomsten. Vooral social video groeit uit tot een structurele concurrent van zowel televisie als traditionele streamingdiensten.