Evaluatiecommissie NPO maakt eindrapport openbaar

Vandaag heeft de commissie die de NPO evalueerde haar eindrapport aan de raad van toezicht van de NPO aangeboden.

De commissie meldt: ‘De Nederlandse Publieke Omroep is van grote waarde voor de hele Nederlandse samenleving en verdient juist nu steun van de politiek. De NPO-organisatie en omroepen leveren in veel opzichten een goede prestatie, zeker gezien de komst van internationale mediabedrijven, de steeds verdergaande ontwikkelingen op het internet, de voortdurende politieke discussies en de complexe inrichting van het omroepbestel. ‘

Uit onderzoek blijkt dat kijkers en luisteraars de programma’s van de NPO hoog waarderen en de publieke waarde ervan herkennen en ook het bereik richting de Nederlandse bevolking nog op peil is. Ook het aantal gebruikers en bezoekers van omroepsites en on-demand diensten NPO Start en NPO Start Plus groeit.

Toch zijn er een aantal verbeterpunten, waarvan betere interne samenwerking de belangrijkste is. Het rapport met conclusies en aanbevelingen voor de toekomst is aan de voorzitter van de raad van toezicht van NPO, Tjibbe Joustra, gestuurd.

De voortdurende onzekerheid over de financiën, de steeds wijzigende regelgeving, de onduidelijkheid over de taakverdeling en de mede daardoor botsende belangen tussen NPO-organisatie en de omroepen staan een slagvaardige besturing van de publieke omroep in de weg. Om de publieke omroep ook in de nieuwe concessieperiode vitaal te houden, vindt de commissie dat de raad van bestuur en omroepen vaker en beter met elkaar in gesprek moeten over de strategie van de NPO en over de onderwerpen die van belang zijn voor de realisatie van zijn publieke opdracht.

De evaluatiecommissie meldt: ‘De raad van bestuur heeft daarin de regie, zonder voorbij te gaan aan de inhoudelijke opdracht van de omroepen. Op hun beurt is het belangrijk dat omroepen zich betrokken tonen en meedenken en -werken vanuit het gezamenlijk belang van de NPO. De publieke omroep heeft baat bij rust op het gebied van financiering en interne organisatie van de NPO. Er is voldoende budget en bijbehorende financiële zekerheid nodig, ongeacht de ontwikkelingen in de reclame-inkomsten. De commissie raadt de overheid aan niet nu al weer te sleutelen aan net ingevoerde wetswijzigingen over interne verhoudingen en besluiten over de inhoud of het aantal netten en zenders aan de NPO te laten.’

De commissie geeft in het rapport aan dat de omroepen een waardevolle bijdrage aan de pluriformiteit van het aanbod leveren , maar de optelsom daarvan is niet over de volle breedte representatief voor de hedendaagse samenleving. De commissie constateert dat pluriformiteit niet altijd genoeg aanwezig is en beveelt daarom aan om op het punt van pluriformiteit met een lange termijn strategie te komen. Ook voor wat betreft gezichtsbepalende genres, jongeren, online en diversiteit beveelt zij dit aan.

‘Omroepen én onafhankelijke producenten kunnen dan beter anticiperen op de plannen van de NPO. Ook ten aanzien van talentontwikkeling, programmavernieuwing en innovatie heeft het nog ontbroken aan een overkoepelende visie en strategie. Omroepen en NPO kunnen hun activiteiten op deze terreinen beter op elkaar afstemmen dan nu het geval is en meer profiteren van elkaars kennis en expertise. De commissie hoopt dat haar conclusies en aanbevelingen door de NPO, overheid en politiek zullen worden meegenomen in hun plannen voor de toekomst van de Publieke Omroep’, aldus de commissie.

Het gehele rapport is hier te lezen.

1 Comment

  1. Ik zie toch enige spanning tussen de ietwat centralistische aansturing op het niveau van management en de pluriformiteit, creativiteit, artistieke vrijheid en programmering van de uitvoerende omroeporganisaties. Dat de RvB een regisserende rol heeft in procedures, programma- en poenbeheersing vind ik nog tot daaraan toe. Functie, structuur (organisatie), planning en inhoud raken echter zo met elkaar verweven, dat ik me soms weleens zorgen maak over die onafhankelijkheid, pluriformiteit, kritische zin, inspanningsbereidheid, vernieuwingsgezindheid en ontwikkeling van visie binnen de huidige zendgemachtigde hoofdrolspelers. Van termen en begrippen als “een overkoepelende visie en strategie” krijg ik altijd lichtelijk de kriebels. Is “een” per se 1 of kunnen er parallel aan elkaar gewoon diverse hoofdstromingen blijven bestaan? En dat gezeur over de “blinde linksheid” van de NPO en omroepen kan wat mij betreft worden verwezen naar de vulgaire borreltafel van de rancunepolitici op kortzichtig en monomaan “rechts”.

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*