
Toen bekend werd dat Jan-Willem Roodbeen en Jeroen Kijk in de Vegte na jaren Radio 2 verruilen voor Radio 10, werd er volop via social media gereageerd. Niet louter positief: er klonk ook verontwaardiging van luisteraars die aangaven niet meer te zullen luisteren. Het radioduo zou voor het grote geld gaan!
In het voetbal vinden we transfers de normaalste zaak van de wereld. Niemand verwacht immers dat een speler zijn hele carrière bij dezelfde club blijft. In het bedrijfsleven wordt zelfs verwacht dat je niet te lang in dezelfde functie of bij hetzelfde bedrijf blijft werken, “want dan heb je geen ambitie”. Maar bij radio- of televisiepersoonlijkheden die een carrièremove maken, en dan vooral als ze van een progressieve omroep komen, wordt er gesproken over trouw, verraad en gebrek aan loyaliteit, of vallen termen als ‘graaier’ of ‘sell-out’.
Het Jack Spijkerman-effect
Toen Jack Spijkerman in 2005 de overstap maakte van de publieke omroep naar Talpa, was dit ook landelijk nieuws. De verwachtingen waren enorm, maar het nieuwe programma Jacks Groots Weekend werd geen succes. Kijkers bleven massaal weg. Binnen korte tijd werd de overstap het symbool van een carrière die verkeerd uitpakte. Sindsdien wordt iedere bekende presentator die naar een commerciële partij vertrekt geconfronteerd met dezelfde vergelijking. Terwijl de werkelijkheid veel genuanceerder is.
Lubach
Kijk naar Arjen Lubach. Ook hij verliet de publieke omroep. Ook hij kreeg kritiek. Ook hij kreeg te horen dat hij zijn idealen zou verraden, maar uiteindelijk bleek het publiek vooral geïnteresseerd in één ding: maakt hij nog steeds een goed programma? De overstap naar RTL leidde niet tot massale afkeer en veel kijkers verhuisden gewoon mee. Oké, het programma heeft iets minder kijkers dan in de VPRO-tijd en past niet echt in de RTL-programmering, maar de meeste mensen kijken immers naar Lubach vanwege Lubach. Niet vanwege het logo in de hoek van het scherm.
Succes
Er wordt wel eens gezegd dat Nederland een diepgewortelde traditie heeft van wantrouwen tegenover succes. Wie opvalt, goed verdient of een mooie stap maakt, krijgt al snel de vraag of dat allemaal wel nodig was. Succes wordt bewonderd, maar niet te veel. Ambitie wordt gewaardeerd, maar mag niet te zichtbaar zijn. Daar komt de Hollandse uitdrukking ‘Doe maar normaal, dan doe je al gek genoeg’ ook vandaan. Dit is een opmerkelijke en vooral achterhaalde gedachte in een tijd waarin werknemers overal worden aangemoedigd om zichzelf te ontwikkelen, kansen te grijpen en hun marktwaarde te benutten. En Jeroen en Jan-Willem heb ik er nog nooit op kunnen betrappen dat zij naast hun schoenen zijn gaan lopen.
Radio
De verontwaardiging kun je ook positief zien. Radio is een traditioneel medium met nog steeds traditioneel luistergedrag. Veel Nederlanders staan dagelijks op met het programma en luisteren al acht jaar elke werkdag. Zij voelen zich verbonden met de makers. En dat is precies de kracht van radio.Ja, goed.
Radio werkt echter anders dan tv en het Jack Spijkerman-effect is wellicht minder relevant voor dit medium. Luisteraars roepen vaak dat ze afhaken wanneer hun favoriete presentator verhuist. Maar zodra het nieuwe programma begint, blijkt een aanzienlijk deel toch nieuwsgierig. Veel voorgangers maakten al zonder al te veel kritiek de overstap naar commerciële zenders, onder wie Wouter van der Goes, Edwin Evers, Michiel Veenstra, Rob Stenders, Erik de Zwart, Giel Beelen en Coen en Sander. Sommigen keerden jaren later ook weer terug.
Jan-Willem Roodbeen en Jeroen Kijk in de Vegte begrijpen dat zelf ook. Hun reactie op de boze berichten was opvallend mild. Ze begrijpen de emotie en zien die zelfs als een compliment. Uiteindelijk bepaalt niet de overstap het succes, maar wat er daarna uit de speakers komt.
