
Ondanks de snelle opkomst van sociale media, podcasts en AI blijven traditionele nieuwsmedia voor het publiek de belangrijkste maatstaf voor wat als ‘nieuws’ wordt gezien. Uit nieuw internationaal onderzoek van het Reuters Institute for the Study of Journalism van de Universiteit van Oxford blijkt dat 88 procent informatie uit televisie- en radionieuws als nieuws beschouwt. Bij podcasts is dat slechts 33 procent en bij AI-interfaces 26 procent.
Voor het onderzoek Changing definitions of news in a digital environment werd onderzocht hoe mensen in zes landen bepalen wat zij wel en niet als nieuws beschouwen. Het onderzoek combineert kwalitatieve interviews en mediadagboeken met representatieve online onderzoeken van YouGov in Argentinië, Japan, Noorwegen, Spanje, het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten. Per land deden ongeveer 2.000 mensen mee aan het kwantitatieve onderzoek.
Traditionele media blijven de norm
De verschillen tussen traditionele nieuwsmedia en digitale platforms zijn groot. Van de ondervraagden beschouwt 88 procent informatie uit televisiejournaals en eveneens 88 procent uit radionieuws als nieuws. Nieuwswebsites volgen met 87 procent en kranten met 85 procent.
Sociale media worden door slechts 35 procent als nieuwsbron gezien. Voor podcasts ligt dat percentage op 33 procent en voor informatie via AI-chatbots of andere AI-interfaces op 26 procent.
Volgens de onderzoekers speelt mee dat radio, televisie, kranten en nieuwswebsites voor het publiek duidelijk herkenbare nieuwsomgevingen zijn. Daarbij bestaan verwachtingen rond journalistieke productie, redactionele controle, verificatie en verantwoordelijkheid. Op sociale platforms staat nieuws daarentegen tussen entertainment, persoonlijke berichten en andere content.
Jongeren hanteren bredere definitie
Jongeren blijken een bredere definitie van nieuws te hebben dan ouderen. Van de 18- tot 24-jarigen ziet 53 procent sociale media als mogelijke nieuwsbron, tegenover 23 procent bij mensen van 55 jaar en ouder. Bij podcasts is dat respectievelijk 40 en 27 procent.
Ook AI wordt door jongeren iets vaker als nieuwsbron geaccepteerd: 30 procent van de 18- tot 24-jarigen tegenover 22 procent bij 55-plussers. Opvallend is echter dat jong én oud traditionele nieuwsmedia in grote meerderheid als nieuws blijven beschouwen.
Podcast minder snel als nieuws gezien
Voor audio levert het onderzoek een opvallend verschil op. Korte audioformats worden aanzienlijk vaker als nieuws beschouwd dan langere audioformats. Afhankelijk van het land ziet 65 tot 80 procent korte audio als nieuws, terwijl slechts 29 tot 46 procent lange audio als nieuws beschouwt.
De onderzoekers merken daarbij op dat bij het onderzoek lange audio expliciet werd toegelicht met het voorbeeld van podcastafleveringen. Korte audio lijkt daardoor sterker geassocieerd te worden met traditionele nieuwsbulletins en nieuwsupdates.
Feiten en verificatie blijven doorslaggevend
Ondanks veranderingen in distributie en formats blijkt de kern van de nieuwsdefinitie opvallend stabiel. Voor 65 procent van de ondervraagden is het essentieel dat nieuws gebaseerd is op accurate en verifieerbare informatie. Persoonlijke meningen of interpretaties worden veel minder vaak als noodzakelijk onderdeel van nieuws gezien.
Ongeveer 49 procent van de respondenten hanteert volgens de onderzoekers een traditionele definitie van nieuws, waarbij onderwerpen als politiek en economie worden gebracht door journalisten en deskundigen via gevestigde nieuwsmedia. Nog eens 26 procent heeft een bredere definitie waarin ook bijvoorbeeld influencers, sociale media, podcasts, korte video’s en onderwerpen als gaming en mode een plaats kunnen krijgen.
Die bredere definitie vervangt de traditionele nieuwsopvatting meestal niet. Vrijwel iedereen die nieuwe vormen en bronnen als nieuws accepteert, blijft ook traditionele journalistieke bronnen en onderwerpen tot nieuws rekenen.
Uitdaging voor nieuwsmedia
Volgens het Reuters Institute betekent de fragmentatie van het medialandschap dat het publiek steeds vaker zelf moet beoordelen of iets nieuws is. Waar journalist, nieuwsmerk, format en distributiekanaal vroeger meestal samenvielen, worden die elementen op digitale platforms steeds vaker van elkaar losgekoppeld.
Voor nieuwsorganisaties onderstreept het onderzoek daarmee dat nieuwe distributievormen weliswaar steeds belangrijker worden om publiek te bereiken, maar dat herkenbaarheid als journalistieke nieuwsbron nog altijd sterk samenhangt met betrouwbaarheid, verificatie en professionele nieuwsproductie.
WAARDEER DIT ARTIKEL!
Als je dit artikel waardeert en je waardering wilt laten blijken met een kleine bijdrage, dan kan dat. Zo help je onafhankelijke mediajournalistiek in stand houden.
