
Sociale media hebben de belofte om het publieke debat toegankelijker en democratischer te maken slechts gedeeltelijk waargemaakt. Dat concluderen onderzoekers van de Universiteit van Zürich en de Universiteit van Münster na een analyse van twintig jaar wetenschappelijk onderzoek naar communicatie op sociale platforms.
Hoewel de studie specifiek kijkt naar communicatie over klimaatverandering, zijn de uitkomsten ook relevant voor het bredere debat over de rol van sociale media in de publieke informatievoorziening. Platforms als X, TikTok, YouTube, Weibo en WeChat hebben de drempel om deel te nemen aan publieke discussies sterk verlaagd, maar gevestigde partijen blijven volgens de onderzoekers een dominante positie innemen.
Toen sociale media opkwamen, bestond de verwachting dat burgers, maatschappelijke organisaties en kleinere groepen veel gemakkelijker rechtstreeks een groot publiek zouden kunnen bereiken. Uit eerdere studies bleek aanvankelijk ook dat meer verschillende stemmen zichtbaar werden. Na verloop van tijd bleek echter dat politici, overheden en nieuwsorganisaties nog altijd een groot deel van de verspreiding en discussie bepalen. Tegelijkertijd kunnen bepaalde nieuwe of afwijkende stemmen via sociale media juist relatief veel zichtbaarheid krijgen.
Echokamers verschuiven mogelijk tussen platforms
Een opvallende ontwikkeling is volgens de onderzoekers dat polarisatie zich steeds minder uitsluitend binnen één sociaal netwerk hoeft af te spelen. Verschillen in moderatiebeleid, algoritmes en gebruikersgroepen kunnen ertoe leiden dat complete platforms steeds meer hun eigen publiek en informatiecultuur krijgen. Daardoor zouden gebruikers uiteindelijk kunnen terechtkomen in afzonderlijke, relatief homogene ‘platformwerelden’. Mensen op verschillende sociale netwerken worden dan niet alleen binnen hun eigen tijdlijn met vergelijkbare opvattingen geconfronteerd, maar komen mogelijk steeds minder in aanraking met informatie en perspectieven die op andere platforms circuleren. Dat is relevant voor het functioneren van het publieke debat. Waar sociale media aanvankelijk werden gezien als één grote digitale publieke ruimte, ontstaat steeds meer een landschap van verschillende platforms met eigen regels, algoritmes, gebruikersgroepen en informatiestromen.
Ook journalistiek onder druk
De onderzoekers wijzen daarnaast op de veranderende positie van journalistieke media. Sociale platforms hebben een groot deel van de advertentie-inkomsten naar zich toe getrokken, terwijl berichten met links naar externe websites op sommige platforms minder prominent worden verspreid. Hierdoor kan de positie van journalistieke organisaties als belangrijke informatiebron verder onder druk komen te staan. Tegelijkertijd is er via sociale media meer informatie beschikbaar dan ooit. Dat betekent volgens de onderzoekers echter niet automatisch dat burgers ook beter geïnformeerd raken. Zij vinden geen eenduidig ‘socialmedia-effect’: de gevolgen verschillen sterk per platform, land, regelgeving en maatschappelijk onderwerp.
Het onderzoek, Social Media and the Changing Landscape of Climate Change Communication, van Mike S. Schäfer en Julia Metag verscheen op deze maand in het wetenschappelijke tijdschrift Nature Climate Change.
WAARDEER DIT ARTIKEL!
Als je dit artikel waardeert en je waardering wilt laten blijken met een kleine bijdrage, dan kan dat. Zo help je onafhankelijke mediajournalistiek in stand houden.
