Trekt Oranje nog steeds hetzelfde aantal kijkers als oude WK’s?

De eerste WK-wedstrijd van Oranje tegen Japan trok gemiddeld 4,2 miljoen kijkers. Daarmee blijft het WK een van de belangrijkste pijlers om de Nederlandse kijker massaal aan de tv te kluisteren. Maar kijken er nog steeds net zoveel mensen ernaar als de vorige WK’s. Dit is minder eenvoudig te beantwoorden dan vroeger, doordat de meetmethode is veranderd en het kijkgedrag anders is geworden.De ‘klassieke tv-kijkcijfers’ vertellen daarom niet meer het hele verhaal.

Volgens de NOS keken gemiddeld 4,2 miljoen mensen naar het 2-2 gelijkspel van Nederland tegen Japan. De piek lag op 4,8 miljoen kijkers. Daarnaast waren er online grote aantallen: de NOS meldde 1,4 miljoen streamstarts via NOS.nl en de NOS-app en ruim 500.000 bezoekers via NPO Start. Daarmee laat Oranje zien dat de belangstelling nog altijd zeer groot is, maar dat die belangstelling zich steeds meer verspreidt over verschillende schermen en platforms. Zaterdag zagen zelfs 4,67 miljoen Nederlanders Oranje winnen van Zweden.

Wie deze cijfers naast de WK’s van 2010, 2014 of 2022 legt, moet voorzichtig zijn. De metingen zijn namelijk niet meer hetzelfde. Sinds 28 augustus 2023 werkt Nederland met het vernieuwde NMO Kijkonderzoek, de opvolger van het oude SKO-onderzoek. Bij de start van dat vernieuwde onderzoek werd het panel vergroot naar ongeveer 3.500 personen van 6 jaar en ouder, 32 procent meer dan in de vorige versie. Volgens NMO moest dat grotere panel helpen om het steeds meer gefragmenteerde kijkgedrag beter te meten.

Ook technisch veranderde er veel. Het vernieuwde kijkonderzoek maakt gebruik van een nieuwe methodiek van Kantar Media, die kan sneller en fijnmaziger herkennen naar welke content en zender wordt gekeken. In de eerste fase bleef de meting nog vooral gericht op live en uitgesteld kijken naar lineaire televisiezenders op het grote televisietoestel, waardoor de cijfers nog enigszins vergelijkbaar bleven met de jaren ervoor. Maar het meetfundament was al wel vernieuwd.

Sinds 2026 is daar een volgende stap bij gekomen: NMO Video Totaal. Daarmee wordt niet alleen gekeken naar lineair tv-kijken op het grote scherm, maar ook naar kijkgedrag op andere apparaten, zoals laptops, tablets en smartphones. Ook uitgesteld kijken en on demand video worden breder meegenomen. Dat past bij een tijd waarin een WK-wedstrijd niet meer alleen via NPO 1 op de bank wordt gevolgd, maar ook via NOS.nl, de NOS-app, NPO Start, apps van tv-aanbieders, cafés, kantines en korte fragmenten op sociale media.

Daarom is de conclusie genuanceerd. Lineair bekeken lijkt Oranje minder massaal dan in de absolute hoogtijdagen van 2010 en 2014, toen wedstrijden van het Nederlands elftal nog veel vaker boven de zeven, acht of zelfs negen miljoen tv-kijkers uitkwamen. Maar dat betekent niet automatisch dat de totale belangstelling in dezelfde mate is gedaald. Een deel van het publiek kijkt tegenwoordig anders: mobieler, online, uitgesteld, buitenshuis of via losse fragmenten.

De 4,2 miljoen kijkers voor Nederland-Japan zijn dus geen bewijs dat de Oranjekoorts verdwenen is. Eerder tonen ze aan dat Oranje nog altijd een enorme livekracht heeft, maar binnen een totaal ander medialandschap. Waar vroeger bijna alle aandacht samenkwam op één televisiescherm, verspreidt het bereik zich nu over meerdere schermen, platforms en meetcategorieën.

Spreekbuis.nl

WAARDEER DIT ARTIKEL!

Als je dit artikel waardeert en je waardering wilt laten blijken met een kleine bijdrage, dan kan dat. Zo help je onafhankelijke mediajournalistiek in stand houden.

Donatie Spreekbuis € -