Een website zonder programmeerkennis was lang een compromis. Dat verandert snel

Unsplash

Wie vijf jaar geleden een website wilde voor zijn bedrijf zonder budget voor een bureau, koos tussen twee opties die allebei niet ideaal waren: een generiek template dat er uitzag als duizend andere sites, of een zelfbouwplatform dat weken vergde om fatsoenlijk te leren bedienen. Het resultaat was zelden goed genoeg om serieus te nemen, maar beter dan niets. Die afweging verdwijnt, en niet omdat de tools goedkoper zijn geworden.

AI-gedreven websitebouwers doen structureel iets anders dan de vorige generatie drag-and-drop tools. Ze interpreteren een omschrijving, wat doe je, voor wie, in welke toon, en vertalen dat naar een werkende structuur, inclusief tekst, navigatie en visuele hiërarchie. De verschuiving zit niet in snelheid maar in wie er aan tafel zit: niet meer de developer, maar de ondernemer die uitlegt wat zijn bedrijf doet.

Een domein en een werkende site vallen bijna samen

De instap is inmiddels zo laag dat het onderscheid tussen een domein registreren en een werkende website hebben voor veel ondernemers bijna samenvalt. Wie een domein vastlegt en kiest voor hosting voor je bedrijf, zit in hetzelfde dashboard als waar de site gebouwd wordt, mits het platform dat geïntegreerd aanbiedt. De frictie van vroeger, domein hier, hosting elders, WordPress apart, thema weer ergens anders, was precies wat niet-technische gebruikers deed afhaken; AI lost dat niet op door de stappen weg te laten, maar door ze onzichtbaar te maken.

Wil je een contactformulier? Staat er al een. Wil je de tekst anders? Zeg het in gewoon Nederlands. Voor iemand die gewend is dat elke aanpassing een plugin-conflict riskeert, is dat een wezenlijk andere werkelijkheid.

Van template naar dialoog: waarom de volgorde ertoe doet

De vergelijking met templates is instructief. Een template dwingt de gebruiker naar de structuur van de tool toe te bewegen: paste je inhoud aan in het raster dat er al lag. AI draait dat om. Moderne AI-websitebouwers vragen eerst naar de context van het bedrijf, de doelgroep en de gewenste uitstraling voordat er ook maar een pagina verschijnt. Het ontwerp volgt de inhoud, niet andersom, en dat is een ander soort website maken dan we gewend waren.

Dat heeft meetbare consequenties voor wie er online komt. De nieuwste generatie websitebouwers verlaagt de technische drempel aanzienlijk, waardoor ondernemers zonder ervaring met webdesign of programmeren sneller een professionele online aanwezigheid kunnen opzetten. Voor veel kleine bedrijven betekent dat dat een eigen website niet langer een project voor later is, maar iets dat binnen een dag gerealiseerd kan worden.

Voor de Nederlandse context is dat relevant. Schattingen op basis van CBS-data over ICT-gebruik bij bedrijven suggereren dat bij microbedrijven, minder dan tien medewerkers, slechts zo’n 31 procent een kwalitatief functionerende website heeft, ook al heeft de meerderheid formeel een domein of pagina. De gemiddelde MKB-site is bovendien ruim vier jaar oud, een periode waarin de verwachtingen van bezoekers aanzienlijk zijn verschoven. Verouderde sites converteren gemiddeld bijna de helft slechter dan moderne equivalenten; een nieuw template lost dat niet op, een inhoudelijk herontwerp wel.

Wat AI-tools nog niet overnemen

Starten gaat makkelijker; de site die daarna drie jaar niet wordt aangeraakt, converteert alsnog slecht. De winst van AI zit grotendeels aan het begin van het proces: structuur, tekst, basisontwerp. Wie specifieke integraties nodig heeft, complexe e-commerce flows, of maatwerk interacties, stoot nog altijd op de grenzen van wat deze tools zelfstandig aankunnen. Dat blijft voorlopig het scheidsvlak tussen snel online zijn en echt schalen.

Dat neemt niet weg dat de beweging breed is. In Nederland groeide het aandeel MKB-bedrijven dat AI-toepassingen inzet in 2024 van 8 naar 13 procent. Hoe die adoptie er in de mediasector concreet uitziet, beschreef Spreekbuis eerder al in het stuk over hoe televisiezenders AI kunnen gebruiken voor automatisering en personalisatie, toepassingen die inmiddels ook buiten de omroepwereld hun weg vinden. Wereldwijd gebruikte 58 procent van het mkb in 2025 generatieve AI in een of meer bedrijfsprocessen, tegenover 23 procent twee jaar eerder. Website maken is voor niet-technische ondernemers de meest tastbare ingang, concreter dan procesautomatisering of data-analyse, en daarmee ook de plek waar adoptie het snelst gaat.

De bredere context van wat AI-diensten kosten en wat dat betekent voor wie er toegang toe heeft, komt scherp naar voren in de analyse van hoe AI-kosten gratis sociale media verder onder druk zetten; voor ondernemers die nu een online aanwezigheid opbouwen, is dat geen abstracte marktontwikkeling maar een directe afweging bij elke toolkeuze.

De drempel daalt; de vraag verschuift

De discussie gaat allang niet meer over of AI-tools websites kunnen bouwen. Wat overblijft is iets praktischer: een loodgieter in Nijmegen die zijn agenda online wil zetten, een vertaalbureau dat jarenlang op doorverwijzingen draaide maar nu zichtbaar wil zijn, een kapper die reserveringen wil automatiseren zonder developer. Die gevallen draaien niet op technische bereidheid maar op tijd, vertrouwen en de verwachting dat het resultaat het waard is.

Daar zit de eigenlijke verschuiving. Niet in de marktcijfers of de groeiprognoses van het AI-websitebouwsegment, maar in het feit dat de vraag voor een groeiende groep ondernemers voor het eerst realistisch is geworden. Wie nu een domein registreert en een hosting-abonnement afsluit, heeft een werkende site binnen een dag; het was lang de stap daarna die de meeste mensen tegenhield.

Spreekbuis.nl

WAARDEER DIT ARTIKEL!

Als je dit artikel waardeert en je waardering wilt laten blijken met een kleine bijdrage, dan kan dat. Zo help je onafhankelijke mediajournalistiek in stand houden.

Donatie Spreekbuis € -