
Lokale publieke omroepen zijn in financieel zwaar weer terechtgekomen. Dat concludeert het Commissariaat voor de Media na onderzoek naar de bekostiging van 225 lokale publieke omroepen, die samen het media-aanbod verzorgen in 334 gemeenten. De evaluatie heeft betrekking op de periode 2022-2024.
Gemeenten zijn volgens de Mediawet verantwoordelijk voor de bekostiging van lokale publieke omroepen. Die omroepen hebben een wettelijke taak: het verzorgen van onafhankelijk, pluriform en lokaal media-aanbod. Uit het onderzoek blijkt dat zij daarbij in hoge mate afhankelijk zijn van publieke middelen. Bekostiging door gemeenten is goed voor 51% van de inkomsten, subsidies voor 23%. Reclame-inkomsten (12%) en programma-gebonden bijdragen (7%) vormen de belangrijkste private inkomstenbronnen.
Het Commissariaat onderzocht 927 gemeentelijke beschikkingen. In bijna een kwart van de gevallen ontbreekt een onderbouwing voor de hoogte van de bijdrage. Waar die onderbouwing er wel is, wordt vaak gekeken naar het aantal huishoudens of naar beschikbare budgetten. Een duidelijke koppeling tussen de wettelijke taak van de omroep, de doelstellingen en de benodigde middelen ontbreekt volgens het Commissariaat vaak. Daardoor bestaat het risico dat de financiering van lokale media in de praktijk als sluitpost wordt behandeld.
Hoewel gemeenten zich formeel aan hun bekostigingsplicht houden, is de bijdrage lang niet altijd toereikend. De Vereniging van Nederlandse Gemeenten adviseerde voor 2024 een richtsnoerbedrag van € 1,57 per huishouden. Over de periode 2022-2024 betaalde 58% van de gemeenten op of boven dat bedrag. Dat is minder dan in de vorige onderzoeksperiode, toen dit nog 63% was. Wel steeg het percentage in 2024 naar 70%, mede door intensievere communicatie vanuit de VNG.
De financiële positie van veel lokale omroepen blijft kwetsbaar. De helft van de instellingen schrijft rode cijfers, 9% heeft een negatief eigen vermogen en bij bijna een derde wordt de financiële positie als ongezond aangemerkt. Ook het toezicht door gemeenten schiet volgens het Commissariaat geregeld tekort, onder meer omdat de bedragen per gemeente vaak laag zijn en daardoor lichtere verantwoordingsregimes gelden.
Daarnaast signaleert het Commissariaat onduidelijkheid rond de toepassing van bekostiging en subsidies. Gemeenten gebruiken niet altijd de juiste terminologie en verwijzen soms ten onrechte naar subsidieregels. Ook verantwoorden media-instellingen subsidiebaten niet altijd op de juiste manier.
Voor de toekomst ligt er een wetsvoorstel bij de Tweede Kamer om de bekostiging van lokale omroepen over te hevelen van het gemeentefonds naar de Mediabegroting. Ook moet het totale budget worden verruimd en worden gemeenten ingedeeld in maximaal tachtig verzorgingsgebieden. Het Commissariaat ondersteunt die richting, maar benadrukt dat gemeenten en omroepen tot die stelselwijziging zelf moeten blijven zoeken naar manieren om de financiële positie van lokale publieke media te verbeteren.
