
Publieke omroepen hebben zich de afgelopen periode nadrukkelijk ingezet om politiek toegankelijker te maken voor jonge kiezers. Dat gebeurde via uiteenlopende formats, van korte socialvideo’s en explainers tot debatten, podcasts en radioshows. Daarbij werd veel gebruikgemaakt van humor en interactieve vormen, waarbij ook politici zelf actief meededen, bijvoorbeeld via challenges of luchtige optredens.
Volgens de Ombudsman is het positief dat belangrijke thema’s voor jongeren – zoals woningmarkt, inkomen, migratie en klimaat – centraal stonden. Tegelijkertijd waarschuwt hij voor het vervagen van grenzen tussen journalistiek en entertainment. In humoristische formats is het soms onduidelijk wat feit, mening of grap is, terwijl juist die scheiding essentieel is binnen journalistiek.
NPO Ombudsman: ‘Bij humoristische politieke formats kan de vraag rijzen wanneer iets een grap is of serieus genomen moet worden. In journalistieke programma’s hoort een scheiding tussen feiten, beweringen en meningen gemaakt te worden, de Code Journalistiek Handelen schrijft dat voor. Dat is vaak al lastig genoeg. Het wordt nog complexer als er genregrenzen overschreden worden: wat is journalistiek en wat is satire? En hoewel jongeren handig en zelfbewust lijken in het navigeren hiertussen, moeten we de mediawijsheid van jongeren ook beter niet te veel óverschatten.’
