
In de podcast Wie stuurt het nieuws? van Jaap Rietdijk levert voormalig NOS-nieuwslezer Raymond Serré scherpe kritiek op de nieuwsselectie bij radio en televisie in Hilversum. Het nieuws maakt mensen bang, zegt hij. Niet omdat het nieuws op zichzelf zo afschrikwekkend is, maar omdat het vaak sterk overdreven wordt gebracht. Dat gebeurt volgens Serré regelmatig bewust, omdat de makers ‘weten dat het werkt’.
Vijfendertig jaar lang hield Serré zich als eindredacteur en nieuwslezer bezig met het nieuws. Op 28 februari 2017 las hij volgens Wikipedia zijn laatste journaal op NPO Radio 1.
Onbelangrijk nieuws krijgt te veel aandacht, de nieuwsselectie is veel te oppervlakkig en meningen voeren de boventoon ten opzichte van feiten, aldus Serré. De optredens van correspondenten in het NOS Journaal zijn in zijn ogen vaak ouderwetse, gescripte toneelstukjes, waarbij de verslaggever ter plaatse nog eens herhaalt wat in de inleiding vanuit de studio al is verteld.
Er is volgens Serré te weinig nieuws om de dagelijkse nieuwsuitzendingen te vullen. Dat leidt tot een overwaardering van onbelangrijke gebeurtenissen. De berichtgeving is te veel gericht op incidenten en biedt te weinig samenhang, waardoor nieuwsconsumenten een vertekend beeld krijgen van de problemen in de wereld.

‘Ik heb nooit in die vijfendertig jaar dat ik voor het nieuws heb gewerkt op de werkvloer gehoord: gvd, er is teveel nieuws, we kunnen het niet kwijt. Ik heb honderden keren mensen horen vloeken: is er niet iets? Tweehonderd dagen per jaar is er nul komma nul nieuws. Niets! En dan moet er nieuws gemaakt worden.’
Nieuwsprogramma’s zijn volgens Serré geen afspiegeling van de werkelijkheid. Hij noemt het Mediapark in Hilversum, van waaruit veel nieuwsuitzendingen worden verzorgd, oerconservatief. Er wordt veel te lang vastgehouden aan een verouderde aanpak. ‘Als je alle talkshows op televisie volgt dan weet je aan het eind van de dag exact hoe de wereld er niét uitziet.’
Serré pleit daarom voor kortere NOS Journaals met een scherpere nieuwsselectie. Geen twintig of vijfentwintig minuten, maar hooguit vijftien minuten en dan met uitsluitend de feiten en geen meningen.
TON VERLIND
WAARDEER DIT ARTIKEL!
Als je dit artikel waardeert en je waardering wilt laten blijken met een kleine bijdrage, dan kan dat. Zo help je onafhankelijke mediajournalistiek in stand houden.
