
De zomerstop geldt duidelijk niet voor Victor Vlam. Door zijn uitspraken in zijn podcast en bij De Oranjezomer lijkt het voor de mediacriticus zelfs een lange, hete zomer te worden. Ditmaal is Tim Hofman het doelwit. Vlam noemt hem een „grote prutser als journalist” en verwijt hem dat hij bij een BOOS-uitzending over profvoetballer Redouan El Yaakoubi zijn eigen verleden in de huiswerkbegeleiding niet heeft vermeld.
Vlam kiest zoals vaker voor de botte bijl. Scherpe formuleringen wordt overigens door vrijwel alle duiders gehanteerd. Duiders dienen immers stelling te nemen om aandacht vast te houden. En ferme uitspraken blijven altijd langer hangen dan genuanceerde standpunten. De bewering dat Hofman „levens verwoest” lijkt daardoor wat overdreven, maar onder alle overdrijving legt Vlam wel degelijk een relevante journalistieke kwestie bloot.
Hofmans verdediging komt er vooral op neer dat hij op het moment van de uitzending geen aandelen meer had in het bijlesbedrijf BrainBoost. Daarmee zou van een financieel belang geen sprake meer zijn. Dat kan formeel kloppen, maar daarmee is de discussie over mogelijke belangenverstrengeling niet automatisch beëindigd. Belangenverstrengeling gaat namelijk verder dan de vraag of iemand op de dag van publicatie nog aandelen bezit.
Ook eerdere zakelijke betrokkenheid, persoonlijke relaties, loyaliteiten, reputatiebelangen en een langdurige publieke verbondenheid met een onderneming kunnen de schijn van belangenverstrengeling oproepen. Zeker wanneer een journalist, verbonden aan een publieke omroep, onderzoek doet naar iemand die actief is binnen dezelfde sector waarin hij zelf jarenlang een commercieel en persoonlijk belang heeft gehad.
Het gaat daarbij niet alleen om de vraag of Hofman zich daadwerkelijk heeft laten beïnvloeden. Het gaat ook om de vraag hoe zijn betrokkenheid voor het publiek kan overkomen. Journalistiek draait niet uitsluitend om feitelijke onafhankelijkheid, maar ook om aantoonbare onafhankelijkheid. De lezer of kijker moet erop kunnen vertrouwen dat een onderwerp zonder persoonlijke bagage, dubbele loyaliteiten of oude zakelijke belangen wordt onderzocht.
Hofman was niet slechts een willekeurige aandeelhouder op grote afstand. Hij was publiekelijk aan BrainBoost verbonden en fungeerde als gezicht van het bedrijf. In een Youtube-video meldt hij dat hij BrainBoost samen met vrienden heeft opgezet. Dat maakt zijn voorgeschiedenis relevant wanneer BOOS vervolgens iemand stevig aanpakt rond commerciële activiteiten op het gebied van huiswerkbegeleiding en bijlessen.
Dat Hofman ooit in een podcast over zijn betrokkenheid heeft gesproken, is daarbij niet voldoende. De meeste kijkers van de BOOS-uitzending zullen die podcast nooit hebben gehoord. Een relevante mogelijke belangenverstrengeling moet worden vermeld op de plek waar zij ertoe doet: in de uitzending zelf. Niet ergens in een eerder gesprek dat slechts door een fractie van het publiek is beluisterd.
Eigenlijk had Hofman deze specifieke uitzending daarom niet zelf moeten presenteren of journalistiek moeten leiden of nog beter: gewoon dit thema aan zich voorbij moeten laten gaan. Daarmee was iedere discussie over persoonlijke belangen, oude loyaliteiten of de schijn van concurrentie direct voorkomen.
Dit wil niet zeggen dat Hofman slecht onderzoek heeft gedaan rondom de zaak El Yaakoubi. Het is simpelweg verstandig journalistiek risicobeheer. Juist wanneer een programma grote maatschappelijke invloed heeft en personen hard confronteert, moet het iedere mogelijke twijfel over zijn eigen onafhankelijkheid wegnemen.
Hofmans reactie op Vlam helpt hem ondertussen niet. Iemand onmiddellijk een „nitwit” noemen, is misschien begrijpelijk vanuit irritatie, maar inhoudelijk overtuigt het niet. In Vandaag Inside meldde René van der Gijp al dat juist de felheid van een tegenreactie ook betekenis kan hebben. Uiteindelijk moet een journalist die anderen stevig bevraagt, ook zelf tegen kritische vragen kunnen.
