Vijftien jaar na fusievoorstel groeit Commissariaat voor de Media naar bijna honderd medewerkers

Vijftien jaar geleden werd in politiek Den Haag al geopperd om het Commissariaat voor de Media samen te voegen met andere toezichthouders. Nu groeit het Commissariaat juist sterk. Het takenpakket wordt breder, het budget neemt toe en de organisatie telt inmiddels bijna honderd medewerkers. Mediakenner Tina Nijkamp zet daar in haar podcast grote vraagtekens bij en vraagt zich af of een toezichthouder zich niet meer tot zijn kerntaak zou moeten beperken.

In 2011 speelde in de Tweede Kamer de discussie over het samenvoegen van de NMa, OPTA en de Consumentenautoriteit tot wat later de Autoriteit Consument & Markt (ACM) zou worden. PvdA-Kamerlid Martijn van Dam vroeg waarom bij die operatie niet meteen breder werd gekeken naar het mediatoezicht. Telecom en media groeiden immers steeds verder naar elkaar toe. Ook D66’er Kees Verhoeven vroeg waarom OPTA, Agentschap Telecom en het Commissariaat voor de Media niet gezamenlijk konden worden ondergebracht.

Van Dam had het idee zelfs al eerder naar voren gebracht. In 2008 pleitte hij voor het op termijn samenvoegen van OPTA, het Commissariaat en het toezicht op auteursrechtenorganisaties. Hij verwees daarbij naar het Verenigd Koninkrijk, waar telecom- en mediatoezicht bij Ofcom zijn samengebracht. VVD’er Johan Remkes liet destijds weten zich in vergaande mate in die gedachte te kunnen vinden.

Uiteindelijk gebeurde het tegenovergestelde. OPTA ging in 2013 op in de ACM, maar het Commissariaat voor de Media bleef als zelfstandige toezichthouder bestaan. Sindsdien is het werkterrein van het Commissariaat juist verder uitgebreid.

Van 65 naar bijna honderd medewerkers

In een recent interview met NRC vertelt bestuursvoorzitter Amma Asante dat het personeelsbestand sinds haar aantreden is gegroeid van ongeveer 65 naar bijna honderd medewerkers. De eigen website van het Commissariaat spreekt inmiddels over een team van „ruim 90” professionals. Volgens Asante hangt de groei onder meer samen met nieuwe toezichtstaken rond influencers, streamingdiensten en digitale platforms.

Ook financieel is de organisatie groter geworden. Voor 2026 staat op de mediabegroting een bijdrage van 11 miljoen euro voor het Commissariaat, waarvan 900.000 euro bestemd is voor het programma Werk aan Uitvoering. Daarnaast ontvangt het Commissariaat toezichtskosten van commerciële media-instellingen.

Een deel van die groei is het gevolg van nieuwe wetgeving. Zo houdt het Commissariaat toezicht op de investeringsverplichting voor grote streamingdiensten, vallen meer online videomakers onder het toezicht en zijn er Europese regels bijgekomen. Het takenpakket gaat echter inmiddels verder dan klassieke controle op reclame, financiële rechtmatigheid en naleving van de Mediawet. Het Commissariaat doet ook onderzoek naar mediagebruik, representatie, pluriformiteit en journalistieke kwaliteit en kiest onder Asante nadrukkelijk voor wat het zelf een meer proactieve vorm van toezicht noemt.

Zo presenteert het Commissariaat jaarlijks het Nederlandse Digital News Report, brengt het de zichtbaarheid en representatie van groepen in de media in kaart en introduceerde het in augustus een toezichtkader voor de manier waarop landelijke publieke omroepen journalistieke kwaliteit binnen hun organisaties waarborgen. Volgens het Commissariaat gaat het daarbij om systeemtoezicht en worden afzonderlijke journalistieke keuzes niet beoordeeld.

Nijkamp: ‘Ongelofelijk’

Juist die ontwikkeling zorgt bij Tina Nijkamp voor verbazing. In haar podcast zegt de mediakenner geschrokken te zijn van zowel het budget als de omvang van het personeelsbestand. Wanneer ter sprake komt dat de organisatie van circa 65 naar bijna honderd medewerkers is gegroeid, noemt zij „Ongelofelijk.” Nijkamp plaatst vooral vraagtekens bij de hoeveelheid onderzoeken die het Commissariaat uitvoert. „Het Commissariaat blinkt vooral uit in onderzoekjes over dingen die er eigenlijk niet toe doen en ook anderen kunnen doen, waaronder de zichtbaarheid van vrouwen en mensen met een beperking in de media. Er zijn zoveel andere organisaties die zo’n onderzoek ook kunnen doen. Het Commissariaat is er om toezicht te houden en niet om eigenhandig allemaal onderzoekjes te gaan doen”, aldus Nijkamp in haar podcast.

Volgens haar roept de uitbreiding de vraag op waar de kerntaak van de toezichthouder ophoudt. Die kritiek staat tegenover de eigen visie van het Commissariaat, dat juist stelt dat ontwikkelingen rond algoritmes, desinformatie, sociale media en veranderend mediagebruik een actievere rol van de toezichthouder noodzakelijk maken. Asante omschrijft die rol nadrukkelijk breder dan alleen achteraf handhaven.

Kritiek vanuit journalistieke hoek

Tegelijkertijd komt ook vanuit publieke omroepen kritiek op die bredere taakopvatting. Hoofdredacteuren van landelijke en regionale publieke omroepen, maar ook het NVJ hebben zich de afgelopen periode gekeerd tegen wat zij ervaren als een toenemende bemoeienis met journalistieke processen. Vooral wanneer het Commissariaat vragen stelt over representatie, journalistieke codes, governance en de manier waarop redacties hun keuzes maken, ontstaat discussie over de grens tussen toezicht en redactionele onafhankelijkheid.

Het Commissariaat stelt zelf dat die onafhankelijkheid niet ter discussie staat. Bij het nieuwe toezicht op journalistieke kwaliteit kijkt het naar de organisatorische waarborgen binnen een omroep en niet naar de inhoud van individuele uitzendingen. De spanning is daarmee fundamenteel: hoe breed moet de taak van een mediatoezichthouder worden opgevat? Is het voldoende om te controleren of media-instellingen zich aan de wet houden, of moet een toezichthouder ook actief ontwikkelingen signaleren, onderzoek verrichten, maatschappelijke risico’s benoemen en organisaties aansporen hun beleid aan te passen?

Van Geel

Die vraag is niet alleen theoretisch. Het Adviescollege Publieke Omroep onder leiding van Pieter van Geel stelde in 2023 voor de taken van het Commissariaat daadwerkelijk op te knippen. Het toezicht op het publieke bestel zou volgens het advies naar een nieuwe Autoriteit Publieke Media moeten gaan, terwijl het brede toezicht op de mediamarkt bij de ACM kon worden ondergebracht. Het Commissariaat zou in dat model kunnen worden opgeheven of als afzonderlijke kamer binnen de ACM verdergaan.

Het Commissariaat zelf verzette zich tegen dat voorstel. Volgens de toezichthouder hield Van Geel onvoldoende rekening met het belang van onafhankelijk en integraal mediatoezicht en was het advies op dat onderdeel onvoldoende onderbouwd. Daarmee is een discussie die vijftien jaar geleden al in de Tweede Kamer werd gevoerd opnieuw actueel. Destijds was het argument voor bundeling dat telecom en media steeds verder naar elkaar toegroeiden. Sindsdien zijn daar streamingdiensten, sociale platforms, influencers, podcasts, algoritmes en internationale techbedrijven bijgekomen. Opmerkelijk is bovendien dat een van de toenmalige pleitbezorgers, Martijn van Dam, later zelf toetrad tot de Raad van Bestuur van de NPO en tegenwoordig betrokken is bij de Nederlandse Datakluis, waarin publieke en commerciële mediapartijen samenwerken rond data en digitale infrastructuur. Terwijl bijna alle grenzen binnen het medialandschap vervagen, blijft het toezicht institutioneel grotendeels gescheiden. Tegelijkertijd probeert het Commissariaat zijn positie als ‘pro-actieve toezichthouder’ in dat nieuwe landschap nadrukkelijker in te vullen en groeit daarvoor ook de organisatie.

Spreekbuis.nl

WAARDEER DIT ARTIKEL!

Als je dit artikel waardeert en je waardering wilt laten blijken met een kleine bijdrage, dan kan dat. Zo help je onafhankelijke mediajournalistiek in stand houden.

Donatie Spreekbuis € -