
Het Commissariaat voor de Media heeft een nieuwe beleidsregel vastgesteld voor de aanwijzing van lokale publieke omroepen. De regeling loopt vooruit op de Wet versterking lokale publieke omroepen, die momenteel bij de Eerste Kamer ligt. De nieuwe procedure moet bepalen welke omroep vanaf 2028 per verzorgingsgebied de lokale publieke mediaopdracht mag uitvoeren.
De hervorming is ingrijpend. Het huidige aantal van ruim 220 lokale publieke omroepen moet volgens het wetsvoorstel worden teruggebracht naar maximaal tachtig verzorgingsgebieden. Per gebied kan één lokale publieke media-instelling voor vijf jaar worden aangewezen. De NLPO krijgt daarbij naast de gemeenteraden een formele rol in de beoordeling van aanvragen.
Voor de eerste aanwijzingsperiode is voorzien dat aanvragen tussen 15 november en 31 december 2026 kunnen worden ingediend. De eerste nieuwe aanwijzingen moeten op 1 januari 2028 ingaan. Het Commissariaat meldt daarbij dat deze planning ervan uitgaat dat de nieuwe wet vóór 1 november 2026 wordt vastgesteld. De beleidsregel bepaalt verder dat een aanvrager zich voor één verzorgingsgebied kan inschrijven. Het programmabeleid bepalend orgaan, het pbo, moet uit minimaal vijf leden bestaan en iedere gemeente binnen een verzorgingsgebied moet daarin met ten minste één lid zijn vertegenwoordigd.
Opvallend is vooral hoe gedetailleerd de selectie wordt. De NLPO beoordeelt vijf criteria, waaronder het beleidsplan, de aanbodkanalen, het mediabeleid, samenwerking binnen het publieke bestel en de begroting. Gemeenteraden beoordelen vier andere criteria, waaronder de representativiteit van het pbo, de geografische en sociaal-culturele verscheidenheid, zichtbaarheid en vindbaarheid en de inzet van vrijwilligers en lokale partners.
Bij meerdere kandidaten worden per criterium scores van één tot vijf gegeven. De kandidaat die op de meeste criteria bovenaan eindigt, wordt in beginsel aangewezen. Bij een gelijke stand wordt naar de totale score gekeken. Is ook die gelijk en kan op andere gronden geen onderscheid worden gemaakt, dan kan uiteindelijk zelfs een notaris door loting bepalen welke omroep de aanwijzing krijgt. Bij verzorgingsgebieden met meerdere gemeenten worden de beoordelingen van de gemeenteraden bovendien gewogen naar het wettelijke aantal raadsleden.
Een ander belangrijk detail is dat een score van één én twee feitelijk onvoldoende is. In de toelichting staat dat bij een één niet aan het criterium wordt voldaan en dat een twee betekent dat de uitwerking te algemeen, beperkt of summier is. Pas vanaf een drie voldoet een aanvraag in voldoende mate. Dit kan relevant zijn omdat het Commissariaat een aanvraag kan afwijzen wanneer onvoldoende aan een of meer wettelijke criteria wordt voldaan.
Ook bij fusies trekt het Commissariaat een duidelijke grens. Een eenmaal verleende aanwijzing is niet overdraagbaar. Een lokale publieke omroep kan de aanwijzing dus niet simpelweg meenemen of overdragen wanneer zij fuseert met een andere organisatie. Een voorgenomen fusie, overname of beëindiging moet zo snel mogelijk bij het Commissariaat worden gemeld.
De Eerste Kamer heeft het wetsvoorstel nog niet definitief behandeld. De Tweede Kamer stemde er op 2 juli mee in. De Eerste Kamercommissie voor Onderwijs, Cultuur en Wetenschap bespreekt op 29 september de verdere procedure.
Opvallend is dat het nieuwe bestel feitelijk een vrij strak selectie- en beoordelingsmodel krijgt. Ook een bestaande lokale omroep heeft dus niet automatisch een voorsprong: beleidsplan, organisatie en lokale inbedding worden opnieuw langs negen criteria gelegd. Daarbij kan zelfs een beoordeling ‘matig’ al onvoldoende zijn. De beleidsregel is terug te vinden op de website van het Commissariaat voor de Media.
WAARDEER DIT ARTIKEL!
Als je dit artikel waardeert en je waardering wilt laten blijken met een kleine bijdrage, dan kan dat. Zo help je onafhankelijke mediajournalistiek in stand houden.
