Danny de Vries, RTV Oost: Van burgemeester nu weer journalist

Een burgemeester die aan het hoofd komt van een journalistieke organisatie: de nieuwe directeur/hoofdredacteur van RTV Oost, Danny de Vries, realiseert zich als voormalig burgemeester van Oudewater dat het misschien een uitzonderlijke stap is. Journalistiek en bestuur zijn immers elkaars tegenpolen: de een controleert de macht, de ander oefent hem uit. ‘Dat ik aan de andere kant heb gestaan, heeft ook zo zijn voordelen’, zegt hij. Hij weet hoe bij de overheid de hazen lopen. Voor belangenverstrengeling is hij niet bevreesd. ‘Als het erop aankomt, sta ik aan de kant van de journalistiek’, benadrukt hij. Bestuurders die denken via hem een gemakkelijk achterdeurtje naar de media te hebben gevonden, komen bedrogen uit.

Sinds 1 januari van dit jaar staat Danny de Vries (51) aan het hoofd van RTV Oost, waar hij Dink Binnendijk opvolgt. Hij is geen nieuwkomer in de media, want op 13 mei 2000 – hij was toen 26 jaar – maakte hij als verslaggever van dezelfde omroep de vuurwerkramp in Enschede mee. Bij de ontploffing, die de wijk Roombeek goeddeels van de kaart veegde, stond hij in de frontlinie. Zijn collega Marcel van Nieuwenhoven verloor bij de explosie het leven. Dat maakte een onuitwisbare indruk. De ramp kostte drieëntwintig mensen het leven, bijna duizend mensen raakten gewond. De exclusieve beelden die Danny de Vries maakte, gingen de hele wereld over.

De ramp is bepalend geweest voor de keuzes in de rest van zijn leven. ‘Elke dag ná 13 mei van dat rampjaar voelt als een cadeautje’, zegt hij. ‘Toen ik zesentwintig was, heb ik me voorgenomen om rond mijn vijfenveertigste het roer drastisch om te gooien. Je hoort vaak van anderen dat ze na hun pensioen zeggen: toen ik veertig was had ik dat en dat moeten doen. Die fout wilde ik niet maken. Ik wil uit het leven halen wat erin zit.’

Journalist, ondernemer, bestuurder
Zijn loopbaan kenmerkt zich door drastische keuzes: van journalist werd hij mediaondernemer en strategisch communicatie-adviseur, van ondernemer lokaal bestuurder en nu dus terug de journalistiek in. Dat hij ooit wegging bij RTV Oost zorgde al die tijd voor een onaf gevoel, zegt hij. ‘Het is eervol dat ik de kans krijg om de cirkel rond te maken.’

Tijdens zijn welkomsttoespraak bij RTV Oost droeg hij in januari de bedrijfsjas die hij als jonge verslaggever aan de wilgen had gehangen (zie foto).

‘RTV Oost is mijn oude liefde, mijn familie. De omroep heeft roerige jaren gekend. Toen ik de kans kreeg om leiding te geven aan de wederopbouw was dat wel iets om serieus over na te denken. Afscheid nemen als burgemeester viel me zwaar. Ik had het gevoel dat ik de mensen in Oudewater in de steek liet. Ik moest echt wel even wennen aan het idee, tot ik dacht: wauw, wat een prachtig cadeau krijg ik aangeboden.’

Risico van belangenverstrengeling
We moeten het even hebben over het risico van belangenverstrengeling. Met zo’n groot netwerk in de bestuurlijke sector bestaat bij oude vrienden misschien de neiging om informeel druk uit te oefenen om gewenste standpunten in te nemen, terwijl het publiek van de omroep verwacht dat die de luis in de pels van de machthebbers is?

‘Ik heb hier een organisatie vol kritische professionals. Als het gaat om hun controlerende rol, dan moeten die gewoon hun werk doen. Zijn er onderwerpen aan de orde waar ik ooit als ondernemer of burgemeester bij betrokken was, dan zal ik dat melden en me op afstand houden’, belooft hij. ‘We zijn een journalistieke organisatie en dat staat voorop. Altijd!’

Heb je als oud-bestuurder een idee gekregen over de kwaliteit van de huidige journalistiek?
‘Het valt me op dat niet altijd hoor en wederhoor meer wordt toegepast. Daardoor ontstaan rare verhalen die leiden tot vooroordelen. Als bestuurder dacht ik: lekker makkelijk. Persoon X klaagt over persoon Y en vervolgens mag de bestuurder in de laatste regels nog even zeggen dat het anders in elkaar zit. Ik heb te vaak gezien dat journalisten er zich vanaf maken.

Vooral in deze tijd van desinformatie is het belangrijk dat we een betrouwbaar merk zijn. Ons publiek moet de zekerheid hebben dat wat we brengen klopt. Clickbaits zijn belangrijk geworden, net als snelheid en met aantrekkelijke koppen vergroot je je bereik. Maar ons publiek moet de zekerheid hebben dat wat we brengen klopt. Ook als we daardoor een tikkeltje saai zijn.

Ik wil dat we als omroep een arm om de maatschappij heen slaan. Even snel scoren met een itempje en dan de boel weer loslaten is te gemakkelijk. Zeker als regionale omroep moeten we zorgvuldig omgaan met ons publiek, want je komt elkaar elke dag weer tegen.’

Wat voor bedrijf heb je aangetroffen toen je terugkwam?
‘Vertrouwd, maar tegelijk ook heel anders. Online en de socials zijn erbij gekomen. Dat is een nieuwe tak van sport, waar ik ook nog wat bedenkingen bij heb, bijvoorbeeld de afhankelijkheid van algoritmes die elders bepaald zijn. Je ziet op de socials vaak een kop met een vraagteken: is dit en dat aan de hand? Dat begrijp ik. Maar ik wil in ónze app geen vraagtekens zien. We zijn journalisten, dus breng het nieuws!’

Valt er iets te verbeteren?
‘Bij de omroep heerst een familiaire sfeer. Dat is fijn, een van de redenen waarom ik terug ben gegaan naar Oost. Maar er zit ook een nadeel aan en dat is dat je elkaar niet altijd aanspreekt, omdat het al gauw als persoonlijk wordt ervaren. We moeten aan de bar een biertje kunnen drinken, maar ook kritisch blijven op de rol die we vervullen, zonder te denken dat we boos zijn. Daar kunnen we nog een slag in maken.’

Hoe zijn de resultaten?
‘Ik ben tevreden met ons bereik en de impact. Goud! – met verhalen van Overijsselse artiesten die een gouden plaat behaalden – is ons beste bekeken cultuurprogramma ooit. In totaal: 5,4 miljoen views online. De Bas en Bert Ochtenshow – radio luisteren via de tv – krijgt op zaterdag telefoontjes uit het hele land.

Afslag 13, een serie over de rijke geschiedenis en gastvrijheid van een populaire truckersstop in Twente, wordt door honderdduizenden mensen gevolgd.

Daan Brunsman was genomineerd voor de Villamedia Afstudeerprijs. Wouter Rutgers maakte een documentaire naar aanleiding van de herdenking van de Scheg-ramp: een bus uit Deventer die in Winterberg verongelukte, een ongeluk dat aan zeven mensen het leven heeft gekost.

Als ik kijk naar de impact van het onderzoek van Jan Colijn van RTV Oost en Maarten Schoon van De Twentsche Courant Tubantia over een sekte hier in de regio, dan denk ik: dat is toch maar mooi even neergezet.’

We  besteden veel aandacht aan de gemeenteraadsverkiezingen. Zo is er elke dag een ‘verkiezingskaravaan’ actief in de provincie en hebben we in het kader van de samenwerking met streekomroep 1Twente hun verkiezingsdebat in Enschede gestreamd op onze app.

Wat wil je over vijf jaar bereikt hebben?

‘Versterking van nieuws, sport en cultuur. Een belangrijke prioriteit is het verstevigen van de status van RTV Oost als rampenzender. Daar zit een groot raakvlak met het burgemeesterschap. Als burgemeester lag ik daarvan wakker.

Aan het publiek communiceren we: zet het “signaal op regionaal” in geval van een ramp. Maar dan moet je er wel kunnen zijn. Nederland is niet goed voorbereid op een langdurige crisis, ook de omroep niet. We zijn wel rampenzender, maar het is helemaal niet duidelijk hoe we die functie moeten vervullen bij een crisis van minimaal 72 uur.

In de kern is het helder: er is een calamiteit. De overheid wil het publiek bereiken en krijgt bij de regionale omroep een open microfoon. Dat staat los van de journalistieke functie. De burgemeester gaat over de inhoud van die overheidsberichten. Maar daarna is er niet zoveel geregeld.

Als de stroom uitvalt, doet ook de mobiele telefoon het niet meer. Wat voor afspraken zijn er met je journalisten? Is duidelijk wat van hen wordt verwacht? Wat gebeurt er als je niemand meer kunt bereiken? Is geregeld dat de school hun kinderen opvangt? Weet iedereen wat er van hem of haar verwacht wordt? Hoe doe je je werk? Is er genoeg diesel om 72 uur te draaien op het noodaggregaat?

Het zijn allemaal vragen. Veel jongeren weten niet eens meer wat een etherfrequentie is. Een jongere die ik het vroeg wist dat hij op de radio aan een knopje moest draaien en zei: “Dan vind ik wel wat.” Geen idee wat het betekent als er staat: Twente 89,4.

Het gaat niet alleen om de bedrijfscontinuïteit, maar ook om de redactionele invulling. We zijn nu in kaart aan het brengen wat ons te doen staat.’

TON VERLIND