Huub Jaspers waarschuwt voor inzet journalisten als spion door Nederlandse geheime diensten

Nederlandse inlichtingendiensten zetten journalisten in om geheime informatie te verzamelen, maar de wettelijke bescherming van journalistieke bronnen schiet daarbij tekort. Dat stelt onderzoeksjournalist en voormalig Argos-redacteur Huub Jaspers. In het radioprogramma Argos op NPO Radio 1 waarschuwde hij dat de nieuwe inlichtingenwet onvoldoende waarborgen biedt voor de onafhankelijkheid van de journalistiek.

Jaspers schreef samen met Olivia den Hollander een artikel in het Nederlands Juristenblad over de inzet van journalisten door de AIVD en MIVD. Volgens de auteurs kunnen journalisten informatie doorspelen aan geheime diensten zonder dat daarvoor vooraf toestemming van een rechter nodig is. Dat vormt volgens hen een risico voor de persvrijheid, journalistieke bronbescherming en uiteindelijk de democratische rechtsstaat.

Dat Nederlandse inlichtingendiensten journalisten inzetten, is geen nieuw verschijnsel. Argos onthulde al in 2011 dat de militaire inlichtingendienst MIVD gebruikmaakte van journalisten en dat een medewerker van de dienst zich als journalist had voorgedaan. In 2024 bevestigde de Commissie van Toezicht op de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten (CTIVD) officieel dat zowel de AIVD als de MIVD journalisten als agent inzetten. De toezichthouder onderzocht operaties tussen 2019 en 2023 en constateerde verschillende tekortkomingen in de procedures.

Zo werden bij de AIVD bepaalde toestemmingen te laat verleend en ontbraken bij de MIVD in sommige gevallen belangrijke operationele verslagen. Ook moest volgens de toezichthouder meer aandacht worden besteed aan de veiligheid van journalisten en hun bronnen. De CTIVD vond overigens geen aanwijzingen dat de onderzochte journalisten onder druk waren gezet om mee te werken. Wel wees de toezichthouder erop dat journalisten in uitzonderlijke gevallen kunnen worden benaderd zonder direct te weten dat zij met een inlichtingendienst te maken hebben.

Volgens Jaspers zit het belangrijkste probleem in de wettelijke bescherming van journalistieke bronnen. Wanneer inlichtingendiensten bijzondere bevoegdheden inzetten om toegang te krijgen tot journalistieke bronnen, is in bepaalde gevallen voorafgaande toestemming van de rechtbank Den Haag vereist. Bij de inzet van een journalist als agent geldt die rechterlijke toets echter niet op dezelfde manier. Jaspers vindt dat onbegrijpelijk. Een journalist kan immers vrijwillig besluiten informatie aan de AIVD of MIVD door te geven, maar de vertrouwelijke bron van die journalist heeft daarvoor geen toestemming gegeven. Volgens Jaspers en Den Hollander staat deze uitzondering op gespannen voet met de rechtspraak van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens, waarin journalistieke bronbescherming een belangrijke plaats inneemt. De nieuwe Wet bescherming nationale veiligheid door de inlichtingen- en veiligheidsdiensten (Wbnv) moet de huidige wet vervangen. Ondanks gesprekken met vertegenwoordigers van de betrokken ministeries en inlichtingendiensten is de door Jaspers gesignaleerde kwestie volgens hem niet opgelost.

Jaspers benadrukt dat samenwerking met inlichtingendiensten niet alleen de onafhankelijkheid van de journalistiek kan ondermijnen, maar ook levensgevaarlijke situaties kan opleveren.

Vooral buitenlandse correspondenten die actief zijn in landen als Rusland, Iran en China lopen volgens hem risico. Wanneer journalisten worden verdacht van spionage, kan dat leiden tot arrestaties en vervolging. Ook hun vertrouwelijke bronnen kunnen daardoor gevaar lopen.

Daarnaast vreest Jaspers dat klokkenluiders minder snel naar journalisten stappen wanneer zij niet zeker weten of hun informatie vertrouwelijk blijft.

Journalisten moeten onafhankelijk blijven

Jaspers pleit er daarom voor dat inlichtingendiensten helemaal geen journalisten meer als agent inzetten. Ook de Nederlandse Vereniging van Journalisten (NVJ) heeft zich kritisch uitgesproken over deze praktijk. Volgens hem hebben journalisten en inlichtingendiensten fundamenteel verschillende maatschappelijke verantwoordelijkheden. Waar geheime diensten informatie verzamelen ter bescherming van de nationale veiligheid, moeten journalisten onafhankelijk de macht kunnen controleren. Het argument dat journalisten vrijwillig meewerken, vindt hij onvoldoende. De onafhankelijkheid van de journalistiek is volgens Jaspers niet alleen een individuele verantwoordelijkheid, maar ook een publiek belang. Zijn advies aan journalisten die door een inlichtingendienst worden benaderd, is dan ook helder: niet meewerken.

Spreekbuis.nl

WAARDEER DIT ARTIKEL!

Als je dit artikel waardeert en je waardering wilt laten blijken met een kleine bijdrage, dan kan dat. Zo help je onafhankelijke mediajournalistiek in stand houden.

Donatie Spreekbuis € -