
“In dialoog wordt de essentie zichtbaar” is een mooi Japans gezegde. Juist daarom is het interessant dat polemiek vaak ontstaat op momenten waarop mensen het gevoel krijgen dat echte dialoog verdwenen is.
Polemiek was voor mij eigenlijk een verhaalvorm die een tijd uit beeld was geraakt. Tot ik via een post van Frederike Geerdink op journalisten hangout Villamedia er weer mee in aanraking kwam, waarover ik hier eerder schreef. Het leidde vervolgens tot tamelijk. polemische reacties van de redacteur van Frontaal Naakt, die in het artikel van Geerdink wordt geïnterviewd.
De kern van polemiek ligt in botsing. De polemische columnist schrijft niet vanuit afstand, maar vanuit confrontatie: met instituties, met dominante moraal, met media, met politieke tegenstanders of met culturele vanzelfsprekendheden. Historisch is polemiek sterk verbonden met essayistiek en literaire journalistiek. In Nederland zie je daar sporen van bij Willem Frederik Hermans, Theo van Gogh, Pamela Hemelrijk en tegenwoordig bij verschillende (online) columnisten zoals Paul Cliteur, Theodor Holman, Nausicaa Marbe, Sid Lukkassen en Substack-auteurs zoals Jonas Kooyman en natuurlijk velen op X die hun ongezouten mening verkondigen.
Opvallend is dat polemiek juist vaak terugkeert in periodes van institutioneel wantrouwen. Zodra mensen het gevoel krijgen dat publieke taal te glad, voorzichtig of technocratisch wordt, ontstaat ruimte voor stemmen die harder formuleren, explicieter kiezen en (door hen gesignaleerde) hypocrisie zichtbaar proberen te maken. Misschien verklaart dat ook waarom polemische stemmen online vaak disproportioneel veel bereik krijgen.
Tegelijk schuift daarmee ook iets anders naar voren. De grens tussen polemiek, algoritmische verontwaardiging en engagement-theater wordt diffuser. Niet iedere harde formulering is een intellectuele aanval. Soms is het vooral distributiestrategie geworden. Verontwaardiging als format. Conflict als optimalisatie voor bereik.
Misschien ligt daar inmiddels de interessantste vraag. Niet óf polemiek nog populair is, maar of we nog goed herkennen wanneer er werkelijk iets op het spel staat. En wanneer vooral het algoritme gevoed moet worden.
Zelf heb ik geen ervaring met het schrijven van een polemische column. Maar ik wilde het wel eens proberen. Ik heb daarvoor een kleine website gebouwd met een AI-fabriekje erachter. Dat was heel erg leuk en inzichtelijk. Voor mensen die ook zelf eens een polemische column willen schrijven maar daar niet meteen de kennis en kunde voor hebben. Je kunt die hier vinden https://voicefilter.nl (De input en output blijven volledig lokaal op je eigen computer en er wordt niets centraal bijgehouden of opgeslagen. En wat je er vervolgens mee doet is vanzelfsprekend aan jezelf.)
En zet mijn column daar gerust eens doorheen om te zien hoe snel nuance kan veranderen in aanval, ironie in beschuldiging en observatie in strijd. Dat proces blijkt soms verrassend dunne grenzen te kennen via wat getunede AI. (Ik heb overwogen de ‘polemische column’ hier te zetten, maar die vorm staat toch te ver van me af, zelfs als voorbeeld.)
Wat ik geleerd heb van deze ervaringen is dat het ook iets over deze tijd zegt dat steeds meer mensen niet alleen media consumeren, maar ook willen experimenteren met stijl, toon en retoriek. Dat is misschien wel een van de interessantste kenmerken van dit digitale tijdperk: de technieken van media, framing en overtuiging zijn niet langer exclusief terrein van redacties, columnisten of opiniemakers, maar onderdeel geworden van een bredere culturele gereedschapskist.
Juist daarom is het ook boeiend om polemiek te bestuderen. Als stijl. Als mechanisme. Als uitvergroting van wat er gebeurt wanneer conflict, moraal en publieke aandacht samenkomen. Maar voor mij persoonlijk is het geen model voor dialoog. Polemiek kan scherpte brengen, hypocrisie blootleggen en debat forceren, maar zelden ontstaat daarin werkelijk ruimte om elkaar nog te begrijpen. Misschien blijft juist daarom die Japanse observatie toch interessanter dan de polemiek zelf: dat in dialoog uiteindelijk meer zichtbaar wordt dan in strijd alleen.
