achtergrond

‘Techniek is de rode draad van de afgelopen en de komende vijf jaar’

Sinds vijf jaar is het Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid gevestigd in het kenmerkende, veelkleurige gebouw bij de ingang van het Media Park. In die periode heeft de organisatie flink aan de weg getimmerd. Niet alleen overtreffen de bezoekersaantallen aan de Experience alle verwachtingen, ook is maar liefst 200.000 uur audiovisueel materiaal gedigitaliseerd. En het is een kwestie van slechts een paar jaar voordat digitalisering spraak- en beeldherkenning algemeen gebruikt worden.

 

Het Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid verzamelt en conserveert audiovisueel materiaal en maakt het toegankelijk voor mediaprofessionals, onderwijs en wetenschap, en het algemene publiek. Het bezit een van de grootste audiovisuele archieven van Europa en beheert meer dan 70 procent van het Nederlandse audiovisuele erfgoed. De collectie bevat 750.000 uur aan televisie, radio, muziek en filmmateriaal, van het oudste materiaal uit 1898 tot vandaag. Bovendien stromen tegenwoordig alle uitzendingen van de publieke omroep digitaal binnen.

 

Tevredenheid

Directeur Jan Müller kijkt met tevredenheid terug op de afgelopen vijf jaar. De mensen van Beeld en Geluid hebben zich van hun beste kant laten zien, vindt hij. ‘In het begin was het voor veel van hen wel even wennen. Het fusie-instituut Beeld en Geluid was voor het eerst op één adres gevestigd en we kregen te maken met grote hoeveelheden bezoekers, veel meer dan waar we in eerste instantie op hadden gerekend. Ons uitgangspunt was 150.000 man per jaar maar eigenlijk gingen we daar vanaf het begin al overheen. Dat was voor sommigen soms lastig: als je een kantoororganisatie gewend bent en vervolgens terecht komt in een gebouw dat ook een publieksfunctie heeft, is dat wel even slikken.’

Ook bij de omroepen bestond in eerste instantie scepsis. Müller: ‘We moesten opboksen tegen de perceptie dat we met hun materiaal aan de haal gingen. Maar al vrij snel werd duidelijk: wij alléén kunnen er niks mee. Immers, we zijn van bijna niks uit het archief de eigenaar, behalve van het Polygoonjournaal en het werk van een aantal documentairemakers. Vandaag de dag is de samenwerking met de omroepen perfect.’

 

25 jaar

Het belangrijkste project waar Beeld en Geluid de afgelopen jaren aan werkte, was Beelden voor de Toekomst. Het grootste digitaliseringsproject van Nederland en Europa, aldus Müller. Lachend: ‘Bij de start van Beelden voor de Toekomst werd gezegd: door de toenemende digitalisering hebben we voor het eerst reëel zicht op een duurzaam toegankelijke collectie. Er was in die tijd 10.000 uur digitaal gearchiveerd. Nu is dat 200.000 uur. Om aan te geven hoeveel dat is: het gaat om een kwart van ons totale archief van bijna 800.000 uur, omgerekend zo’n 25 jaar onafgebroken kijken en luisteren.’

Het spreekt voor zichzelf dat Beeld en Geluid over een gigantische opslagcapaciteit beschikt: ‘Onze storage bedraagt nu al meer dan 5 petabyte. Dat is 5 miljoen gigabyte. En we groeien nog eens met ca. 1 petabyte per jaar. Daarmee zijn we het grootste audiovisuele archief van Europa.’

De digitale infrastructuur die Beeld en Geluid biedt, is qua soft- en hardware met publiek geld betaald’, vervolgt hij. ‘Daarom willen we een knooppunt zijn in de infrastructuur voor nationaal erfgoed. Dat lukt best aardig. Zo heeft de Koninklijke Bibliotheek bij ons zijn back-up geïnstalleerd.’

 

clearen

Wat levert Beelden voor de Toekomst de gebruikers op? Müller: ‘Al het materiaal is in onze digitale catalogus te bekijken. Je kunt gericht zoeken, maar ook er doorheen browsen. Ook de rechten van het materiaal zijn door ons in kaart gebracht. Wil je van bepaald materiaal gebruik maken, dan wordt er contact opgenomen met de rechthebbenden. Met andere woorden: het clearen van rechten doen we dus ook. Hoeveel geld daar mee gemoeid is? We zetten rond de 1,2 miljoen euro per jaar om als het gaat om hergebruik van materiaal.’

Een andere mogelijkheid in het systeem dat straks wordt aangeboden aan de gebruiker: recommendation technologie. Müller: ‘Als je dit fragment interessant vindt, kijk dan ook eens naar dat fragment. Denk aan wat Amazon.com doet als je geïnteresseerd bent in een bepaald boek. Het stimuleert hergebruik en dat is interessant voor zowel de gebruikers als de rechthebbenden – in beide gevallen vaak de omroepen. Eigenlijk moeten we een keer per jaar een rondje langs alle gebruikers doen om te laten zien wat er allemaal kan.’

 

Rode draad

Techniek is de rode draad van de afgelopen vijf jaar, aldus Müller. ‘We zijn een ICT-mediabedrijf geworden. In de toekomst zal dat niet veranderen. Zo zijn we bijvoorbeeld bezig met spraak- en beeldherkenning. Voor spraakherkenning werken we samen met de TU Twente. Daar zijn we eigenlijk al heel ver mee. Met beeldherkenning, in samenwerking met de Universiteit van Amsterdam, zijn we net begonnen. Maar binnen vijf jaar zijn er goed werkende systemen.’

Naast technologie blijven onderwijs en de archieffunctie van Beeld en Geluid belangrijke speerpunten. Müller: ‘En dan heb ik het niet alleen over de dertigduizend scholieren die de Experience jaarlijks bezoeken maar ook over onze samenwerking met de NTR aan materiaal dat wordt gebruikt voor digitale onderwijsplatforms. Wat betreft het archief: met NPO zijn we bijvoorbeeld bezig om te kijken naar verder uitbreiding van Uitzending Gemist. Als je een archief hebt waar de hele omroepgeschiedenis in zit, waarom zou je dat niet zoveel mogelijk openstellen.’

 

Marc Notebomer

 

Foto: Josje Franken