
Radio Nederland Wereldomroep en de vakbonden NVJ, CNV en FNV Kiem ondertekenden op 10 januari jongstleden het sociaal plan voor de medewerkers van de Wereldomroep. Als gevolg van drastische bezuinigingen en een nieuwe focus gaat de omroep dit jaar reorganiseren: naar verwachting verliezen 270 van de 350 medewerkers hun baan. Het is de bedoeling dat alle medewerkers uiterlijk 1 juli weten of ze een plek hebben in de nieuwe organisatie.
Afgelopen zomer besloot het kabinet dat de Wereldomroep zich uitsluitend nog zal richten op het bieden van betrouwbare en onafhankelijke informatie aan mensen in landen zonder vrije pers. Het budget van de omroep werd verlaagd met 70 procent: van 46 naar 14 miljoen euro per jaar. Een ingrijpende reorganisatie was onontkoombaar. De afgelopen maanden is druk onderhandeld over een goed sociaal plan voor boventallige medewerkers. Het uiteindelijke resultaat dat op 10 januari werd ondertekend, is gebaseerd op het sociaal plan dat voor de publieke omroep geldt. Het plan is erop gericht om zoveel mogelijk medewerkers van werk naar werk te begeleiden. Algemeen directeur Jan Hoek: ‘We organiseren trainingen en cursussen om de perspectieven van medewerkers te vergroten, zoals cv-schrijven en personal branding.’ Voor mensen die willen om- of bijscholen is er opleidingsbudget beschikbaar. Medewerkers die nu al een andere baan vinden en weg willen, kunnen gebruik maken van een voortijdige vertrekregeling. Daarnaast is er een repatriëringsregeling voor buitenlandse medewerkers. Hoek: ‘Binnen onze organisatie werken meer dan 30 nationaliteiten. Indien mensen terug willen naar hun thuisland, kunnen zij aanspraak maken op deze regeling.’
Ouderenregeling
De voorzitter van de ondernemingsraad Henk Lansink zegt tot nu toe tevreden te zijn over de transparantie en zorgvuldigheid van directie en bonden bij de aanpak van de reorganisatie en de totstandkoming van het sociaal plan. Ook in de inhoud van het sociaal plan kan hij zich als medezeggenschapsman goed vinden: ‘Het is alleen jammer dat er geen ouderenregeling in zit. Begeleiding van werk naar werk is namelijk een goed streven, maar het is een gegeven dat de kans op een nieuwe baan voor 50-plussers slechts 3 procent is. Na drie jaar WW kom je als oudere dus bijna standaard in de bijstand terecht; de schadeloosstelling die je bij je vertrek meekrijgt, is te laag om te dienen als overbrugging naar het pensioen.’
Over de opstelling van de vakbonden tijdens de onderhandelingen is hij zeer tevreden. ‘Omdat de Wereldomroep een totaal nieuwe organisatie wordt, wilde de directie aanvankelijk iedereen boventallig verklaren en mensen laten solliciteren op alle nieuwe functies: een selectie op basis van kwaliteit. De bonden hebben hier een stokje voor gestoken om eventuele willekeur te voorkomen en ook ouderen een faire kans te geven. In het sociaal plan is afgesproken dat we waar mogelijk het afspiegelingsprincipe hanteren. De nieuwe organisatie moet qua leeftijdsopbouw zo veel mogelijk een afspiegeling zijn van de huidige organisatie.’
Nieuwe organisatie
Speculaties over wie blijft en wie er zullen moeten gaan, zijn er volop, maar niets is nog zeker. Hoek: ‘We moeten eerst nog een nieuwe organisatie neerzetten. Daarvoor moet eerst onderzocht worden welke doelgebieden en doelgroepen de Wereldomroep het beste kan bedienen en ook welke content een toegevoegde waarde heeft. Waar kunnen we iets bieden dat spelers als de BBC, Deutsche Welle of Voice of America niet bieden.’
Medewerkers zijn nadrukkelijk betrokken bij dit onderzoek. ‘We willen zo zorgvuldig mogelijk te werk gaan en geen keuzes maken op basis van voorkeuren of hobby’s.’
Op 16 januari legde Hoek samen met hoofdredacteur Rik Rensen alvast de voorlopige bevindingen aan de medewerkers voor. ‘Ons voorstel is ons te richten op jongeren tussen 15 en 30 jaar. Dit zijn de mensen die verantwoordelijk gaan worden voor de veranderingen in de wereld en de toekomstige leiders. We richten ons op jongeren in de gebieden waar geen free speech is volgens de criteria van de Freedom of the Press-index. De gebieden waar we ons ruwweg op willen gaan richten, zijn China, Noord-Afrika, het Midden-Oosten, delen van Subsahara Afrika, Latijns-Amerika en mogelijk ook nog Zuid-Azië en enkele Sovjetlanden.’ De komende twee weken wil Hoek samen met denkgroepen van medewerkers verder praten over mogelijke thema’s die de omroep gaat brengen. ‘We denken aan thema’s waarin Nederland een typisch Nederlandse kijk op zaken kan brengen, zoals seksuele gezondheid, internationaal recht, duurzaamheid en democratie. In februari moet de richting van de nieuwe Wereldomroep helder zijn, zodat we kunnen beginnen met het vormen van de nieuwe organisatie.’
Sfeer
Hoe staat het ondertussen met de sfeer onder de medewerkers? Henk Lansink ziet drie tendensen: ‘Een deel laat de schouders hangen en hoopt dat het snel voorbij is, een ander deel is bezig met zijn eigen positie: ik ben heel erg goed, uniek en onmisbaar. En tot slot heb je een grote groep mensen die elkaar steunen en waar een groot saamhorigheidsgevoel overheerst.’ Wat Hoek opvalt, is de niet aflatende inzet van programmamakers. ‘De Nederlanders, en Antillianen en Indonesiërs weten ondertussen dat hun programma op zal houden, desondanks blijven ze zich met de volle 100 procent inzetten en willen ze hun werk goed afronden.’
Lansink – die naar eigen inschatting wellicht de organisatie zal moeten verlaten – besluit: ‘Los van mijn eigen baan vind ik het ongelofelijk jammer dat een prestigieus instituut als de Wereldomroep na 65 jaar op deze wijze geminimaliseerd wordt.’
Ellen Röling
Foto: Josje Franen