overig

Video on Demand begint big bussines te worden in Nederland

Na een flinke aanloop begint Video on Demand (VoD) big business te worden, ook in Nederland. De markt is stevig in beweging, bleek tijdens het Cross Media Café over VoD dat vorige week dinsdag plaatsvond.

Om te beginnen gaf Maikel Verhaaren, manager Entertainment van GfK Retail and Technology, een overzicht van de markt. Maar eerst definieerde hij wat GfK onder Video on Demand verstaat: gefilmde content waarvoor betaald wordt, maar die geen user generated content of adult materiaal is. Uitgaande van die definitie verwacht Verhaaren dat VoD-diensten dit jaar in Nederland een omzet halen van 53 miljoen euro. Het gaat daarbij vooral om speelfilms (73 procent). Volgens Verhaaren is er een ‘vliegwieleffect’ opgetreden: een combinatie van laagdrempelig beschikbare content en de apparaten om die af te spelen, jaagt de markt aan. Daardoor is de VoD-markt sinds 2008 echt omvangrijk aan het worden. Verhaaren voorspelde dat volgend jaar de VoD-transacties de verkoop van bijvoorbeeld dvd’s zullen overtreffen.

Geleidelijk

Kijkcijfers zijn al vele jaren het terrein van de Stichting KijkOnderzoek (SKO). Directeur Bas de Vos kon de eerste resultaten melden van een nieuw onderzoek naar het kijkgedrag dat bij de verschillende apparaten hoort. Uit de cijfers blijkt dat driekwart van de bezitters van een computer, tablet of smartphone zijn device wel eens gebruikt om AV-content af te spelen. Jongeren doen dat vaker dan ouderen. Het meest wordt overigens nog altijd het tv-toestel gebruikt: 78 procent.
Het type content dat wordt bekeken is vooral televisie (70 procent), op afstand gevolgd door films en user generated content. Dat verschilt per apparaat, zo domineert bijvoorbeeld user generated content op smartphones, terwijl tv-content vooral op televisietoestellen wordt bekeken. Jongeren zijn ook nu weer afwijkend; ze kijken minder tv-programma’s (60 procent) en maken meer dan andere leeftijdsgroepen gebruik van de pc.
Het tv-scherm mag dan nog dominant zijn, tablets en smartphones zijn in opkomst. De Vos concludeerde uit de cijfers dat de wereld langzaam verandert. We hebben de apparaten wel, maar dat wil nog niet zeggen dat we er ook massaal VoD-diensten mee gebruiken. Uitgesteld kijken neemt toe, maar beslaat nog altijd maar 2,5 procent van de kijktijd. De rol van andere schermen dan de tv neemt geleidelijk toe. De Vos kon melden dat er meer gegevens komen, maar de resultaten van bijvoorbeeld een onderzoek naar het tweede scherm zijn nog niet bekend.

Uitzending Gemist

In Nederland is de moeder van alle VoD-diensten toch wel Uitzending Gemist van de NPO. William Valkenburg, scheidend directeur Internetcoördinatie, Innovatie & Nieuwe Media van de NPO, stond tien jaar geleden aan de wieg van deze zeer succesvolle dienst. In het begin verrichtte hij pioniersarbeid, want ook in de omroepwereld begreep niet iedereen meteen wat hij bedoelde. De naam Uitzending Gemist hielp wel, Valkenburg bedacht die toen hij na een vergadering op zijn telefoon keek en las dat hij een oproep had gemist.
De dienst begon met vooral nieuwsuitzendingen, die hadden de urgentie die aansloot bij de wens van het publiek. Gaandeweg stelden de omroepen meer materiaal beschikbaar en in 2004 volgden de Telefilms van dat jaar, die ondanks hun lengte succes hadden. Een jaar later was de dienst zo ingeburgerd, dat voor het eerst een producent belde met de vraag waarom zijn programma niet op Uitzending Gemist stond.
In de loop der jaren is de dienst snel gegroeid. In 2002 werkte er één redacteur aan Uitzending Gemist, inmiddels een hele groep, en waar eerst duizend streams per dag heel wat is, wordt dat getal nu per minuut gehaald. Kostte het in het begin minstens zes uur om een programma online te krijgen, tegenwoordig is daar dankzij de voortschrijdende automatisering nog hooguit tien minuten voor nodig. De NPO is Uitzending Gemist steeds verder aan het ontwikkelen, inmiddels in rechtstreekse samenwerking met het publiek. De publieke omroep werkt ook graag met andere partijen samen, maar voorop blijft staan dat de NPO greep houdt op de content.
Valkenburg verwierp verwijten dat de publieke omroep met de gratis dienst de commerciële omroepen oneerlijke concurrentie aandoet. Toen hij ermee begon, bestond zo’n dienst gewoon niet, de NPO heeft dus een markt geschapen, waar nu iedereen zijn voordeel mee kan doen. Dat is gedaan vanuit een budget case: de NPO kijkt niet naar wat het zou kunnen opbrengen, maar naar wat het de publieke omroep waard is. Valkenburg hamerde er voor de toekomst op dat de dienst gebruiksvriendelijk moet blijven, en samenhangend moet zijn op elk apparaat.

Lineaire VoD

Directeur Marc Jurgens van Ximon.nl presenteerde zijn dienst als een betaalde versie van Uitzending Gemist. Ximon is een initiatief van de Nederlandse Vereniging van Speelfilmproducenten, het EYE Film Instituut Nederland en het Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid. Het project is een volgende stap in het nationale digitaliseringsproject Beelden voor de Toekomst.
Jurgens signaleerde een toenemende bereidheid bij het publiek om te betalen, al loopt het bij Ximon.nl, dat dit voorjaar is gestart, nog niet storm. Een paar honderd klanten per dag huren via de computer één van de duizend films en documentaires die de dienst aanbiedt. Begin volgend jaar wil Ximon.nl ook op tablets en smart tv’s aanwezig zijn. Volgens Jurgens is nog niet duidelijk op welke schermen precies de dienst komt, omdat er sprake is van een wildgroei
Naast het retailkanaal voor het publiek is er een wholesalekanaal voor bijvoorbeeld scholen, bibliotheken en kabelmaatschappijen.
De catalogus moet snel groeien, naar vijfduizend titels in 2013, onder meer van publieke omroepen uit binnen- en buitenland. Kaskrakers zitten daar niet bij, Ximon.nl richt zich op kwaliteitswerk, dat ongeveer twintig procent van de markt zou uitmaken. Klanten kunnen kiezen uit een pay per view systeem, een collectie van vijf tot vijftig titels in een virtuele box en het Ximon Plus abonnement, waardoor ze tegen een vaste prijs onbeperkt kunnen kijken.
Voor de toekomst verwacht Jurgens dat veel mensen  een lineair VoD-aanbod op prijs zullen stellen: een ‘eigen’ kanaal waarop ze producties kunnen zien die zijn gekozen op basis van hun profiel.

Digitale uitgaven

Ennél van Eeden (director PricewaterhouseCoopers) gaf met een flitsend filmpje de belangrijkste punten weer van de jaarlijkse PwC Media & Entertainment Outlook, een overzicht van de ontwikkelingen in de media industrie. Vooral de digitale uitgaven stijgen. In 2015 zullen de bestedingen op het gebied van VoD in Nederland zijn opgelopen naar 130 miljoen euro, verwacht PwC, een groei van 26 procent. Over the top (online video zonder directe bemoeienis van de internet provider, door bijvoorbeeld Netflix) is een groeisector, maar piraterij, het illegaal downloaden, blijft een probleem. De verhuur van fysieke producten (dvd, Blu-ray) neemt verder af, er komen steeds minder videotheken. Dat geldt niet voor de bioscopen, die doen het goed.
Wat is de beste strategie voor de toekomst? Samenwerken, vond Van Eeden, en continu feedback krijgen van klanten. De vooruitzichten voor VoD zijn op zichzelf goed volgens haar. De kabelmaatschappijen hebben op het moment de beste uitgangspositie. Het komt er tenslotte op aan om de huiskamers te bereiken, en dat doet de kabel.

UltraViolet

Het grote gemak van bijvoorbeeld de dvd, die het in elke speler overal op de wereld doet, was tot nu toe nog niet weggelegd voor VoD, betoogde Menno Bangma (consultant TNO). Maar er is een oplossing voor: UltraViolet. Het internationale consortium hierachter, opgericht door vijf grote Hollywoodstudio’s, bestaat inmiddels uit enkele tientallen bedrijven uit de industrie. UltraViolet zorgt ervoor dat de klant content kan kopen, centraal in de cloud kan opslaan, en op elk gewenst platform kan bekijken en beluisteren.
TNO bekijkt wat de mogelijkheden in Nederland zijn, samen met de Dutch Media Hub en enkele innovatieve bedrijven. UltraViolet biedt deelnemers onder meer een standaard fileformaat, met een standaard encryptiemethode en vijf erkende DRM-systemen. Er blijven wel verschillende contentregio’s bestaan, zodat er nog steeds onderscheid is tussen bijvoorbeeld ondertitelen (in Nederland gebruikelijk) en nasynchroniseren (zoals in onder meer Duitsland veel wordt gedaan). Verder zijn er allerlei voorwaarden aan verbonden. Per huishouden zijn bijvoorbeeld zes leden en twaalf apparaten toegestaan, er mag van de content een fysieke kopie worden gemaakt en er kan op drie apparaten tegelijk worden gestreamd. Al met al heel wat om aan de consument uit te leggen.

Metadata

Een partij die al lang met VoD bezig is (onder meer betrokken bij Uitzending Gemist), is Technicolor. Nick Ceton, Business Development Manager van Technicolor ging in zijn bijdrage vooral in op Eredivisie Live, waarvoor Technicolor de technische oplossingen levert, van het signaal vanuit de stadions tot en met de uitzending, inclusief metadata en wat er verder maar bij komt kijken. Wat de distributie betreft, heeft elke kabelmaatschappij specifieke kenmerken. Dat heeft gevolgen voor de kosten die met het proces samenhangen, al die verschillende videoformaten maken zaken als encoderen en beheren van het materiaal kostbaar. Dus brak Ceton een lans voor standaards. Ook op het gebied van metadata, want er hoeft maar iets mis te gaan of de klant ziet niks in zijn EPG staan, om maar een voorbeeld te noemen.
Aangezien het aantal apparaten steeds verder toeneemt, terwijl consumenten juist alles overal en op elk gewenst moment wil kunnen gebruiken, is het belangrijk om een beperkt aantal standaards af te spreken. Technicolor is dan ook één van de deelnemers in UltraViolet.

Internationaal

Een breed internationaal perspectief op VoD bood Wendy Bernfeld, oprichter van Rights Stuff. Een relevante aanvulling, want veel buitenlandse platforms zijn of worden hier actief, en Nederlandse partijen zitten ook niet stil op de internationale markt.
Bernfeld signaleerde dat productiebudgetten dalen, maar dat inkomsten uit VoD stijgen. Deze diensten worden dus steeds interessanter. Het geld valt vooral te verdienen dankzij internationale licensing.
De markt is internationaal sterk in beweging, liet Bernfeld zien, met nieuwe spelers en bekende partijen in nieuwe rollen. De britse supermarktketen Tesco heeft bijvoorbeeld VoD aanbieder Blinkbox gekocht, en YouTube geeft tegenwoordig ook opdracht voor producties en trekt daar flink geld voor uit. Ook andere platforms zijn (mede)financier van producties, sociale mediasites mengen zich hierin, en zelfs filmfestivals doen inmiddels aan acquisitie en distributie. Kortom, de Battle for the Livingroom is in volle gang.

Bas Nieuwenhuijsen