Al twintig jaar richt documentairemaker Roy Dames zijn camera op prostituees, penosejongens, pedofielen en andere extreme personages. ‘Ik krijg mijn onderwerpen van de straat, ik voel mij ook thuis op straat.’
Hij hoort niet bij de documentairemakers die aan de Filmacademie zijn opgeleid en wier werkstukken eerst in de cinema worden vertoond voordat ze op televisie komen. En dan meestal bij VPRO, Human of Ikon: omroepen die liefhebbers van de documentairefilm royaal bedienen. ‘Ik wil juist publiek bereiken dat gewoonlijk niet naar documentaires kijkt’, zegt Roy Dames (56). ‘Maar dan zit je wel meteen aan bepaalde onderwerpen vast.’
Zware jongens
De Amsterdamse penose is zo’n onderwerp. Een bijna uitgestorven cultuur, aldus Dames. Al sinds 1992 volgt hij vier zware jongens: Rooie Jos, Dikke Bobbie, Jantje de Sloper en Verbrande Herman. Deze ‘bloedgabbers’ zijn de hoofdpersonen in Foute Vrienden, een Teledoc (lange documentaire, bestemd voor een breed publiek) die de NTR zondag 5 september op prime time (20.20 uur) uitzendt op Nederland 2.
Dames leerde het viertal kennen in zijn vroegere stamcafé in Amsterdam-Oost. ‘Mannen met een klein hartje en toch doen ze verkeerde dingen’, zegt de documentairemaker over de kerels die vol bravoure op camera vertellen dat ze zich ledig houden met ‘inlichtingen, oplichtingen en diverse aanverwante artikelen’. Waaraan Jantje de Sloper dreigend toevoegt: ‘Je moet niet fukken met me, anders moet ik je slaan.’
Dames weet wat dat is. Hij heeft geen reuk meer sinds hij tijdens opnamen in Rotterdam, waar hij het harde leven van heroïnehoertjes vastlegde, van achteren werd belaagd en bewusteloos geslagen. ‘Een jaar ben ik toen heel bang geweest en heb ik niets gedaan, maar daarna won de drang om te filmen toch weer’, zegt de filmer die de laatste jaren steevast alleen werkt, omdat hij dan meteen kan uitrukken bij ontwikkelingen rond zijn personages. ‘Als Verbrande Herman mij belt dat hij moet vluchten omdat collega-criminelen hem willen omleggen, kan ik niet gaan zitten wachten op de geluidsman.’
Alleen
Alleen win je ook makkelijker vertrouwen, zegt Dames. ‘Op die basis maak ik elke film, door heel veel met hen om te gaan’. Als je de zelfkant van de samenleving in beeld wil brengen, zijn rondjes in het café niet genoeg. Dames verhult niet dat hij ook geld betaalt. Geen tienduizenden euro’s, wel duizenden. ‘Als ik aan de film verdien, mogen zij er ook wat aan overhouden. Anders kom je hun wereld niet binnen, zo simpel is het gewoon.’
De betalingen bezorgen Dames geen hoofdbrekens, wel dat zijn personages zich mogelijk groter voordoen dan ze zijn. ‘Ik wist nooit of iets waar was of niet’, zegt hij in zijn film. Dames: ‘Die slag om de arm móet ik houden. Aan de andere kant: ik heb op film dat Herman met één klap een vent neerslaat die volgens hem kinderen heeft misbruikt’. Lachend: ‘Maar ook weer dat hij de deur van een incassobureau wil dicht lijmen en zijn lijm niet deugt.’
Fascinatie
Zijn fascinatie voor mensen die op de een of andere manier niet willen passen in de maatschappij is er al van jongs af, zegt Dames. Al kind wilde hij oorlogscameraman worden. Het werd een studie tropische landbouw. Toen hij de dertig al gepasseerd was, koos hij alsnog voor het filmmetier. In die wereld is hij tot dusverre vooral opgevallen door enkele niet van sensatie gespeende scènes, zoals de beelden van een tippelaarster die een klant in de auto afwerkt, door Dames gefilmd vanaf de achterbank. ‘Wat een kritiek ik daar niet op heb gehad! Maar ik laat gewoon zien wat dagelijks tientallen keren gebeurt op die afwerkplekken’, zegt Dames.
Hij is ook verantwoordelijk voor de ‘televisieroem’ van het vloekende en bekvechtende Rotterdamse echtpaar Tiny en Lau. Waarom hij dat asociale stel een podium heeft geboden? ‘Waarom niet. Mijn opdracht was zoveel mogelijk te laten zien wat er in hun wijk, Indianendorp, gebeurt . Veel bewoners wilden niet meewerken, zij wel. De haat-liefde relatie die zij hebben, is de werkelijkheid.’
Ranzig
Barrières zijn er wat Roy Dames betreft niet. In ontwikkeling is een film over een bejaarde pedofiel. Sinds een jaar of tien gaat de documentairemaker elk halfjaar op bezoek bij de man, die in een bejaardentehuis totaal geïsoleerd leeft, volgens Dames. ‘Hij demonstreert hoe eenvoudig het is om kinderen te lokken. Je kunt zeggen ‘ranzig’, maar het is wél onderdeel van onze maatschappij.’
Of het materiaal ooit uitgezonden zal worden, betwijfelt Dames. ‘Het is zo ongeveer het laatste taboe’, zegt hij. Dezer dagen gaat al zijn aandacht uit naar Mocro’s , een lange documentaire over jonge Marokkanen in Rotterdam-Noord, die eind september op het Nederlands Film Festival in première gaat. Dames filmde de jongens al in 2003 voor een NPS-serie, maar is hen met de camera blijven volgen. Van de zes hoofdpersonen zijn er inmiddels drie afgevallen; zij willen zich niet meer laten filmen. ‘Het zijn jongens die zich in Nederland buitengesloten voelen, in de tram worden ze met de nek aangekeken. Maar in Marokko, waar ik drie weken met hen ben geweest, horen ze er ook niet meer bij, daar zijn ze toeristen. Hun intimiderende gedrag op straat laat ik zien, maar ook de oorzaken daarvan en mogelijke oplossingen. Een belangrijk omslagpunt is als ze gaan trouwen. Dan krijgen ze verantwoordelijkheid.’
Gedurende zes maanden heeft Dames de Marokkanen niet kunnen filmen, omdat de sfeer te opgefokt was. ‘Dat is het nadeel van in je eentje filmen. Het kan heel snel gaan, zo’n groep die zich tegen je keert. Maar dat risico neem ik. Een afstandelijke, observerende documentairemaker wil ik niet zijn.’
Sjak Jansen
Foto: Roy Dames