De publieke omroep krijgt een breed opgezet digitaal mobiliteitsplatform. Met algemene informatie over de arbeidsmarkt, een persoonlijk loopbaangedeelte en een keuze uit professionele bureaus op het gebied van loopbaanbegeleiding.
De arbeidsmarkt in de mediawereld is stevig in beweging, en de vertegenwoordigers van werkgevers en werknemers in de publieke omroep willen op al die ontwikkelingen inspelen. Vorig jaar hebben ze daarom tijdens de CAO-onderhandelingen afspraken gemaakt over maatregelen om medewerkers mobiel te houden en van werk naar werk te begeleiden.
‘Inzet van de gesprekken was destijds loonmatiging en behoud van werkgelegenheid’, zegt FNV KIEM-bestuurder Martin Kothman. ‘Daarom is er onder meer geld gereserveerd voor een centrum om de mobiliteit van medewerkers te stimuleren en te begeleiden.’ ‘Hoewel mogelijke bezuinigingen vanuit Den Haag bij de toenmalige CAO-besprekingen nog geen rol speelden, zagen we ook destijds al dat er grote verschuivingen zouden komen’, vertelt NVJ-bestuurder Marc Visch. ‘Los van wat een nieuw kabinet wil, worden de budgetten anders. Als gevolg van nieuwkomers in het bestel, het groeien van MAX en BNN en het krimpen van andere omroepen en de geld op schema systematiek, moeten veel publieke omroepen rekening houden met een kleinere gegarandeerde financiering.’ ‘Het gaat erom medewerkers blijvend inzetbaar te houden’, stelt Alie Horden, hoofd Personeel, Organisatie & Arbeidsvoorwaarden van de NPO. ‘Het is dus meer dan alleen het opvangen van al dan niet gedwongen verloop, daar ligt niet de nadruk op. We maken een dynamisch platform dat voor alle werknemers belangrijk is, of je nou blijft of uiteindelijk vertrekt.’
Platform
Afspraken maken tijdens onderhandelingen is één ding, ze uitvoeren een ander. Want de ambities moeten wel worden waargemaakt en dat is geen sinecure. Horden: ‘Er zijn in het verleden al initiatieven op dit gebied genomen, maar die hebben niet opgeleverd wat ervan was gehoopt. Dus hebben we onderzoek laten doen naar draagvlak, mogelijkheden en organisatievorm van een nieuw in te richten mobiliteitscentrum.’ ‘Zo’n centrum moet de mobiliteit omroepbreed begeleiden en faciliteren’, voegt Kothman eraan toe. ‘Op een manier die de omroepmedewerkers aanspreekt, dus gebruikmakend van moderne media.’
Uit de bus rolde een advies van het bureau Comenius Consult om een digitaal platform op te zetten, dat uit drie delen bestaat. Er komt een website met algemene informatie over relevante ontwikkelingen, waarop ook stageplaatsen en vacatures te vinden zijn, geïnteresseerde werkgevers zich kunnen presenteren en waar ervaringen met werk en het zoeken daarnaar kunnen worden gedeeld. Verder krijgt het platform een afgeschermd persoonlijk deel, met daarop bijvoorbeeld je eigen entreetest en een persoonlijk advies. In dit gedeelte is ook gerichte informatie verzameld, zoals een format voor een sollicitatiebrief, e-coaching, mogelijkheden om ervaringen met anderen uit te wisselen en een chatfunctie. Het derde deel van het platform bevat informatie over persoonlijke begeleiding door geselecteerde bureaus, die zich hier kunnen presenteren. Door ervaringen te delen, kan er een gebruikersbeoordeling van bureaus ontstaan. Via dit deel kunnen ook allerlei activiteiten worden georganiseerd, zoals speeddates of loopbaancafés.
Zelf
Voor het platform is geen aansluiting gezocht bij bestaande mobiliteitscentra, omdat die volgens de onderzoekers niet aansluiten bij de omroepwereld en de ontwikkelingen die daar spelen. Kothman: ‘We zochten geen traditioneel mobiliteitscentrum, maar wilden iets dat breder is en meer toekomstgericht. Met een algemeen deel dat voor iedereen toegankelijk is, maar ook een persoonlijke portal.’ Dat laatste is zeer belangrijk, benadrukt Kothman, omdat het mensen in staat stelt zelf de regie te voeren. ‘Je hoeft niet af te wachten, je kunt zelf aan de gang. Soms weten mensen nog niet precies wat ze willen. Dat kan ze ervan weerhouden om naar personeelszaken te stappen en een traject te starten.’ Het platform moet medewerkers de mogelijkheid bieden zelf de eerste stappen te zetten.
Het moet er ook toe leiden dat iedereen zich bewust wordt van het belang van mobiliteit, vindt Visch. ‘Het doel is dat mobiliteit tussen de oren gaat zitten van elke omroepmedewerker. Of je baan nou bedreigd is of niet, of je al toe bent aan een nieuwe uitdaging of niet, je moet je voortdurend afvragen wat je verder wilt gaan doen met je loopbaan. Dat wil trouwens niet zeggen dat de afdelingen personeelszaken nu verder achterover kunnen gaan leunen. Dit is alleen een instrument. Loopbaanbegeleiding blijft ook een verantwoordelijkheid van personeelszaken, maar je kunt er dus zelf ook iets aan doen, zodat het initiatief niet alleen bij de organisaties ligt.’ ‘Je moet tijdens je loopbaan tijdig de bakens verzetten’, vindt ook Horden. ‘Solliciteren is nou eenmaal makkelijker als je werk hebt dan wanneer je werkloos bent geworden. Je moet je steeds afvragen wat je meer kunt, vaak blijkt het mogelijk om bijvoorbeeld een zijstap te maken en werk te gaan doen dat net wat anders is dan je deed.’
Verleiden
‘We zullen hiermee natuurlijk niet alle problemen oplossen’, realiseert Visch zich. ‘Als je na jarenlang freelancen net een vast contract hebt gekregen, wil je dat niet zomaar weer opgeven om bijvoorbeeld voor minder geld bij een productiebedrijf te gaan werken. Dat schiet niet op. Het platform biedt wel een systematiek die mensen zelf kunnen gebruiken om van werk naar werk te komen.’
‘Het is altijd goed om eens stil te staan bij je loopbaan en je af te vragen wat je wilt’, voegt Horden daaraan toe. ‘Dat hoeft er niet automatisch toe te leiden dat je van baan verandert, de uitkomst kan best zijn dat je tevreden bent met wat je doet en dat je dat voorlopig zo wilt houden. Naast het mobiliteitsplatform is daarom in de CAO apart geld gereserveerd, zodat alle omroepmedewerkers eens in de vijf jaar een loopbaanadvies kunnen krijgen.’
‘Het platform moet werkgevers en werknemers ertoe verleiden het beste uit elkaar te halen’, zegt Kothman. ‘Dat kun je niet afdwingen, dat moeten ze zelf doen.’
Maar hebben bijvoorbeeld oudere werknemers straks een reële kans op de arbeidsmarkt, hoe hard ze ook werken aan hun employability? Horden, Visch en Kothman zijn er redelijk optimistisch over. ‘Er zijn misschien nog vooroordelen over oudere werknemers’, erkent Horden, ‘maar de tijd dat ze geen kans maakten, is voorbij. Leeftijd telt niet meer zo, er wordt veel meer gekeken naar expertise, ervaring en enthousiasme.’ ‘Je ziet dat het steeds makkelijker wordt om van de ene omroep naar de andere te gaan’, zegt Visch. ‘Mensen die Pauw & Witteman maken, kunnen ook heel goed voor Knevel & Van den Brink werken.’ Kothman wijst erop dat werkgevers hierin een iets andere verantwoordelijkheid hebben dan de werknemers. ‘Je kunt niet afdwingen dat elke medewerker die bij een omroep wordt ontslagen bij een andere in dienst komt. Maar werkgevers hebben een centrale zorg voor hun werknemers, die houdt niet op bij de eigen voordeur, zeker niet als je deel uitmaakt van een netwerk zoals de publieke omroep.’
Het digitale mobiliteitsplatform is er nog niet. Momenteel wordt een manager gezocht (zie de vacature elders in deze editie), die het platform op poten moet zetten. Zo spoedig mogelijk.
Bas Nieuwenhuijsen