Eileen Ros (24) studeerde Sociologie en Culturele Antropologie, maar heeft al van jongs af aan interesse in journalistiek. Sinds 2008 is ze redacteur bij Z Magazine, de daklozenkrant van Amsterdam. Eerder dit jaar werd ze gevraagd om zich bij de hoofdredactie te voegen.
Je bent pas 24 jaar en nu al hoofdredacteur van Z Magazine. Is dat niet gek?
Ja, dat is heel vreemd. Na de redactievergadering op donderdagavond fiets ik met al die oude mannen van de redactie langs de rij bij discotheek Paradiso. Dan vraag ik me af waar ik eigenlijk bij hoor: bij die rij of bij de groep waarmee ik fiets? In het begin voelde ik me wel onzeker, omdat de redactie bestaat uit ervaren mensen met veel journalistieke ervaring en ik pas kwam kijken.
Waarom ben je dan gevraagd denk je?
Ik denk omdat het magazine net als de publieke omroep aansluiting moet vinden met de nieuwe generatie, de mensen die het blad lezen, zijn over het algemeen iets ouder dan 25. Het feit dat ik de jongste ben, geeft een beetje aan dat ze vinden dat er een frisse wind moet komen.
Naast het hoofdredacteurschap schrijf je ook nog artikelen. Op welk stuk ben je het meest trots?
De artikelen waarvan ik van tevoren niet weet of het gaat lukken. Geheimzinnige onderwerpen, of een beetje tussen het legale en illegale in. Op het moment dat iets geheimzinnig is, wil ik echt weten wat het is en heb ik geen angst. Een tijdje geleden heb ik een artikel geschreven over een bordeel op de Overtoom in Amsterdam. Van de eigenaar moest ik zo min mogelijk opvallen en dus het liefst met zo weinig mogelijk kleding aan aan de bar gaan zitten, maar dat ging me te ver. Ik ben redelijk preuts ingesteld en wilde daar best zijn, maar dan als ‘vlieg op de muur’.
Oké, je zat daar niet in bikini dus, maar ben je die grens wel eens overgegaan?
Nou… Ik ben wel bijna gedoopt tot Jehova’s Getuige. Ik moest voor mijn scriptie sociologie nog een onderwerp bedenken toen een Jehova’s Getuige bij mij thuis aanbelde. Ik greep mijn kans en deed me voor als geïnteresseerde student met katholieke wortels en heb drie maanden met ze meegelopen. Er waren zeker momenten dat ik me afvroeg of ik niet te ver ging. Op een gegeven moment kwam ter sprake dat ik gedoopt moest worden om langs deuren te gaan. Dat was voor mij de grens, het had totaal geen relevantie en ik wist voor mijn scriptie genoeg na drie maanden meelopen.
Waarom wil je eigenlijk steeds de grens opzoeken?
Ik denk dat het voortkomt uit nieuwsgierigheid naar de mens in het algemeen. Dat heb ik altijd al gehad en dat weerhoudt mij van bijna niks.
Die nieuwsgierigheid kon je na de middelbare school prima bevredigen met een studie journalistiek. Waarom koos je daar niet voor?
Ik was heel nieuwsgierig en wilde weten hoe de samenleving in elkaar zat. Op dat moment vond ik meer antwoorden bij de studie sociologie. En het klinkt misschien een beetje arrogant maar ik dacht: ‘Dat journalistieke komt wel’. Dat leerde ik liever met vallen en opstaan door tijdens mijn studie voor krantjes te schrijven.
Die praktijkervaring heeft je mooi een baan bij Z Magazine opgeleverd. Heb je het roer omgegooid toen jij hoofdredacteur werd?
Natuurlijk zijn er dingen die ik anders zou willen. Ik hou niet van het woord hip, maar ik neig toch wat meer naar het BNN-achtige. Er staan ook meer artikelen in over jongeren nu. Vroeger waren de meeste verhalen wat indirecter geschreven een beetje filosofisch. Nu is het minder literair en meer reality.
Over reality gesproken: dit voorjaar was het programma Stinkend Rijk en Dakloos op tv. Welke tip heb je voor de makers ervan?
Ik zou wat meer verborgen camera-achtig te werk zijn gegaan, toen ze de straat op gingen met de miljonair en de dakloze. Door de cameraploeg eromheen, werd het minder rauw. Voor de rest vond ik het eigenlijk wel goed hoe het was.
Welk beeld krijgen kijkers door dat programma van daklozen?
Een positief beeld denk ik. Ik vond het heel mooi, omdat ze een soort gezicht gaven aan zowel de dakloze als aan de miljonair. Ik had zelf ook de nodige vooroordelen over miljonairs; die zijn helemaal weg. Ik kan me voorstellen dat de vooroordelen die je hebt over daklozen ook een beetje weggaan. Want je leert echt respect te hebben voor die mensen.
Stel: je hebt een tip voor een programma voor de publieke omroep. Wat zou die tip zijn?
Die heb ik al, maar dat ga ik jullie niet vertellen. Het komt ergens in een rubriek... Maar dat is echt… Nee, ik ga het niet zeggen.
Oké, je hoeft je format niet weg te geven. Kan je dan wel aangeven wat er volgens jou mist in de media in Hilversum?
Om een klein beetje in te haken op Stinkend Rijk en Dakloos en wat ik in mijn stukken ook probeer te doen: meer gezicht te geven aan dingen die nog geen gezicht hebben. Maak een vette serie over jongeren in Spangen of Slotervaart. Ga buurthuizen of speeltuintjes in waar ze elke dag wodka lopen te drinken of jointjes zitten te roken. Iets meer durf en teruggaan naar wat je moet doen als journalist of tv-maker: risico’s nemen en kijken wat het oplevert.
One'sy muller en Vinny Jones