overig

Amsterdam steeds meer brandpunt van creatieve industrie?

Hilversum noemt zich wel de mediastad van Nederland, maar hoe ziet men dat in andere steden met een sterke creatieve industrie, zoals Amsterdam? Een gesprek met de Amsterdamse wethouder Carolien Gehrels, onder meer verantwoordelijk voor cultuur, media en bedrijven.

 

De nieuwste cijfers over de creatieve industrie (media, reclame, productiebedrijven, gaming, gerelateerde ICT etc.) schetsen een duidelijk beeld. De werkgelegenheid in deze sector krimpt in Hilversum, maar groeit in Amsterdam. Volgens professor Paul Rutten van de Universiteit Leiden, medeverantwoordelijk voor de Cross Media Monitor waaruit de cijfers komen, zit de klad vooral in uitgeverijen en omroepen, en die laatste zijn nou eenmaal traditioneel vooral in Hilversum gevestigd. De groei in de sector komt hoofdzakelijk van ZZP’ers en kleine bedrijven, zoals ontwerpers, schrijvers, producenten en freelance journalisten. En die zitten graag in Amsterdam.

Inmiddels is de creatieve industrie in de stad uitgegroeid tot een factor van belang voor de economie, vertelt Gehrels. ‘Het gaat om zeven procent van de werkgelegenheid hier, dat weegt zwaar. En het is stijgende, ondanks de crisis.’ De wethouder bevestigt dat de groei vooral bij kleine zelfstandigen zit, maar vindt die verklaring wel iets te beperkt. ‘Mensen beginnen voor zichzelf, maar er zit ook gewoon veel creatieve kwaliteit in de stad.’ Als voorbeeld wijst ze op de reclamesector. ‘Bijna alle campagnes voor merken als Puma, Nike en Adidas worden hier aan de gracht bedacht om maar wat te noemen. De bal die bij het WK voetbal in Zuid-Afrika wordt gebruikt ook.’

 

Allure

Amsterdam heeft dus aantrekkingskracht. Eerlijk is eerlijk: Hilversum mist de allure van een wereldstad die Amsterdam wel heeft, met theaters, musea, monumenten, grachten, parken en een uitgaansleven waar het dorp in het Gooi niet tegenop kan. Geen groot wonder dus dat RTL overweegt te verhuizen en dat de AVRO (die zich profileert op kunst en cultuur) onlangs bekend maakte in de stad een vestiging te willen openen.

Het kost Gehrels, die zich in het verleden onder meer heeft beziggehouden met city marketing, weinig moeite om de pluspunten van haar stad op te sommen. Te beginnen met stedenbouwkundige aspecten: ‘Amsterdam heeft schaal, structuur, is compact en goed bereikbaar.’ Dat laatste zal misschien niet elke automobilist haar nazeggen, maar files staan er ook in en om Hilversum, en de openbaar vervoersmogelijkheden zijn met trein, bus, tram en metro in de hoofdstad zonder twijfel groter. Maar dat is natuurlijk niet alles. Gehrels: ‘We hebben hier ook een cultuuraanbod van wereldklasse tegen betaalbare prijzen.’ Denk bijvoorbeeld aan het Koninklijk Concertgebouw, de Nederlandse Opera en het Rijksmuseum, om maar een greep te doen, vergelijk dat met andere wereldsteden en de prijzen van toegangskaartjes daar, en je moet concluderen dat ze een punt heeft. Amsterdam is ook mooi, voegt de wethouder eraan toe. ‘Het heeft een natural beauty, met de grachten en parken. Het Vondelpark is de grootste attractie hier, daar komen 10 miljoen mensen per jaar. En de sfeer in de stad, vrijheid, tolerantie, overal cafés en restaurants. Dat is aantrekkelijk voor creatieve mensen.’ Bovendien is er een goede infrastructuur voor de sector. ‘We hebben snel internet, helemaal als in de toekomst het glasvezelnet klaar is en overal wireless verbindingen zijn.’

Gehrels wijst erop dat de sector vooral jonge mensen aantrekt, die graag deel uitmaken van de grote stad. ‘Amsterdam heeft een thrill factor. Je kunt in het Vondelpark zitten, op je laptop werken en met je mobiele telefoon een pizzakoerier laten komen.’

 

Nerds heaven

Het verbaast Gehrels dus niet dat bedrijven zich graag in de stad vestigen. ‘Toen Endemol ging verhuizen, hebben twee zaken de doorslag gegeven, hebben ze mij verteld. Eén was de vraag waar het talent zit dat ze zoeken. De tweede was de bereikbaarheid voor die mensen. Als je niet in de file hoeft te staan maar op de fiets naar je werk kunt, voegt dat iets toe aan de kwaliteit van leven.’

Natuurlijk heeft het stadsbestuur een en ander niet aan het toeval overgelaten, er is gericht beleid gevoerd om deze bedrijvigheid in Amsterdam te krijgen en te houden. ‘Toen de banken en dergelijke naar de Zuidas vertrokken, is gekeken wat er met de binnenstad moest gebeuren. Sinds tien jaar ligt daarbij een nadruk op de creatieve industrie en op bepaalde delen daarvan, zoals bijvoorbeeld de mode. Maar ook nieuwe media en technologie, denk aan Waag Society en het Picnic-evenement, dat is uitgegroeid tot een belangrijk platform daarvoor en dat wereldwijd erkenning krijgt. De Westergasfabriek. In de ogen van bijvoorbeeld Amerikanen is Amsterdam echt nerds heaven.’

Daarbij wordt nieuw talent gestimuleerd met behulp van broedplaatsen. ‘Ons beleid is bijzonder in Europa, dat komt nog uit de krakers-tijd’, verklaart Gehrels. ‘Toen in de jaren negentig de IJ-oevers werden ontwikkeld, moest de krakers die daar in oude pakhuizen en dergelijke zaten een plek krijgen. Er zijn afspraken gemaakt: als de krakers eruit gingen, zou de stad het gebouw opknappen en er een hotspot voor creativiteit van maken. Bijvoorbeeld Pakhuis De Zwijger, waar nu onder meer De Cultuurfabriek in zit. Veel van die projecten zijn bottom up gerealiseerd, dat werkt het best, daardoor leeft het.’

Daarnaast zitten er veel opleidingen in de stad, die voor de creatieve industrie van belang zijn. Al heeft de wethouder nog wel een wens op dat gebied. ‘Ik mis nog een creatieve topopleiding op wereldniveau. Een combinatie van arts, business en technology, daar is een niche voor. Daar zou je iconen aan moeten verbinden, iemand als DJ Tiësto bijvoorbeeld.’

 

Regio

Gehrels kijkt verder dan de grenzen van de stad. ‘Ik voel veel voor samenwerking binnen de regio, en die neem ik dan ruim. Amsterdam, Hilversum, maar ook Amstelveen, Haarlem, Zaanstad en Almere bijvoorbeeld. We zouden samen kunnen kijken naar factoren waardoor bedrijven zich ergens willen vestigen. Daarbij kunnen we heel goed complementair zijn, daarover hebben pas nog een regionaal overleg gehad. Laat Hilversum zich maar profileren als Amsterdam-Oost, dat doet Utrecht ook in het buitenland. Dat betekent absoluut niet dat we zeggen: wij willen als Amsterdam alles hierheen halen en de rest houdt niets over. Hilversum is geen slaapstad en zal dat ook niet worden door samen te werken binnen de regio. Dat is alleen maar goed voor de werkgelegenheid. Er zijn natuurlijk wel verschillen tussen de steden, maar we moeten samen de regio een economische impuls geven. En dan maakt het niet zo heel veel uit waar RTL of een ander bedrijf precies zit.’

 

Bas Nieuwenhuijsen