Columns

Römer: Home trainer

Elk baantje heeft wel specifieke geneugten. Zelfs het netmanagement. Daar krijg ik tegenwoordig een behoorlijk betere conditie van.

Teamsport is aan mij niet besteed. In elke geval niet om zelf te doen. Passief kan ik er enorm van genieten. Voetbal, volleybal, hockey, waterpolo. Zelfs korfbal op zijn tijd, mits goed uitgevoerd, valt te verteren. Het samenspel op hoog niveau in combinatie met een uitgekiende tactiek, geeft mij veel kijkplezier. Het doet natuurlijk denken aan onze vroegere jachtpartijen, waarbij wij als zwakke individuen toch echt heel goed moesten samenwerken om die mastodonten uiteindelijk aan het spit te kunnen rijgen. Dat vermogen tot gegroepeerd samen-werken hebben we zelfs zo verfijnd dat het ons ook reuze van pas kwam bij allerhande conflicten. Stammenstrijd en zo. Achteraf niet de meest leuke ontwikkeling, maar we zitten er wel mee opgescheept. Als ik de kranten lees en de journaals volg, dan denk ik ook dat we daar voorlopig nog niet van af zijn. Vrij naar Cruyff: elk voordeel heb ook zijn nadeel.

Actief ben ik niet voor geschikt voor welke teamsport ook. Zolang het meezit is er weinig aan de hand, maar zodra de kansen keren word ik knap chagrijnig van de fouten die mijn teamgenoten maken. Mijn eigen fouten zijn al erg genoeg, maar die kan ik alleen mezelf verwijten. De fouten van mijn teamgenoten, zeker als die leiden tot verlies, zijn voor mij nauwelijks te verteren. Niet tegen je verlies kunnen, is in mijn geval te zwak uitgedrukt. Ik haat het. Dan komt er bij mij gedrag naar boven dat ik zelf verafschuw. Niet mooi om mee te maken. Mijn moeder heeft ooit maanden lang niet met mij willen kaarten – hartenjagen, klaverjassen en canasta waren bij ons in de familie dagelijkse kost – omdat ik alleen wilde samenspelen met mijn vrouw en omdat ik mijn verlies of fouten grandioos op haar botvierde. Mijn vrouw heeft dat altijd lijdzaam ondergaan, een duidelijker bewijs van haar onmetelijke liefde heb ik nooit gevonden. Tot mijn moeder zei: tot hier en niet verder. Ik heb maanden niet gekaart, tot het gemis zo groot werd dat ik voor mijn gevoel geen andere keus had dan mijn onsportieve gedrag te beteugelen en om te buigen. Dat is uiteindelijk redelijk gelukt. Nog steeds kan ik niet tegen mijn verlies, maar het ongenoegen daarover botvier ik zelden nog maar op anderen.

Ik heb mij – behalve bij het kaarten – dus al snel geworpen op de individuele sporten. Maar ja, hoe gaat het in het leven? Meer werk, meer kinderen, meer sociale verplichtingen, allemaal excuses om steeds minder te gaan sporten. De ware reden is natuurlijk gewoon gebrek aan ruggengraat en discipline, maar dat klinkt weer zo cru.

Sinds ik op een goede dag ben omgevallen, vond mijn cardioloog het toch verstandig om weer sportief actief te worden. Ik zag het mezelf niet meer doen: joggen, squashen, tennis. Het trok me niet meer en het beangstigde me ook een beetje.  Doseren en inhouden zijn nu eenmaal niet mijn sterkste kanten. Ik koos voor de hometrainer. Een fiets-modelletje. Dat gaat best aardig, alleen hoe breng ik die tijd door?

Dat ding staat voor een TV, bij gebrek aan voldoende levende natuur in huis, maar op de momenten dat ik fiets valt er te weinig naar mijn smaak te zien. Een koptelefoon maakt me duizelig, geen idee waarom, maar het is zo, dus muziek valt af. Noodgedwongen keek ik dus tv-series onder het fietsen. Leuk, maar een serie vind ik pas echt fijn kijken met z’n tweeën. En er dan over kleppen. Mijn vrouw vond het uiteindelijk minder geslaagd om bij elke fietssessie verplicht in de slaapkamer te moeten zitten en meekijken. In het begin – om mij te supporteren bij mijn inspanningen of om een oogje te houden op mijn veiligheid – ging het wel. Maar naar mate de tijd vorderde kreeg zij toch weer meer behoefte aan haar eigen dagindeling. Daar valt iets voor te zeggen. En toen was daar het netmanagement. Met als bij-effect dat ik allerlei prachtige documentaires cadeau begon te krijgen. Kunst, architectuur, reizen, bijzondere mensen, geschiedenis, ik ga niet eens proberen compleet te zijn. Zo veel, zo mooi en het meeste Nederlands product. Doorgaans in lengte prima passend bij mijn huiselijke fietssessies. Ik blij. Mijn vrouw blij. Mijn cardioloog blij. Wat wij in Nederland jaarlijks produceren en uitzenden aan documentaires, vooral bij de publieke omroep, is enorm veel en van hoge kwaliteit. Wat een geweldige makers hebben wij toch. Dat is iets om trots op te zijn. Hoe zonde zou het zijn wanneer die documentaires en de gehele bedrijfstak daarachter, simpelweg weggesaneerd zouden worden? Want daar komt drastisch bezuinigen bij de publiek omroep wel op uit. Misschien dat het allemaal niet direct omvalt, maar als je het maar genoeg marginaliseert sterft het vanzelf af. Dat zou eeuwig zonde zijn. Al was het maar vanwege mijn fietssessies.