overig

Journalisten doen er goed aan hun eilandjes te verlaten

Kunnen journalisten het nog alleen af of moeten ze samenwerking zoeken met andere media en burgers? Die vraag stond centraal tijdens het lunchgesprek op het publieke omroepfestival NPOX09, dat maandag 16 november jongstleden werd gehouden.

 

Kranten en tijdschriften lopen slecht, de publieke omroep is afhankelijk van de goedwillendheid van Den Haag en burgers worden met hun blogs en internetfilmpjes een steeds grotere concurrent voor de gevestigde journalistiek. Journalisten moeten hun eilandjes verlaten en de blik naar buiten richten. Daarover waren de deelnemers aan het NPOX09-festival het in grote lijnen wel eens, maar hoe die samenwerking eruit moet zien, dat is een andere vraag.

 

Streng geselecteerde journalisten

Opvallend was dat aan samenwerking met burgers niemand veel woorden vuilmaakte. De enige die het erover had was oud-Midden-Oosten-correspondent van het NOS Journaal Thomas Loudon. Sinds hij bij het Journaal weg is, exploiteert hij de internetsite vjmovement.com, waarop iedereen zijn ideeën voor video-verhalen kwijt kan. Iedereen, dus ook burgers. ‘Maar', waarschuwde Loudon, ‘wij bedrijven geen burgerjournalistiek, want daarvan kun je de kwaliteit niet garanderen. Als er bruikbare tips van burgers komen, worden die uitgewerkt door profs. Wij werken met streng geselecteerde journalisten uit de hele wereld.'

Loudon kwam op het idee voor vjmovement nadat hij bij het Journaal had gemerkt dat voor bepaalde verhalen geen interesse was. ‘Als in Iran studenten werden gearresteerd, had Hilversum grote belangstelling, maar als hetzelfde gebeurde in Egypte, hoefde ik er geen aandacht aan te besteden. Dat vond ik vreemd. Alsof studenten-arrestaties alleen maar iets Iraans zijn. Bovendien ligt Egypte dichter bij Nederland dan Iran.'

Onder het motto There is more than one truth probeert vjmovement zoveel mogelijk kanten van de medaille te laten zien. ‘We zijn niet afhankelijk van een sterk sturende Hilversumse redactie. In onze newsroom kan iedereen zijn verhaal kwijt.'

 

Kleinschaliger

Een kleinschaliger journalistiek samenwerkingsverband speelt zich af, of beter gezegd heeft zich sinds 2003 afgespeeld, tussen Het Financieele Dagblad en NOVA. Beide partijen leken aanvankelijk belang te hebben bij de samenwerking, legde Siem Eikelenboom van het FD uit. ‘Wij zouden als kleine krant meer exposure kunnen krijgen dankzij NOVA, en de actualiteitenrubriek zou gebruik kunnen maken van onze financiële expertise.'

Toch verklaarde hij het experiment als min of meer mislukt. ‘Het heeft een paar onthullende reportages opgeleverd, maar vaak bleef de samenwerking beperkt tot het vragen van telefoonnummers aan de FD-redacteur, die tijdelijk op de NOVA-redactie was gestationeerd, of een verzoek om jaarcijfers te analyseren. Dat zijn dingen die NOVA zelf zou moeten kunnen. We hadden betere afspraken moeten maken.'

Mislukkingen weerhielden NRC-columnist en hoogleraar journalistiek Marc Chavannes er niet van in een videoboodschap samenwerking dé motor voor de journalistiek van de toekomst te noemen. Met de hete adem van de burgerjournalistiek in de nek, zullen journalisten volgens hem harder moeten lopen dan ooit. Niet door agendajournalistiek te plegen (`partij a zegt dit en partij b dat, en dat is het dan'), maar door zich te specialiseren (‘niet één, maar tien gezondheidszorg-specialisten') en te verdiepen. ‘Kranten en tijdschriften zullen daartoe op basis van permanente ad hoc-constructies met de publieke omroep moeten samenwerken.'

 

Avant la lettre

Een van de eerste samenwerkingsverbanden op dat gebied is Cinema.nl van de VPRO en de Volkskrant, een crossmediaal platform avant la lettre. Redacteur Tibor Dekker vertelde dat de samenwerkende partijen in het begin bewust de grenzen van de mediawet hebben opgezocht om erachter te komen wat wel en niet mocht op het gebied van publiek-private coöperatie. Afgezien van praktische problemen als verschillende deadlines en dergelijke, is de samenwerking vanaf het begin vruchtbaar geweest omdat, zoals Dekker het verwoordde, de Volkskrant en de VPRO dicht bij elkaar liggen.

 

Vraagtekens

Piet Bakker, lector crossmedia content aan de Hogeschool Utrecht, zette grote vraagtekens bij crossmediale samenwerking. ‘Het probleem is over het algemeen dat er één grote partij is en dat de andere er een beetje bij bungelt. Verder moet er ontzettend veel overlegd worden. Ik geloof dat de gewone kranten- en tv-journalistiek los van elkaar nog wel degelijk toekomst hebben. Ze zijn goed in hun eigen ding en er zijn maar heel weinig mensen die goed zijn in vijf dingen. Crossmediale projecten zullen blijven ontstaan, maar ik verwacht er niet al te veel van.'

Volgens Bakker zullen de oplages van de kranten weliswaar nog verder dalen, maar zal het aantal deelabonnementen groeien. ‘Ik zie afgeslankte redacties, die veel zullen outsourcen, bijvoorbeeld de layout naar India. Dat is het toekomstperspectief.'  

Jan 't Hart, adjunct-hoofdredacteur van de Volkskrant, stipte aan dat crossmediale projecten vooral buiten het bereik van managers moeten blijven, want dat is vragen om problemen. ‘In onze samenwerking met Pauw en Witteman zijn het de redacteuren die met elkaar praten, niet de managers. De samenwerking heeft voor ons allebei meerwaarde. Onze redacteur kent de politieke situatie in Venlo en daar kunnen Pauw en Witteman weer hun voordeel mee doen. Maar dan moet je natuurlijk wel genoemd worden in de uitzending.'

 

Willem Pekelder