Opmerkelijk snel - binnen een jaar tijd - zijn de programmamakers erin geslaagd om de negatieve trend op Radio 1 om te buigen. Dit voorjaar is het het luistertijdaandeel voor het eerst sinds mei 2007 weer boven de zeven procent gekomen. Ook de luistertijd per dag steeg, van twee uur en negen minuten vorig jaar naar twee uur en een kwartier dit jaar. Maar de buit is nog niet binnen, realiseren zich de betrokken partijen. ‘Radio 1 heeft nog steeds teveel verschillende gezichten.'
‘De luisteraar heeft het gevoel dat hij altijd op de hoogte blijft', stelde zendermanager Laurens Borst in de vorige Spreek'buis. Volgens hem heeft de stijging van het luistertijdaandeel van de nieuws- en sportzender veel te maken met het feit dat alle programma's nu live worden uitgezonden. Als er iets gebeurt, kan de redactie van het NOS Radio 1 Journaal direct ‘inbreken' met nieuwsflitsen. Volgens Borst gebeurt dat zo'n vijf tot zes keer per dag. ‘Het inbreken op zich vinden wij een belangrijke verbetering. Het versterkt het newsy karakter van de zender', bevestigt Marcel Gelauff, plaatsvervangend hoofdredacteur van de NOS Nieuws. Om daar meteen aan toe te voegen dat de praktische uitvoering beter kan. ‘Wij kunnen onszelf bijvoorbeeld nog wel verbeteren in de momenten van inbreken. Als je het vlak voor een NOS Journaal doet, moet je echt wel groot nieuws hebben. Anders geeft het snel een gevoel van herhaling.'
Ook in zijn ‘eigen' programma ziet Gelauff ruimte voor verbetering. Bijvoorbeeld in de ochtendeditie van het NOS Radio 1 Journaal. ‘We denken na over het afschaffen van Het Filiaal (waarin een verslaggever zich rechtstreeks meldt vanaf een voorgeproduceerde locatie, red.). Na al die jaren willen we dat veranderen in een andere vorm. Welke? Daarover denken we nog na. Maar in elk geval vinden we het handhaven van het live-karakter, van erbij zijn en als luisteraar het onderwerp meemaken erg belangrijk', zo stelt hij. ‘En we willen graag meer reportages. Zodat de levendigheid toeneemt. Maar in de praktijk is dat lastig.'
Concurrentie
Minder concreet is Gelauff over de avondeditie van het NOS Radio 1 Journaal, ook al is dat nou juist één van de weinige programma's die het laatste jaar luisteraars heeft ingeleverd. ‘We zijn in gesprek over het format. Met name het laatste half uur. Maar daar zijn we nog niet uit. Het is een lastig tijdstip door de toenemende concurrentie van tv en internet', aldus de plv. hoofdredacteur. Dave Kentie, directeur radio bij BNN bevestigt de problemen met het tijdstip. Het programma BNN Today - elke avond tussen 20 en 22 uur op Radio 1 - heeft het aantal luisteraars weten op te schroeven van 43 tot 46 duizend, maar blijft veruit het slechtst beluisterde programma van de zender. ‘BNN Today heeft in absolute zin inderdaad het minst aantal luisteraars. Als je kijkt naar de marktaandelen (luistertijdaandeel) is dat echter bepaald niet het geval. Aangezien de avond het domein van tv is, alle radiozenders daar last van hebben en wij ook nog eens op de prime time van tv zitten, is het wel verklaarbaar dat we in absolute zin minder luisteraars scoren dan anderen', aldus Kentie.
Ondanks de concurrentie wil de directeur Radio van BNN de strijd niet opgeven. Zo voerde hij eerder al een aantal belangrijke veranderingen door. ‘We richten ons niet langer alleen op jongeren, hebben het programma ‘newsier' gemaakt door dichter op het nieuws te gaan zitten met onze onderwerpen en minder dan voorheen echt de achtergronden in te duiken', aldus Kentie. Ook de presentatie is eenduidiger met vier dagen in de week Willemijn Veenhoven en een keer Sophie Hilbrand. ‘We willen dan ook voort op de ingeslagen weg. Maar er zijn zeker nog mogelijkheden voor verbetering. We kunnen hier en daar best wat kritischer zijn en kunnen ook nog verder werken aan de nieuwsuitstraling van het programma.'
Mexicaanse griep
Never change a winning team. Dat lijkt kort samengevat de mening van een van de grote winnaars op Radio 1, Kunststof. Hoewel ook het dagelijkse cultuurprogramma van de NPS de concurrentie van tv moet voelen tussen 19.00 en 20.00 uur, is het aantal luisteraars sinds maart 2009 voor het eerst sinds jaren weer terug boven de honderdduizend. ‘Ik denk niet dat we het boven verwachting goed doen. Ik heb altijd het gevoel gehad dat we constant boven de honderdduizend luisteraars kunnen zitten', stelt eindredacteur Frans Kotterer. ‘Feit is dat de interviewers - Petra Possel, Jellie Brouwer en Frénk van der Linden - steeds beter worden. Dat is geen mening maar een feit. In de laatste programmamonitor scoorden ze ook hoger dan vorig jaar.'
Waar Kunststof al heel lang aan de weg timmert, is het misschien nog wel opmerkelijker dat ook het gloednieuwe AVRO-programma De Praktijk het zo goed doet - met direct een gemiddelde van 162.000 luisteraars tussen 13.30 en 14.30 uur. ‘De presentator, Jan Mom, en de redactie zijn hartstikke goed. Maar daarnaast natuurlijk het thema: gezondheid. En breder: kwaliteit van leven. Dit is een thema wat iedereen na aan het hart ligt en waar bijna iedereen als van nature belangstelling voor heeft', verklaart eindredacteur Niels Wensing. ‘De actualiteit in de berichtgeving staat voorop want we zitten nu eenmaal op Radio 1. We volgen niet alleen de waan van de dag, maar maar houden grotere ontwikkelingen ook structureel bij. Denk bijvoorbeeld aan de ontwikkelingen in de AWBZ of de uitgebreide berichtgeving over de Mexicaanse griep.'
Klappen
Wensing noemt nog een eenvoudige, maar belangrijke reden voor de goede beluistering van De Praktijk: ‘Het programma is horizontaal geprogrammeerd. De luisteraar weet wat hij kan verwachten.' Daarmee raakt de eindredacteur van de AVRO aan de discussie over het dóór-luisteren. Een jaar geleden was dat nog de achilleshiel van Radio 1. Uit onderzoek bleek toen dat veel luisteraars afhaakten, vooral na de ochtendeditie van het NOS Radio 1 Journaal. Het achtergrondprogramma De Ochtenden van VPRO en EO werd een stuk minder goed beluisterd, hoewel de kentering van het aantal luisteraars destijds al na het nieuws van 8 uur inzette.
Die ontwikkeling lijkt nu gestopt, zegt Fred Sengers, eindredacteur van KRO's Goedemorgen Nederland, het programma dat nu wordt uitgezonden tussen 9.30 en 10.30 uur. ‘We hebben een format ontwikkeld dat specifiek bedoeld is om doorluistering te bevorderen en dat qua toon en tempo bij de ochtend past. Het is geweldig dat dit helemaal gelukt is. Ik had verwacht dat de ochtend een paar maanden klappen zou krijgen omdat een nieuwe programmering vrijwel altijd tot een zekere ontevredenheid bij een groep luisteraars leidt. Natuurlijk word je onder het vergrootglas gelegd door de luisteraar en de media als het gaat om zaken als vermeend gebrek aan diepgang. En, laten we wel zijn, De Ochtenden was een vakkundig gemaakt programma dat onmiskenbaar ook fans had. Maar eigenlijk zaten we vanaf het begin met de ochtend in de lift. Op een gegeven moment is de KRO-directie maar gestopt met op taart trakteren.'
Crosstalk
De buit lijkt binnen op Radio 1. Maar is dat niet, zo realiseren alle betrokkenen zich. Zo meent Sengers dat het succes van Goedemorgen Nederland voor een flink deel afhankelijk is van de mensen die na de ochtendeditie van het NOS Radio 1 Journaal blijven hangen. ‘Gelukkig lijkt het Radio 1 Journaal zich na een wijfelend begin te herstellen. En ik ben ervan overtuigd dat een vast presentatiekoppel op werkdagen voor een hechtere band met de luisteraar zorgt dan de wisselende koppels die we tot nu toe aan het werk hebben gehoord. Het kan dus mogelijk nog beter worden', aldus Sengers. Die tegelijkertijd benadrukt dat de programmamakers op Radio 1 niet alleen ‘s ochtends, maar ook ‘s middags en ‘s avonds aan crosstalk moeten doen. Dat wil zeggen: van het ene naar het andere programma doorverwijzen. ‘Dat werkt echt. Houd de nieuwsflitsen lekker kort en betrek daar de presentator van dienst in. Nu geeft de presentator over aan de nieuwslezer die weer aan een verslaggever overgeeft of een woordvoerder spreekt. Dat kan korter en logischer. Misschien moet het halfuursbulletin ook wel iets korter.'
‘We moeten de programma's beter op elkaar afstemmen', stelt AVRO-eindredacteur Niels Wensing. ‘Er zijn nog teveel dubbelingen op de zender.' Dave Kentie van BNN gaat een stapje verder en spreekt over een ‘lappendeken van programma's'. ‘En', vervolgt hij, ‘ook het gevoel wat hoort bij een nieuwszender (die je aanzet als er iets aan de hand is - en dan ook van de hoed en de rand weet) is nog zeker te verbeteren. Radio 1 heeft nog steeds teveel verschillende gezichten. Bij Radio 2 of 3 FM weet je altijd wat je krijgt. Die zenders zijn op elk moment van de dag herkenbaar. Zonder de kwaliteit van de journalistiek geweld aan te doen moet het mogelijk zijn om het station meer als een zender te laten klinken en daarmee de luisteraar meer te bedienen. Daarnaast ben ik er voor om Radio 1 breder te benaderen. Eigenlijk zou het een nieuwsmerk moeten zijn met verschillende uitingsvormen. Meer dus dan alleen een radiozender (radio, internet, mobiel, beeld).'
Jeroen Dirks